Forerunner 205/305 ® uw persoonlijke trainer handleiding
© 2006 Garmin Ltd. of haar dochterbedrijven Garmin International, Inc. 1200 East 151st Street, Olathe, Kansas 66062, U.S.A. Tel. 913/397.8200 of 800/800.1020 Fax 913/397.8282 Garmin (Europe) Ltd. Unit 5, The Quadrangle, Abbey Park Industrial Estate, Romsey, SO51 9DL, U.K. Tel. 44/0870.8501241 Fax 44/0870.8501251 Garmin Corporation No. 68, Jangshu 2nd Road, Shijr, Taipei County, Taiwan Tel. 886/2.2642.9199 Fax 886/2.2642.9099 Alle rechten voorbehouden.
Inleiding Inhoudsopgave Inleiding................................. i Navigeren........................... 33 Contacteer Garmin..................... ii Eerste gebruik..................... 1 De batterij opladen......................1 Satellietsignalen ontvangen........2 Gebruik van de Hartslagmonitor 3 De polsband verlengen...............5 Toetsen.......................................6 Pagina’s......................................7 Gebruikersprofiel........................8 Training......................
Inleiding Contacteer Garmin Als u problemen ondervindt bij het gebruik van uw GPS-toestel of als u vragen heeft, kunt u uw Garmin verdeler contacteren of Garmin Europe Ltd. op tel. +44/1794.519944, of e-mail: sales@garmin.com Productregistratie Help ons om u beter te helpen door uw online registratie vandaag nog uit te voeren! Zorg dat u het serienummer van uw toestel bij de hand heeft en ga naar onze website (www.garmin.com). Volg de link “Product Registration” op de startpagina.
Eerste gebruik Eerste gebruik De batterij opladen Laat de Forerunner gedurende 3 uren opladen voor het eerste gebruik. De gebruiksduur van de volledig opgeladen batterij is ongeveer 10 uren. Om corrosie te voorkomen: zorg dat de Forerunner helemaal droog is voordat u hem oplaadt of aan uw PC koppelt. Om de Forerunner op te laden: 1. Klik de Forerunner in zijn houder. 2. Plug de kleine stekker van de AC lader in de mini-USB-poort van de houder. Plug de adapter in het stopcontact.
Eerste gebruik Satellietsignalen ontvangen Voordat u de Forerunner 301 kunt gebruiken, moet hij de satellietsignalen ontvangen. Ga naar buiten, weg van hoge gebouwen en bomen. Het verzamelen van de satellietsignalen kan 30 à 60 seconden duren. Om de satellietsignalen te ontvangen: Ga naar buiten en druk op de Aan/Uit toets om de Forerunner aan te zetten. Wacht terwijl de Forerunner de satellieten zoekt. De beste ontvangst verkrijgt u door de GPS-antenne naar boven te richten.
Eerste gebruik Gebruik van de Hartslagmonitor Opmerking: De hartslagmonitor werkt enkel in combinatie met de Forerunner 205. Draag de hartslagmonitor direct op de huid, net onder de borstkast. Hij moet stevig genoeg zitten om niet te verschuiven tijdens uw workout. De hartslagmonitor aanbrengen: 1. Druk één tab van de elastische band door een opening van de hartslagmonitor en druk de tab naar beneden. sensoren 2.
Eerste gebruik 3. Bevestig de band aan de andere zijde van de hartslagmonitor, rond uw borstkast. Opmerking: Als u problemen ondervindt met foutieve hartslagweergave (vooral fietsers), breng dan de zender aan op uw rug of gebruik elektrode-gel. 4. Zet de Forerunner aan en breng het toestel binnen het bereik (3 meter) van de hartslagmonitor Het hartslagsymbool op de Timerpagina wijzigt van knipperend naar constant als de Forerunner data begint te ontvangen.
Eerste gebruik De polsband verlengen Als de polsband van de Forerunner te kort is, kunt u die vervangen door de langere in de doos. Om de langere polsband aan te brengen: 1. Verwijder de korte band met gesp, door met het meegeleverde gereedschap de veerpen in te drukken zodat die loskomt uit het huis. 2. Plaats de langere band. Breng één kant van de veerpen in de opening in het huis. 3. Druk de veerpen samen en klik het andere eind in de andere opening.
