Instruction Manual

22
Documenten met WireBind 34 en
ClickBind ponsen (draadruggen
en Clicks) (34 gaten, rond)
1
Stel de papierstop in
Stel de papierstop in op de juiste papiermaat, zodat de
randen van het document niet worden geperforeerd.
De illustratie op de machine helpt u daarbij.
2
Zorg dat alle vellen goed uitgelijnd zijn en steek het
document in de ponsopening
Tik de rand van het document tegen een plat oppervlak,
zodat alle vellen uitgelijnd zijn.
Plaats het document in de ponsopening en zorg dat de
kant die geponst moet worden naar beneden gericht is, in
de voorste ponsopening. (max. 12 vellen papier van 80 g
of 2 plastic PVC-omslagen, elk van 0,2 mm)
3
Pons het document
Haal de ponshendel omlaag.
Zet de ponshendel weer omhoog en verwijder het
geponste document.
INBINDTIP!
Tegelijkertijd inbinden en ponsen:
U kunt de geponste vellen in een draadrug/Click steken voordat
u de rest van het document ponst.
Documenten met CombBind en
WireBind 21 ponsen (draad- en
plastic bindruggen) (21 gaten,
rechthoekig)
1
Stel de papierstop in
Stel de papierstop zo in dat de randen van het document
niet worden geperforeerd.
De illustratie op de machine helpt u daarbij. De lijntjes op
de documentsteun maken het gemakkelijker om een A4- of
A5-document juist neer te leggen.
2
Kies de ponsmessen die u wilt uitschakelen
7 van de 21 ponsmessen kunnen individueel uitgeschakeld
worden. Dit voorkomt dat de papierranden worden
geperforeerd als u speciale papierformaten gebruikt.
Zet de documentsteun op de juiste plaats en zet de
ponshendel omhoog.
N.B. De messen kunnen alleen uitgeschakeld en weer
teruggesteld worden als de ponshendel omhoog staat.
Haal de doorzichtige kap omhoog.
Druk op de knop die bij elk ponsmes hoort (knop
omlaag = mes op zijn plaats, knop omhoog = mes
uitgeschakeld).
3
Zorg dat alle vellen goed uitgelijnd zijn en steek het
document in de ponsopening
Tik de rand van het document hard tegen een plat
oppervlak aan, zodat alle vellen uitgelijnd worden.
Plaats het document in de posopening en zorg dat de
kant die geponst moet worden naar beneden gericht is, in
de achterste ponsopening. (max. 20 vellen papier van 80
g of 2 plastic PVC-omslagen, elk van 0,2 mm)
4
Ponsen
• Haal de ponshendel omlaag.
Zet de ponshendel weer omhoog en verwijder het
geponste document.
INBINDTIP!
Tegelijkertijd inbinden en ponsen:
U kunt de geponste vellen in een draad- of plastic inbindrug
steken voordat u de rest van het document ponst.