User manual
VHF 100-/200-serie - gebruikershandleiding 25
DSC (Digital Selective Calling)
Een oproep plaatsen vanuit een oproeplog
Alle oproepen die worden geplaatst vanuit het oproeplog, zijn persoonlijke standaardoproepen.
1. Druk op de knop DSC.
2. Selecteer CALL LOG > DISTRESS LOG, POSITION LOG of OTHER LOG.
3. Selecteer het MMSI-nummer of de stationsnaam.
4. Selecteer CALL. Op het scherm wordt aangegeven dat het een persoonlijke standaardoproep betreft.
5. Selecteer het kanaal waarop u wilt communiceren. De marifoon verzendt dit verzoek tegelijk met uw
oproep. Zie pagina 19 voor meer informatie over het selecteren van een kanaal.
6. Selecteer CALL.
Een schip vanuit een oproeplog opslaan in de schepenlijst
1. Druk op de knop DSC.
2. Selecteer CALL LOG > DISTRESS LOG, POSITION LOG of OTHER LOG.
3. Selecteer het MMSI-nummer. Selecteer een stationsnaam als u deze naam in de schepenlijst wilt
bewerken.
4. Selecteer SAVE.
5. Als u de naam wilt bewerken, draait u aan de kanaalknop om het teken te veranderen. Druk op de
kanaalknop om het gewenste teken te selecteren en door te gaan naar het volgende teken in de naam.
Selecteer
ab om terug te gaan naar een vorig teken. U kunt maximaal 10 tekens opslaan.
6. Selecteer ACCEPT om de wijzigingen op te slaan. Selecteer CANCEL als u het scherm wilt afsluiten
zonder de wijzigingen op te slaan.
Een item uit het oproeplog verwijderen
1. Druk op de knop DSC.
2. Gebruik de kanaalknop om CALL LOG > POSITION LOG, DISTRESS LOG of OTHER LOG te
selecteren.
3. Gebruik de kanaalknop om het MMSI-nummer of het station te selecteren.
4. Selecteer
].
5. Selecteer DELETE.
6. Selecteer YES om de oproep te verwijderen. Selecteer NO als u deze actie wilt annuleren en wilt
terugkeren naar het vorige scherm.