Eerste gebruik Toetsen ➊ ➋ ➌ ➍ ➎ aan/uit • Ingedrukt houden: aan-/uitzetten • Drukken: schermverlichting aan/uit ➊ ➋ mode • Drukken voor Timer of Hoofdmenu • Drukken om menu of pagina te verlaten • Ingedrukt houden: van sport wisselen ➏ ➎ ➌ ➍ lap/reset • Drukken om een nieuwe ronde te starten • Ingedrukt houden: timer resetten start/stop Drukken om de timer te starten/stoppen enter Drukken = optie selecteren / boodschap bevestigen ➏ pijlen • Om een optie te kiezen • Om door menu’s en datavelden te
Eerste gebruik Pagina’s Druk op mode om te wisselen tussen Timer en Hoofdmenu. Timer Hoofdmenu mode Hartslagsymbool (FR 305) Batterijsymbool Gekozen sport Druk vanop de pagina Timer op de pijlen om andere Timerpagina’s te bekijken. Om deze pagina’s automatisch te laten wisselen, zie blz. 41. Om de datavelden te wijzigen: zie blz. 39. Timerpagina’s Druk langdurig op mode om van sport te wisselen.
Eerste gebruik Gebruikersprofiel De Forerunner gebruikt uw gegevens om uw calorieverbruik te berekenen. Stel eerst uw gebruikersprofiel in, zodat hij correcte gegevens registreert. Uw gebruikersprofiel instellen: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen. 2. Kies Instellingen > Algemeen > Gebruikersprofiel. 3. Gebruik de pijlen en enter om Geslacht, Geboortedatum en Gewicht in te vullen. Ga met de pijlen naar links of rechts in een veld.
Training Training Opmerking: Raadpleeg steeds uw arts voordat u een trainingsprogramma aanvat of wijzigt. Met de Forerunner kunt u doelstellingen en alarmen instellen, trainen met uw Virtuele Partner™, eenvoudige of geavanceerde workouts opstellen en trainingen plannen op basis van bestaande trainingen. Alarmen U kunt alarmen instellen om te trainen op een bepaalde tijd, afstand, snelheid of hartslag. U kunt aparte alarmen instellen per sport.
Training 4. Vul een tijd in bij Alarm bij. 5. Kies bij Afstand alarm Eenmaal of Herhaal. 6. Vul een afstand in bij Alarm bij. Tip: Druk meermaals op mode om terug te keren. Tempo/Snelheid alarmen Tempo alarmen (Snelheid alarmen bij Fietsend of Andere) geven u een waarschuwing als u onder of boven een bepaalde snelheid komt. Het tempo alarm maakt gebruik van tempo zones die u kunt bewaren in de Forerunner. Voor meer informatie en voor het instellen van uw tempo/snelheid zones, zie blz. 46.
Training Hartslag alarmen Opmerking: Hartslag alarmen vindt u enkel op de Forerunner 305. Het hartslag alarm waarschuwt u als uw hartslag boven of onder een bepaald aantal per minuut (bpm of beats per minute) komt. Hartslag alarmen kunt u ook instellen voor een bepaalde hartslag zone—een bereik van slagen per minuut. De vijf gebruikelijke hartslag zones kunnen u helpen bij het bepalen van de intensiteit van uw workout. Voor meer informatie en voor het instellen van hartslag zones, zie blz. 47.
Training Cadans alarmen Auto Pauze® Opmerking: Cadans alarmen zijn enkel beschikbaar op de Forerunner 305 en enkel in de modus Fietsend. U kunt de Forerunner zo instellen dat de timer automatisch pauzeert als uw snelheid onder een bepaalde waarde daalt. Dit is handig als u voorbij verkeerslichten komt of andere plaatsen waar u moet vertragen of stoppen. Als u de optionele Garmin cadans sensor bezit, kunt u cadans alarmen gebruiken.
Training Om Auto Pauze in te stellen: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen. 2. Kies Training > Training Opties > Auto Pauze. 3. Kies bij Autotimer pauze voor Zodra gestopt of Gebruiker snelhd om zelf een waarde in te vullen. Auto ronde® U kunt Auto ronde instellen om automatisch een nieuwe ronde te starten na een bepaalde afgelegde afstand of als u aan een bepaald punt voorbij komt. Deze instelling is handig om uw prestaties te vergelijken over verschillende delen van uw training (b.v.
Training • Auto ronde Op afstand Als u Op positie kiest, markeert de Forerunner automatisch een ronde als u voorbij een bepaald punt komt. Kies een van de volgende opties: Auto ronde Op positie • 14 Alleen bij drukk.–start een nieuwe ronde telkens als u drukt op de toets lap en telkens als u opnieuw voorbij dat punt komt. • Start & ronde–start een nieuwe ronde telkens als u voorbij het startpunt komt, telkens als u op lap drukt en telkens als u opnieuw voorbij die locaties komt.
