Operation Manual

RR legt u vast, met welk percentage de beide kleppenparen “RR” en “WK” bij de rolroersturing moeten
volgen. Controleer bij de instellingen van de parameterwaarden ook, of de rolroeren in de juiste richting
uitslaan.
Het instelbereik van –100% … +100% maakt het mogelijk, om onafhankelijk van de draairichtingen van
de servo’s, de juiste uitslagrichting in te stellen.
RR-tr. Hier ligt u vast , met welk percentage de rolroertrimming effect moet hebben op de RR en WK.
Diff.: Hier voert u de differentiatie van de rolroersturing aan de RR- en WK-kleppen in. Over de betekenis van
de differentiatie verwijzen we naar bladzijde 111.
Het instelbereik van –100% … +100% maakt het mogelijk, om onafhankelijk van de draairichtingen van
de rolroer- en welfkleppenservo’s, de juiste differentiatierichting in te stellen.
WK-pos: In deze regel stelt u voor alle aan het desbetreffende model aanwezige kleppen de vliegfasenspecifieke
welfkleppenposities in. Daarmee kunt u per vliegfase vastleggen, welke posities de debetreffende kleppen
moeten innemen.
Aanwijzing:
De in deze regel verschijnende waarden maken gebruik van de gegevens, die op een vergelijkbare plaats
in het menu “fasentrimming F3B” worden gebruikt, zodat wijzigingen hier over en weer effect hebben.
WK: Omdat standaard alle ingangen in het menu “instelling stuurelement” op “vrij” zijn gezet, kunnen in
deze standaarinstelling noch de rolroeren noch de welfkleppen bediend worden. In zoverre kunt u hier
ook de standaardinstellingen laten staan.
Wilt u echter de welfkleppen-posities per schakelaar of zijdelingse proportionele stuurelement met de in
de regel “WK-pos.” vastgelegde mate kunnen variëren, dan wijst u in het menu “instelling
stuurelement” aan de ingang 6 het gewenste stuurelement toe en stelt u in dit menu via het percentage de
gewenste reactie op een beweging van het voor dit doel uitgekozen stuurelement toe.
HR WK: Deze mixer neemt de rolroeren (RR) en welfkleppen (WK) bij een bedienen van het hoogteroer mee.
De mixrichting moet zo worden gekozen, dat bij hoogteroer “up” alle kleppen naar beneden en
omgekeerd bij hoogteroer “down” naar boven uitslaan. Het mixpercentage ligt normaal gesproken bij
enkele tientallen procenten.
Test de instellingen tot nu toe in de “servo-aanduiding” door middel van een druk op de toets HELP bij tegelijkertijd
ingedrukt gehouden draaielement.
Nu wisselt u binnen het “vleugelmixers”-menu naar de “reminstellingen”
Butterfly: Hierboven hebben we de K1-knuppel voor de remkleppensturing vastgelegd. Hier bepaalt u, met welk
percentage de RR en WK bij bedienen van de K1-knuppel meegenomen moeten worden, en wel op een
zodanige manier, dat beide rolroerkleppen “ietsje” naar boven en de beide welfkleppen zo ver mogelijk
naar beneden uitslaan.
Een druk op HELP bij tegelijkertijd ingedrukt gehouden draaielement laat u de servo-bewegingen zien
en met name, dat boven de ingestelde rem-Offset van 90%, zie verder hierboven, tot aan de einduitslag
het K1-stuurelement geen invloed heeft op de kleppen (“loos bereik” van de K1-knuppel).
Indien nodig moet u nog eens alle kleppen-uitslagen controleren en via het menu “servo-instelling” de neutrale positie, de
uitslagen en de uitslagbegrenzing afstellen.
Mogelijkerwijze is het nu ook tijd, om de eerste vliegpogingen te doen, wanneer alle globale instellingen – dat wil zeggen,
alle vliegfasen-onafhankelijke instellingen – afgesloten zijn.
Hieronder worden nu twee extra vliegfasen aangemaakt, die elk een iets andere positie van de kleppen vereisen
Omdat we echter al eerder de “reminstellingen” in de vliegfase “normaal” ingericht en daardoor geoptimaliseerd hebben,
moet nog vóór de inrichting van deze vliegfasen worden gegarandeerd, dat altijd automatisch naar de vliegfase “normaal”
wordt omgeschakeld, als de K1-knuppel in de richting “remmen” wordt bewogen.
Wissel dus – als u tussentijds niet saan de standaard instellingen van de K1-stuurknuppel met de stuurelement-schakelaars G1
en G2 heet verandert – direct naar het menu “logische schakelaars”. Anders moet u eerst in het menu “stuurelement-
schakelaars” aan de hand van de beschrijving op bladzijde 94 nog een bijbehorende stuurelement-schakelaar programmeren.