Operation Manual
4
Schakel op uw headset de draadloze Bluetooth-technologie
in.
5
Selecteer op het toestel OK.
U ziet een lijst met Bluetooth-toestellen in de buurt.
6
Selecteer uw hoofdtelefoon in de lijst en selecteer
vervolgens OK.
7
Bevestig, indien nodig, dat het toestel verbinding mag
maken.
8
Voer, indien nodig, de Bluetooth pincode van het toestel
(0000) op uw headset in.
Uw toestel verstuurt navigatie-aanwijzingen naar uw headset
terwijl u een route navigeert.
Een gekoppelde headset verwijderen
U kunt een gekoppelde headset verwijderen zodat deze niet
langer automatisch verbinding kan maken met uw toestel.
1
Selecteer Instellingen > Bluetooth > Hoofdtelefoon.
2
Selecteer .
3
Selecteer de headset en vervolgens Delete.
Uw headset loskoppelen
1
Selecteer Instellingen > Bluetooth.
2
Selecteer Hoofdtelefoon > Geen > Sla op.
3
Selecteer Ja.
De verbinding met de headset wordt verbroken, maar de
koppeling met het toestel blijft gehandhaafd.
Tips na het koppelen van de toestellen
• Nadat de toestellen eenmaal zijn gekoppeld, kunnen deze
automatisch verbinding maken wanneer u deze inschakelt.
• Wanneer uw headset is verbonden met uw toestel, kunt u
gesproken aanwijzingen ontvangen.
• Wanneer u het toestel inschakelt, probeert het toestel een
koppeling tot stand te brengen met de laatste headset
waarmee het was gekoppeld.
• Mogelijk dient u uw headset zodanig in te stellen dat deze
automatisch koppelt met het toestel wanneer het toestel
wordt ingeschakeld.
De apps gebruiken
Help gebruiken
Selecteer Apps > Help om informatie over het toestel weer
te geven.
Help-onderwerpen zoeken
Selecteer Apps > Help > .
Een reis plannen
U kunt de Reisplanner gebruiken om een reis met meerdere
bestemmingen te maken en op te slaan.
1
Selecteer Apps > Reisplanner.
2
Selecteer Nieuwe reis.
3
Selecteer Selecteer startlocatie.
4
Zoek naar een locatie (pagina 4).
5
Selecteer Selecteren.
6
Selecteer om locaties toe te voegen.
7
Selecteer Volgende.
8
Voer een naam in en selecteer OK.
Vertrektijd en verblijfsduur plannen
U kunt de Reisplanner gebruiken om een reis met meerdere
bestemmingen te maken en op te slaan.
1
Selecteer Apps > Reisplanner.
2
Selecteer een reis.
3
Selecteer een locatie.
4
Selecteer Vertrektijd (of Aankomsttijd als de locatie niet de
eerste stop van de reis is).
5
Selecteer een datum en tijd en selecteer Sla op.
6
Selecteer Duur.
7
Selecteer de tijd die u wilt doorbrengen op de locatie en
selecteer Sla op.
8
Herhaal, indien nodig, de stappen 3–7 voor iedere locatie.
De transportmodus in een reis wijzigen
U kunt de transportmodi wijzigen die worden gebruikt in een
opgeslagen reis.
1
Selecteer Apps > Reisplanner.
2
Selecteer een reis.
3
Selecteer > Transportmodus.
4
Selecteer een transportmodus.
5
Selecteer Sla op.
Navigeren aan de hand van een opgeslagen reis
1
Selecteer Apps > Reisplanner.
2
Selecteer een opgeslagen reis.
3
Selecteer Ga!.
4
Selecteer een route, als daarom wordt gevraagd (pagina 7).
Een opgeslagen reis bewerken
1
Selecteer Apps > Reisplanner.
2
Selecteer een opgeslagen reis.
3
Selecteer .
4
Selecteer een optie:
• Selecteer Wijzig naam van reis.
• Selecteer Bestemmingen bewerken om locaties toe te
voegen of te verwijderen, of om de volgorde van locaties
te wijzigen.
• Selecteer Wis reis.
• Selecteer Volgorde optimaliseren om uw
reisbestemmingen in de meest efficiënte volgorde te
plaatsen.
TracBack
®
Uw recente route terugvolgen
De functie TracBack houdt uw recente verplaatsingen bij. U
kunt uw recente route terugvolgen naar de plaats waar u bent
begonnen.
1
Selecteer Apps > TracBack.
Uw recente route wordt weergegeven op de kaart.
2
Selecteer Ga!.
Uw recente route als reis opslaan
U kunt uw recente route als reis opslaan, die u later kunt
navigeren met de reisplanner (pagina 10).
1
Selecteer Apps > TracBack.
Uw recente route wordt weergegeven op de kaart.
2
Selecteer > Opslaan als reis.
3
Voer een naam in en selecteer OK.
Het kompas gebruiken
U kunt navigeren met een GPS-kompas.
Selecteer Apps > Kompas.
10 De apps gebruiken










