Operation Manual

Bij het bedienen van het hoogteroer loopt de aan uitgang 8 aangesloten servo mee. De
hoogteroertrimming heeft effect op beide servo’s.
Een stuurelement, dat aan de uitgang 8 in het menu “instelling stuurelement” is toegewezen, is
uit veiligheidsoverwegingen softwarematig van servo “8” losgekoppeld.
Voor de aansluiting van de servo’s aan de ontvanger zie de aanwijzingen op de bladzijden 37 e.v.
rolroer/welfkleppen
In dit menupunt stelt u het aantal vleugelservo’s in, dat zich in het in te programmeren model bevindt.
U kunt kiezen uit: bezet stuurkanaal
“1 RR” 2
“2 RR” 2 + 5
“1 RR 1 WK” 2 / 6
“2 RR 1 WK” 2 + 5 / 6
“2 RR 2 WK” 2 + 5 / 6 + 7
“2 RR 4 WK” 2 + 5 / 6 + 7 / 9 + 10
Afhankelijk van het gekozen aantal, worden in het menu vleugelmixers” (bladzijde 110) de telkens benodigde functies en
bijbehorende instelmogelijkheden aangemaakt.
Tips:
In het menu “vleugelmixers” (bladzijde 110) kunnen de welfkleppenposities voor alle vleugelkleppen-paren (RR, WK en
WK2)vliegfasen-afhankelijk getrimd worden.
De welfkleppenfunctie van alle vleugelkleppen-paren (RR, WK en WK2) kan ook via de “gas-/remkleppenstuurknuppel”
worden bediend, inzoverre deze niet voor een ander doel, b.v. voor bepaalde reminstellingen, zie menu “vleugelmixers”
(bladzijde 110) gebruikt wordt. Daarvoor moet u alleen in het menu instelling stuurelement” (bladzijde 78) aan de
ingang 6 het “stuurelement 1” toewijzen. (Indien u de welfkleppen liever via een schakelaar wilt bedienen, kunt u het
beste gebruik maken van één van de twee- resp. drie-standen-schakelaars van de zender.)
Extra vleugelservo’s kunnen met behulp van het menu “kruismixers” (bladzijde 144) op een eenvoudige wijze worden
geïntegreerd. Zier daarvoor ook het programmeervoorbeeld op bladzijde 184.
rem
Deze functie kan zowel voor zweef- en elektromodellen, maar ook voor modellen met verbrandingsmotor en landingskleppen
interessant zijn.
De in het menu “vleugelmixers” in de regel “reminstellingen” beschreven mixers kunnen door de K1-stuurknuppel ( “ingang
1”) of één van de zijdelingse proportionele stuurelementen of één van de schakelaars aan “ingang 7, 8 of 9” (zie menu
“instelling stuurelement”) bediend worden. Deze instelling voert u via het draaielement door op de gewone manier.
In de meeste gevallen zal de keuze op de al ingestelde “ingang 1” blijven en de rem via de niet neutraliserende K1-
stuurknuppel worden bediend. Een gebruik van de ingang 7, 8 of 9 maakt het echter mogelijk, de rem alternatief via één van
de andere stuurelementen te bedienen, als de K1-knuppel al op een andere manier bezet is. De ingangen 7 en 8 zijn bovendien
bij de vliegfasen-afhankelijke omschakeling van bedieningselementen in het menu “instelling stuurelement” betrokken, wat
b.v. een fasen-afhankelijk deactiveren van de rem mogelijk maakt.Het neutraalpunt (Offset) kan op een willekeurig punt
worden gelegd: beweeg het stuurelement van de ingang 1, 7, 8 of 9 naar de gewenste positie, waarin de landingskleppen zich
in de neutrale positie moeten bevinden, en leg daarna het Offset-punt vast door een kort indrukken van het draaielement:
Wordt de Offset niet helemaal aan het einde van de uitslag van het stuurelement vastgelegd, dan is de rest van de uitslag
“loos bereik”, d.w.z. dat dit “loos bereik” niet langer één van de onder “reminstellingen” in het menu “vleugelmixers”
aanwezige mixers beïnvloedt. Dit “loos bereik” garandeert, dat ook bij geringe afwijkingen van de einduitslag van het
remkleppen-stuurelement alle reminstellingen op “neutraal” blijven staan. Tegelijkertijd wordt automatisch de effectieve
uitslag van het stuurelement weer over 100% verdeeld.
Aanwijzing:
Wilt u een remsysteem en een “motor aan K1” wisselend met de K1-stuurknuppel aansturen, dan stelt u – zoals al eerder
onder “motor aan K1” vermeld – in dit menu “rem” en “motor” volgens uw gewoonten in en zet dan in het menu “fasen-
instelling” (bladzijde 100) in de display-kolom “motor” deze fasen-specifiek op “ja” of “nee”.
Tip:
De servo voor het bedienen van eventueel aanwezige stoorkleppen in de vleugels sluit u het beste aan die ontvangeruitgang
aan, die door het rem-ingangskanaal wordt bediend, dus b.v. de stoorkleppenservo aan de (vrije) ontvangeruitgang 8, als u
voor de “rem” ingang 8 heeft gekozen, enz. Een tweede stoorkleppenservo kunt u het eenvoudigst via een vrije mixer
aansturen.