Operation Manual
MIX actief / fase
vliegfasen-afhankelijke mixerkeuze
Afhankelijk van de vliegfase kunnen de “vrije mixers” van het vorige menu gedeactiveerd resp. geactiveerd worden. Geheel
naar eigen keuze heeft u dus de mogelijkheid, om bepaalde mixers aan bepaalde vliegfasen toe te wijzen.
Schakel eerst om naar de gewenste vliegfase en blader door dit menu met ingedrukt draaielement. De mixers van het menu
“vrije mixers” worden getoond in de middelste kolom.
Wordt in de rechter kolom naar keuze van het SEL-veld en aansluitend kort indrukken van het draaielement de
desbetreffende mixer op “nee” gezet, dan wordt deze in de onderaan aangeduide vliegfase uitgeschakeld en in het menu
“vrije mixers” in de lijst verborgen. Mocht u dus in de laatstgenoemde een mixer missen, dan schakelt u of door de
vliegfasen, totdat deze verschijnt, … of u wisselt naar dit menu en activeert de gezochte mixer tijdelijk weer.
alleen mix kanaal
stuurfuncties vliegfasen-onafhankelijk van stuurkanaal losmaken
In dit menu kan de normale signaalstroom tussen de stuurfunctie aan de ingangskant en het stuurkanaal aan de uitgangskant
worden onderbroken, zodat de “klassieke” stuurelement-/servoverbinding in feite losgekoppeld wordt.
Gebruik de mogelijkheid van deze vliegfasen-onafhankelijke menu’s met name dan, wanneer u één van de – in het menu
“instelling stuurelement” vliegfasenafhankelijk met een stuurelement of schakelaar te bezetten – stuurkanalen 5 … 8 over
alle vliegfasen heen altijd “vrij” wilt houden.
Omgekeerd kan natuurlijk een zogezegd servo-loos geworden –eventueel zelfs vliegfasenafhankelijk – stuurknuppel,
stuurelement (Control 5 … Control 10) of schakelaar (SW 1 … 4, 7) naar willekeur ergens anders als stuurelement worden
gebruikt, zie b.v. programmeervoorbeelden op de bladzijden 173 en 182.
De stuurknuppel, het stuurelement (Control 5 … Control 10) of de schakelaar (SW 1 … 4, 7) die door het zetten van een
kanaal op “alleen MIX” eigenlijk servo-loos geworden is, heeft dan alleen nog maar effect op mixer-ingangen …
… en de servo, die aan een op “alleen MIX” gezet kanaal is aangesloten, is dan ook alleen nog bereikbaar met de mixers, die
op zijn stuurkanaal geprogrammeerd zijn, dus “alleen (met) MIX(ers)”.
Bij ieder willekeurig op “alleen MIX” gezette kanaal kunt u daarom zowel diens stuurfunctie als ook diens stuurkanaal
onafhankelijk van elkaar voor bepaalde speciale functies gebruiken, zie onderstaande voorbeelden.
Kiest u via het draaielement het kanaal 1 tot 12 uit (•) en drukt u kort op het draaielement om om te schakelen tussen “alleen
MIX” en “normaal”.
Voorbeeld van deze instelling:
Voorbeelden:
• Bij zweefmodellen zonder stoorkleppen wordt meestal de Butterfly-functie (zie bladzijde 119) als landingshulp
toegepast. Deze functie wordt dan echter net als de “normale” remkleppen meestal met de K1-knuppel gestuurd. De
(stoorkleppen-)servo, meestal aan kanaal 1 ontbreekt dan normaal gesproken, de ontvangeruitgang 1 is echter nog niet
“vrij”, omdat op deze nog steeds het stuursignaal van de remknuppel ligt.
Diens – in dit geval ongewenste – stuursignaal kan van stuurkanaal “1” worden losgekoppeld en deze daardoor van het
signaal van de K1-knuppel “bevrijd” worden, door het kanaal 1 in het menu “alleen mix kanaal” op “alleen MIX” te
zetten. Zo kan het stuurkanaal 1 en daardoor ook ontvangeruitgang 1 daarna op elk moment via vrij programmeerbare
mixers voor andere doeleinden worden gebruikt, b.v. voor het aansluiten van een motorregelaar.
• Zijn er daarentegen stoorkleppen ingebouwd, en wilt u b.v. het effect van een Butterfly-systeem zonder en met
stoorkleppen testen, dan zet u het kanaal 1 gewoon op “alleen MIX” en programmeert u een vrije mixer “K1 → K1”,
om via de servo 1 weer de remkleppen te kunnen aansturen. Via een aan deze mixer tevens toegewezen schakelaar kunt
u deze mixer dan naar behoefte aan- of uitschakelen.