Training Virtuele Partner™ De Virtuele partner is een unieke functie die u helpt bij het bereiken van uw doelstellingen. Uw Virtuele partner loopt samen met u tijdens snelle workouts en ritten. Op de volgende pagina’s leert u meer over snelle workouts en ritten. Virtuele partner U Als u voorligt op de Virtuele partner, is de achtergrond van het onderstel veld wit. Als u achterligt, is de achtergrond zwart. Om de Virtuele partner data te bekijken: 1. Stel een snelle workout of rit in. 2. Druk op start. 3.
Training Workouts: Snel, Interval en Geavanceerd Met de Forerunner kunt u snelle, interval en geavanceerde workouts opstellen. Als u een geavanceerde workout opstelt, kunt u die bewaren, bewerken en doorsturen van uw PC naar uw Forerunner met het programma Garmin Training Center™. Snelle workouts Bij een snelle workout geeft u een doelstelling in voor tijd, afstand of tempo en de Forerunner laat uw Virtuele partner zien om u te helpen bij het halen van uw doelstelling.
Training 4. In het derde veld kunt u controleren of de waarden die u heeft ingevuld haalbaar zijn. Wijzig de bovenste waarden indien nodig. 5. Kies Klaar?. 6. Druk op start om uw workout te beginnen. Interval workouts afstand. • Train een bepaalde tijd en rust een bepaalde tijd. • Train een bepaalde tijd en rust een bepaalde afstand. Om een interval workout te creëren: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen en selecteer Training. 2. Kies Workouts > Interval. 3.
Training 5. Vul het aantal herhalingen per interval in bij Herh. 6. Kies Klaar?. 7. Druk op start om uw workout te beginnen. 18 Als u het einde van een ronde nadert, hoort u een alarm en verschijnt er een boodschap, waarbij de tijd aftelt tot de start van een nieuwe ronde. Opmerking: Auto Pauze, Auto ronde en Alarmen werken niet tijdens een interval workout.
Training Geavanceerd workouts Met uw Forerunner kunt u geavanceerde workouts maken en bewaren, met doelstellingen voor elke stap en verschillende afstanden, tijden en rustrondes. Nadat u een ronde heeft gecreëerd en bewaard, kunt u Garmin Training Center™gebruiken om de workout te plannen op een bepaalde dag. Zo kunt u insteltijd besparen door uw workouts op voorhand te plannen en in uw Forerunner op te slaan. Voor meer informatie over het installeren van Training Center, zie blz. 57.
Training 4. Kies “1. Open Geen Doel.” en daarna Wijzig stap. 5. Kies in het veld Duur hoe lang de stap moet duren. Als u Open kiest, kunt u de stap tijdens uw workout beëindigen door op lap te drukken. 6. Vul onder Duur een waarde in waarbij de stap moet eindigen. 7. Kies in het veld Doel uw doel voor de stap (snelheid, hartslag, cadans of geen). 8. Vul onder Doel een doelwaarde in voor deze stap (indien nodig). Als uw doel bijvoorbeeld hartslag is, kies dan een hartslagzone of vul manueel een bereik in.
Training Om een stap te herhalen: 1. Kies . 2. Kies Herhaal in het veld Duur. 3. Kies in het veld Terug naar stap de stap waarnaar u wilt terugkeren. 4. Vul bij Aantal herhalingen het gewenste aantal in. 5. Druk op mode om verder te gaan. Om een geavanceerde workout te starten: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen. Kies Training > Workouts > Geavanceerd.
Training Er weerklinkt een alarm als het einde van een stap nadert. Er verschijnt een boodschap en de tijd telt af tot de start van de volgende stap. Om een stap voortijdig te beëindigen en met de volgende stap te beginnen: druk op lap. Opmerking: Auto pauze, Auto ronde en Alarmen werken niet tijdens een geavanceerde workout. De Forerunner schakelt automatisch over naar de juiste sport als u een geavanceerde workout selecteert.
Training Geavanceerde workouts wijzigen U kunt workouts wijzigen in Training Center of direct op de Forerunner. Training Center doet dienst als “master list” van workouts. Als u een workout bewerkt op de Forerunner, zullen de wijzigingen worden overschreven als u workouts inlaadt vanuit Training Center. Om een permanente wijziging aan te brengen in een workout, moet u dit doen in Training Center en daarna de workout in uw Forerunner laden. Om een geavanceerde workout te wijzigen: 1.
Training Ritten Een andere toepassing van de Forerunner is het opstellen van een rit, gebaseerd op een eerder afgelegde rit. U kunt dan racen tegen uzelf en proberen uw vroegere prestaties te verbeteren. U kunt ook de Virtuele partner gebruiken tijdens het trainen met ritten. Voor info over Virtuele partner, zie blz. 15. Om een rit te creëren met de Forerunner: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen. Kies Training > Ritten > . 2.
