Operation Manual
“mode 3” “mode 4”
(pitch rechts) (pitch links)
nick pitch pitch nick
roll hek roll hek
standaard instelling modulatie
De zender MX-24s maakt onderscheid tussen 6 verschillende soorten modulatie, en wel:
1. PCM20: systeemnauwkeurigheid van 512 stappen per stuurfunctie voor ontvangers van het type “mc”en “DS mc”
2. SPCM20: Super-PCM modulatie met hoge systeemnauwkeurigheid van 1024 stappen per stuurfunctie voor
ontvangers van het type “smc” en “R330”.
3. APCM24: Super-PCM modulatie met hoge systeemnauwkeurigheid van 1024 stappen per stuurfunctie voor
ontvangers van het type “amc” voor het aansluiten van maximaal 12 servo’s.
4. PPM10: Snelle modulatiesoort voor Pico-ontvangers met maximaal 5 stuurfuncties in RC-cars, slowflyers, kleine
heli’s enz.
5. PPM18: meest gebruikte standaard overdrachtsmodus (FM of FMsss) voor alle overige GRAUPNER/JR-PPM-FM-
ontvangers.
6. PPM24: PPM-multiservo-overdrachtssysteem voor gelijktijdige toepassing van 12 servo’s voor de ontvanger “DS 24
FM S”.
CLEAR schakelt terug naar de modulatiesoort “SPCM20”.
standaard pitch min (alleen voor helikoptermodellen)
Legt u de bedieningsrichting van de gas-/pitchstuurknuppel overeenkomstig uw stuurgewoonten vast. Van deze instelling
hangen de functies van alle andere opties van het helikopterprogramma af, inzoverre ze de gas- en pitchfunctie betreffen, dus
b.v. de gascurve, stationairtrimming, kanaal 1→ hekrotormixer enz.
De betekenis is:
“vooraan”: minimale pitch-instelling naar voren, de pitchknuppel (K1) wijst van de piloot af
“achteraan”: minimale pitch-instelling naar achteren, de pitchknupel (K1) wijst naar de piloot toe.
CLEAR schakelt om naar “naar voren”.
Aanwijzing:
De stuurrichting van de K1-stuurknuppel in het vleugelprogramma wijzigt u individueel in het menu “kanaal 1 curve”
(bladzijde 92) resp. bij een motormodel in het menu “modeltype”.
verlichting display
In deze regel wordt vastgelegd, hoe lang de achtergrondverlichting van het display na het inschakelen van de zender of na de
laatste bediening van de toetsen resp. van het draaielement aan moet blijven.
U kunt kiezen uit “onbeperkt”, “30 s”, “60 s” en “120 s”.
CLEAR schakelt naar “onbeperkt”.
inschakelgeluid
In deze regel kunt u het inschakelgeluid van de zender aan- (“ja”) en uitzetten (“nee”).
CLEAR schakelt om naar “ja”.
waarschuwingsdrempel accu
In deze regel kunt u de waarschuwingsdrempel van de aanduiding …
… in stappen van 0,1 Volt tussen 9,3 en 11 v vrij instellen. Stel hier in ieder geval geen te lage waarde in, zodat u nog
voldoende tijd heeft om uw model in het geval van een accu-waarschuwing nog veilig te kunnen landen.
CLEAR schakelt om naar “9,3 V”.
eigen fasennaam 1 … 10
Tot maximaal 10 eigen fasennamen met elk 7 tekens kunnen uit een lijst met tekens worden samengesteld. Deze staan dan
naast de al standaard opgestelde namen ter beschikking in alle modelgeheugens.
Begin bij het nieuw invoeren van een fasennaam indien mogelijk met de regel “eigen fasennaam 1”. Wissel met een kort
indrukken van het draaielement naar de tabel met tekens.
Kies met het draaielement het gewenste teken in het inverse veld uit. Een kort indrukken van het draaielement (of een verder
draaien in ingedrukte toestand) wisselt naar de volgende plaats.
CLEAR plaatst een leeg teken op de desbetreffende plaats.
Met ingedrukt draaielement bereikt u ieder teken binnen de naam. (Aangeduid door een dubbele pijl ← → in de onderste
regel.)