Training Om een rit te starten: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen en selecteer Training > Ritten. 2. Kies de rit die u wilt starten. 3. Kies Doe rit. Druk na het starten van de rit op de pijlen om alle ritgegevens te bekijken. Druk op mode om uw rit te volgen op de kaart. Uw vorige prestatie Uw huidige positie Rit map 2. Kies Training > Stop Rit. Om de naam van een rit te wijzigen: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen en selecteer Training > Ritten. 2. Kies de rit en selecteer Wijzig rit. 3.
Training Multisport workouts Triatleten, duatleten en andere multisporters kunnen de multi-sport workouts van de Forerunner gebruiken. Als u een multisport workout opstelt, kunt u verwisselen van sportmodus terwijl uw totale tijd en afstand verderloopt. U kunt bijvoorbeeld van modus Fietsend naar modus Rennend gaan en de totale tijd en afstand bekijken die u heeft afgelegd met de fiets en al rennend.
Training Om manueel een multisport workout te creëren: 1. Voer een workout uit in gelijk welke sport. Druk op stop om de workout te beëindigen, maar voer geen timer reset uit. 2. Druk langdurig op mode totdat het menu Wijzig sport verschijnt. 3. Kies een andere sport. Er verschijnt een nieuwe multisport timerpagina. Auto Multisport workouts Als u deelneemt aan een wedstrijd of een evenement, kunt u een auto multisport workout opstellen met alle sporten van het evenement.
Training 3. Kies een optie in het menu. Met Wijzig deel kunt u een sport vervangen door een andere. Met Voeg deel in kunt u een sport toevoegen en met Verwijder deel kunt u een sport wissen uit de lijst. 4. Kies om een sportmodus toe te voegen aan het einde van de lijst. 5. Selecteer Inclusief overgang om een overgangstijd tussen twee sporten in te lassen. 6. Selecteer Start Multisport om uw workout te starten. 28 Druk op lap om van de ene sport naar de andere over te schakelen.
Geschiedenis Geschiedenis Uw Forerunner bewaart automatisch alle trainingdata (als de timer loopt) en kan tot twee jaar (1000 ronden) gegevens bevatten. U kunt de data bekijken op uw Forerunner of inlezen in het programma Training Center, waar u de data kunt analyseren. Als het geheugen vol zit, zal de Forerunner de oudste gegevens overschrijven. Laad uw geschiedenis regelmatig in Training Center om al uw activiteiten te blijven volgen.
Geschiedenis Geschiedenis bekijken U kunt de geschiedenis bekijken op dag, op week of totaal. Geschiedenis op dag: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen en selecteer Geschiedenis > Op dag. 2. Druk op om naar beneden te bladeren. Onder de lijst ziet u telkens de details verschijnen. Ronden van een interval workout. De pijl markeert een rustronde. Om ronden te bekijken op de kaart: 1. Selecteer de details van een geschiedenislijn en selecteer Bekijk ronden?. 2.
Geschiedenis 3. Druk op of om in of uit te zoomen. Kies Volgende om de volgende ronde te bekijken. Om ronden of workouts te wissen uit de geschiedenis: 1. Kies Bekijk ronden? bij de details van een activiteit. 2. Selecteer de ronde die u wilt wissen. 3. Kies Wis ronde of Verwijder gehele loop. Kies Ja om te bevestigen. Forerunner® 205/305 Handleiding Om de geschiedenis op week te bekijken: 1. Druk op mode en selecteer Geschiedenis > Op week in het Hoofdmenu. 2.
Geschiedenis Geschiedenis wissen Nadat u Forerunner data in Training Center heeft ingelezen, wilt u de geschiedenis misschien wissen uit het toestel. Om geschiedenisdata te wissen: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen en selecteer Geschiedenis > Wis.... 2. Kies Bewaar 1 mnd, Bewaar 3 mndn of Wis alles. Kies Ja om te bevestigen.
Navigeren Navigeren Met de GPS-navigatiefuncties van uw Forerunner kunt u uw afgelegde weg bekijken op de kaart, locaties bewaren, routes maken en uw weg naar huis terugvinden. De kaart bekijken Om de navigatiefuncties te gebruiken, kunt u eerst de Forerunner zo instellen dat de kaartpagina wordt getoond. Om de kaartpagina toe te voegen: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen. 2. Kies Instellingen > Algemeen > Kaart. 3. Selecteer Ja bij Toon kaart.
Navigeren Posities markeren Een positie is een punt dat u bewaart in het geheugen. Als u een oriëntatiepunt wilt terugvinden of later naar een bepaalde plaats wilt terugkeren, kunt u een positie markeren. De positie verschijnt dan op de kaart met een naam en een symbool. U kunt posities zoeken, bekijken en ernaar terugkeren wanneer u maar wilt. Om uw positie te markeren: 1. Begeef u naar de plaats die u wilt markeren als positie. 2. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen. Kies Navigatie > Markeer positie.
Navigeren Om te stoppen met navigeren: Druk op mode om het Hoofdmenu te openen. Kies Navigatie > Stop ga naar. 3. Kies Ga naar. Volg de lijn op de kaart naar de positie. Als u naar een positie navigeert, verschijnen de Kaart- en de Kompaspagina automatisch. Druk op mode om deze te bekijken. Op de Kompaspagina wijst de pijl naar de positie. Ga in de richting van de pijl om uw bestemming te bereiken. Een positie wijzigen of wissen: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen en selecteer Navigatie > Zoek. 2.
Navigeren Routes creëren en gebruiken Een route is een pad in een rechte lijn tussen twee of meer punten op de kaart. Nadat u posities heeft gemarkeerd, kunt u deze gebruiken om routes te maken. Deze routes kunt u bewaren en later gebruiken. Om een route te creëren: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen en selecteer Navigatie > Routes. 2. Kies Maak. 3. Ga naar de stippellijn en druk op enter om een positie toe te voegen aan uw route. 36 4. Kies een positie uit de lijst en selecteer Gebruik. 5.
Navigeren Om een bewaarde route te gebruiken: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen en selecteer Navigatie > Routes. 2. Kies de route die u wilt volgen en selecteer Navigeer. Om de navigatie te stoppen: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen. 2. Kies Navigatie > Stop Route. Een route wijzigen of wissen: 1. Druk op mode om het Hoofdmenu te openen en selecteer Navigatie > Routes. Forerunner® 205/305 Handleiding 2. Kies de route die u wilt wijzigen en selecteer Wijzig.
Navigeren GPS-informatie bekijken De Satellietpagina toont informatie over de GPS-signalen die de Forerunner ontvangt. Kies in het Hoofdmenu Navigatie > Satelliet om de Satellietpagina te openen. Elke GPS-satelliet in de ruimte heeft een specifiek nummer. Deze nummers verschijnen in de cirkel, op de plaats waar de corresponderende satelliet zich op dat moment bevindt in de ruimte. De ingekleurde nummers zijn satellieten waarvan de Forerunner de signalen ontvangt.
Instellingen Instellingen U kunt de algemene instellingen van de Forerunner wijzigen en ook de individuele sportinstellingen, zoals hartslag zones en tempo/snelheid zones. Algemene instellingen Om de algemene instellingen te wijzigen: selecteer Instellingen > Algemeen in het Hoofdmenu. Datavelden U kunt de datavelden wijzigen op de verschillende Timerpagina’s: Hoofd 1, Hoofd 2 en Rennend/ Fietsend/Andere.
Instellingen Systeeminstellingen wijzigen Systeeminstellingen GPS uit voor binnenshuis: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen > Algemeen > Systeem. 2. Druk op enter en selecteer GPS uit in het veld GPS. Opmerking: Met GPS uit zijn tempo en afstand data niet beschikbaar. Als u de Forerunner uitzet en weer aan, zal hij opnieuw naar satellietsignalen zoeken. 40 Om Taal tekst te wijzigen: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen > Algemeen > Systeem. 2. Kies een taal in het veld Taal tekst.
Instellingen Weergave instellen Om de schermverlichting te regelen: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen > Algemeen > Weergave. 2. Stel verlichtingtijdsduur en contrast in. Druk kort op de aan/uit toets om de schermverlichting aan te zetten. Als de verlichting automatisch is gedoofd, gaat die weer branden als u een toets indrukt. Om de verlichting manueel uit te schakelen: druk opnieuw op aan/uit. TIP: Stel een korte verlichtingtijdsduur in om de batterij te sparen.
Instellingen Data opslag Data opslag bepaalt hoe de Forerunner detailgegevens over uw workouts bewaart. De standaardinstelling is Slim opslaan. Bij Slim opslaan kiest de Forerunner zelf sleutelpunten waar uw richting, snelheid of hartslag wijzigt. U kunt ook kiezen om elke seconde data op te slaan, zodat u over de meest precieze gegevens beschikt. Op die manier kan de Forerunner echter slechts 3.5 uren detailgegevens opslaan.
Instellingen 2. Kies een accessoire en kies Ja om het scannen voor dit accessoire te starten. Om het scannen opnieuw te starten, selecteer Herstart scan. Zie blz. 55-56 voor meer informatie over de koppeling en het oplossen van problemen met de accessoires. Kaartinstellingen wijzigen 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen > Algemeen > Kaart. 2. Om de oriëntatie van de kaart te wijzigen: druk op enter en kies een optie. Nrd bvn—het noorden is altijd bovenaan op de kaart.
Instellingen 4. Om de Kaartpagina tussen de hoofdpagina’s te zien, kies Ja bij Toon kaart. Tip: De Kaartpagina is automatisch zichtbaar als u naar een locatie navigeert of een route of een rit volgt. Eenheden instellen Om de eenheden te wijzigen: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen > Algemeen > Eenheden. 2. Kies de eenheden voor afstand en snelheid, hoogte en hartslag. Tijdinstellingen Om de tijdinstellingen te wijzigen: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen > Algemeen > Time. 2.
Instellingen Sportinstellingen Voor elke sport kunt u de eenheden instellen en extra gewicht van uitrusting of fiets opgeven, wat invloed heeft op de berekening van uw calorieverbruik. U kunt ook de snelheid zones en hartslag zones instellen per sport. Om extra gewicht in te stellen: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen. 2. Kies een sport en selecteer Extra gewicht. 3. Vul het extra gewicht in dat u meedraagt. Om de eenheid van snelheid te wijzigen voor een sport: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen.
Instellingen Tempoafvlakking bepaalt uw gemiddelde tempo over een bepaalde tijd, om onnauwkeurigheden in de GPS-positie en -snelheid als gevolg van variërende satellietsignalen te compenseren. Als u tempoafvlakking aanzet of verhoogt, wordt het tempo dat uw Forerunner toont stabieler (minder grote sprongen). Om tempoafvlakking te kunnen gebruiken, moet u bij eenheden Tempo kiezen.
Instellingen Om uw tempo/snelheid zones in te stellen: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen. 2. Kies een sport en selecteer Tempo/Snelheid zones. 3. Selecteer de zone die u wilt wijzigen. Pas de waarden voor minimum en maximum tempo/snelheid aan voor deze zone. Hartslag zones instellen 4. Herhaal stap 3 voor elke zone die u wilt wijzigen. Om hartslag zones op uw maximum hartslag te baseren: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen. Een hartslag zone is een bereik van slagen per minuut.
Instellingen 2. Kies een sport en selecteer HS Zones. 3. Kies het veld Zones en selecteer Op basis max. 4. Selecteer het veld Max en vul uw maximum hartslag in. De Forerunner berekent nu uw hartslag zones automatisch, gebaseerd op uw maximum hartslag. 48 Om uw hartslag zones manueel te wijzigen: 1. Kies in het Hoofdmenu Instellingen. 2. Kies een sport en selecteer HS Zones. 3. Selecteer het veld Zones en kies Gebr. 4.
Bijvoegsels Bijvoegsels Lees aandachtig alle waarschuwingen en veiligheidsinformatie, zodat u uw Forerunner veilig en verantwoord kunt gebruiken. Reiniging en onderhoud Reinig het toestel en de hartslagmonitor met een vochtige doek met een zacht detergent en droog ze af. Gebruik geen chemische reinigingsmiddelen of oplosmiddelen die plastic onderdelen kunnen aantasten. Bewaar de Forerunner niet waar hij langdurig wordt blootgesteld aan extreme temperaturen (zoals in de koffer van een wagen).
Bijvoegsels De batterij van de hartslagmonitor vervangen De hartslagmonitor bevat een CR2032 batterij die u zelf kunt vervangen. Zorg voor een verantwoorde verwerking van oude batterijen. Verwijder het ronde batterijdeksel op de achterkant van de hartslagmonitor met behulp van een muntstuk. Verdraai het deksel in tegenwijzerzin totdat u het kunt verwijderen. Vervang de batterij. Wees voorzichtig, zodat u de o-ring van het deksel niet beschadigt of verliest. Schroef het deksel weer vast met een muntstuk.
Bijvoegsels Cadans - Ronde—Gemiddelde cadans van uw huidige ronde. Calorieën—Aantal calorieën verbrand. GPS miswijzing *—Afwijkingsmarge van uw exacte locatie. Uw GPS locatie is b.v. nauwkeurig tot op 5 m. Gradiënt—Berekening van de stijging. Als u bijvoorbeeld bij 1 meter stijging (hoogte) 2 meter aflegt (afstand), bedraagt de gradiënt 50%. standaard zones zijn gebaseerd op uw maximum hartslag en gebruikersprofiel. Hoogte *—Afstand boven/onder zeeniveau. Ronden—Aantal afgelegde ronden. Snelheid – Gemidd.
Bijvoegsels snelheid zone, gebaseerd op uw instellingen. Zie blz. 46. Tijd – Gem. ronde —Gemiddelde rondetijd - huidige stand. Snelheidzone—Huidige snelheidzone gebaseerd op standaard of eigen instellingen: Climb 1–4, Flat 1–3, Descent, Sprint en Max Speed. Tijd – Laatste rnd—Tijd van de vorige volledige ronde. Tijd – Pauze—Tijd verstreken met timer op Auto Pauze. Tempo—Huidig tempo Tijd – Ronde—Tijd van de huidige ronde. Tempo – Best—Hoogste tempo - huidige rit Voorl.
Bijvoegsels Hartslag - informatie Veel lopers en andere atleten gebruiken hartslag “zones” om hun cardiovasculaire prestaties te meten en hun conditie te verbeteren. Wat zijn hartslag zones? Een hartslag zone is een bereik van hartslagwaardes (beats per minute of bpm). De vijf gebruikelijke hartslagbereiken worden genummerd van 1 tot 5, volgens stijgende intensiteit. Normaal worden hartslagbereiken berekend op basis van uw maximale hartslag. Zie volgende blz.
Bijvoegsels Hoe kan ik mijn hartslag zones bepalen? Als u uw maximum hartslag kent, kunt u die manueel invullen en de Forerunner uw hartslag zones laten berekenen volgens de percentages hieronder. Voor meer informatie over het instellen van uw hartslag zones, zie blz. 47. Zone % max.
Bijvoegsels Over sensorkoppeling De koppeling is het proces waarbij sensoren - zoals uw hartslagmonitor - worden gekoppeld aan uw Forerunner 305. Dit proces verloopt automatisch als u de Forerunner aanzet en het duurt slechts enkele seconden als de sensoren aan staan en correct werken. Eenmaal gekoppeld, zal uw Forerunner enkel gegevens oppikken van uw sensor. Bij het opstarten zal uw Forerunner automatisch zoeken naar de sensoren die u heeft geactiveerd Elke sensor heeft een unieke ID.
Bijvoegsels Hartslagmonitor Troubleshooting Als u problemen ondervindt bij de koppeling van uw hartslagmonitor of als de uitlezing onregelmatig is, volg dan deze tips: • • • • • 56 Zorg dat de Forerunner zich binnen de 3 m van de sensor bevindt. Blijf tijdens de koppeling uit de buurt van andere sensoren. Verwijder u van mogelijke storingsbronnen (zie vorige blz.). Voer een nieuwe scan uit als uw Forerunner gekoppeld lijkt te zijn met een andere sensor (zie blz. 42).
Bijvoegsels Garmin Training Center De Garmin Training Center software vindt u in de verpakking van de Forerunner. Gebruik de Training Center CD om het programma op uw PC te installeren. Met Training Center kunt u uw workouts analyseren en u kunt workouts creëren en plannen om ze daarna in uw Forerunner te laden. Om Training Center te installeren: 1. Leg de Training Center CD in de CD-lezer van de PC. Forerunner® 205/305 Handleiding Als de CD niet automatisch start, klik dan op Start en Uitvoeren….
Bijvoegsels Specificaties GPS: SiRFstarIII™ technologie met hoge gevoeligheid Acquisitietijd: Hete start: < 1 s Warme start: < 38 s Koude start: < 45 s Batterij: Herlaadbare ingebouwde lithium-ion batterij Levensduur batterij: 10 uren (bij gemiddeld gebruik) Waterbestendig: IEC 60529 IPX7 (onderdompeling 1 m @ 30 min.) Bijwerktijd: 1/s, continu Hartslagmonitor: GPS positienauwkeurigheid*:. < 10 m 50%, nominaal Zendbereik: ongeveer 3 m GPS snelheidnauwkeurigheid*:. < 0.
Bijvoegsels Beperkte garantie Dit Garmin product staat voor een periode van een jaar na de aankoopdatum onder garantie voor defecte onderdelen en werkuren. Tijdens deze periode zal Garmin gelijk welk onderdeel herstellen of vervangen dat bij normaal gebruik defect raakt. Deze herstellingen of vervangingen zullen gebeuren zonder kosten voor onderdelen of werkuren voor de gebruiker, onder voorwaarde dat de gebruiker instaat voor de transportkosten.
Bijvoegsels transportkosten vooraf betaald, naar gelijk welk Garmin garantieservice center. Een kopie van de originele verkoopfactuur is vereist als bewijs van aankoop bij reparatie onder garantie. Garmin International, Inc. Tel. 913/397.8200, Fax. 913/397.8282 verleend door de locale verdeler in het betreffende land en deze verdeler verleent de service voor uw toestel.
Bijvoegsels FCC Conformiteit Het toestel is conform “Part 15 of the FCC interference limits for Class B digital devices FOR HOME OR OFFICE USE”. Deze voorwaarden zijn bepaald om een betere bescherming te bieden tegen schadelijke interferentie in een woonomgeving, en zijn strenger dan de eisen voor outdoor gebruik.
Bijvoegsels Software Licentieovereenkomst DOOR DE FORERUNNER 205/305 TE GEBRUIKEN, STEMT U IN MET DE VOORSCHRIFTEN EN VOORWAARDEN VAN DE VOLGENDE LICENTIEOVEREENKOMST. LEES DEZE OVEREENKOMST ZORGVULDIG DOOR AUB. Garmin verleent u een beperkte licentie voor het gebruik van de in dit toestel ingebouwde software (de “Software”), in binaire uitvoerbare vorm, bij het normale gebruik van het product. Titel, eigendomsrecht en rechten van intellectueel eigendom blijven in handen van Garmin��.
Bijvoegsels CE Conformiteit Hierbij verklaart Garmin International dat deze GPS-apparatuur voldoet aan de essentiële vereisten en andere relevante voorschriften van de Richtlijn 1999/5/EC.
Bijvoegsels Waarschuwing Als u de volgende mogelijk gevaarlijke situaties niet vermijdt, kan dit leiden tot ongevallen met ernstige verwondingen of de dood tot gevolg. Vergelijk bij het navigeren de aanduidingen van de Forerunner met alle beschikbare navigatiepunten, visuele referenties, kaarten, enz. Voor uw veiligheid, los alle discrepanties op vooraleer u verder gaat met navigeren De Forerunner bevat een herlaadbare lithium-ion batterij.
Bijvoegsels Opgelet Het niet vermijden van de volgende mogelijk gevaarlijke situaties kan leiden tot materiële schade of verwondingen. Gebruik de Forerunner enkel als hulpmiddel bij het navigeren. Gebruik de Forerunner niet voor andere doeleinden die een precieze meting van richting, afstand, locatie of topografie vereisen. Dit toestel mag niet worden gebruikt om de hoogte ten opzichte van de grond te bepalen bij luchtvaartnavigatie.
Index Index A Aan/Uit toets 6 Accessoires toevoegen 42 Afstand alarm 9 Alarmen 9 cadans 12 hartslag 11 snelheid 10 tempo 10 tijd en afstand 9 Audiotonen, aan-/uit 40 Auto Multisport 27 Auto pauze 12 Auto ronde 13 Auto scroll timer pagina’s 41 B Batterij hartslagmonitor 50 opladen 1 symbool 7 Binnenshuis gebruiken 40 66 C Cadans alarm 12 Contacteer Garmin ii Contrastregeling 41 D Data opslag 42 Datavelden 50 Datavelden wijzigen 39 E Eenheden wijzigen 44 Enter toets 6 Extra gewicht 45 G Ga naar positie
Index L Lap toets 6 M Mode toets 6 Multisport workouts 26– 28 P Pijltoetsen 6 Polsband verlengen 5 Posities markeren 34 wijzigen 35 wissen 35 zoeken 34 Productregistratie ii R Reiniging en onderhoud 49 Reset toets 6 Rusttijd/-afstand 12 Ritten 24–25 Routes 36–37 S Satellietpagina 38 Satellietsignalen ontvangen 2 Schermverlichting 6, 41 Serienummer ii Snelheid alarm 10 Specificaties 58 Sporten, wisselen 7 Start/stop toets 6 W Waterdichtheid 49 Z Zomertijd 44 T Taal instellen 40 Tempo afvlakking 46 T
Bezoek de GARMIN website voor de laatste kosteloze update van de software (exclusief cartografie) voor uw GARMIN product(en). ©2005 GARMIN Corporation Garmin International, Inc. 1200 East 151st Street, Olathe, Kansas 66062, U.S.A. Garmin (Europe) Ltd. Unit 5, The Quadrangle, Abbey Park Industrial Estate, Romsey, SO51 9DL, U.K. Garmin (Asia) Corporation No. 68, Jangshu 2nd Road, Shijr, Taipei Country, Taiwan www.garmin.com Importeur voor België en het Groot-Hertogdom Luxemburg: Formar N.V.