Installation Instructions

4 echo-Installatie-instructies

1. Leid de stroom- en transducerkabel
door het middelste gat van
16 mm (
5
/
8
inch) dat u heb geboord bij het gereedmaken van de
draaivoet.
2. Plaats de voet
op de gewenste plaats,
leid de kabels door de gaten
en zet de
voet losjes vast met de juiste schroeven
of bouten
.
3. Plaats de draaivoet
op de voet maar
zet de draaivoet niet vast.
4. Plaats het echolood of de houder in de
draaivoet (pagina 4).
5. Laat genoeg speling in de stroom- en
transducerkabel zodat het apparaat kan
draaien zonder dat de kabels te strak
komen te zitten.
6. Maak het apparaat of de houder en
de draaivoet los van de grondplaat.
7. Smeer het middelste gat van 16 mm
(
5
/
8
inch) en de gaten voor de kabels
in met watervaste kit.
8. Zet de draaivoet met de juiste schroeven of bouten vast.
9. Plaats de draaivoet op de voet en zet de draaivoet met
de 10 mm M6×1-kruiskopschroef
vast.

Doe dit alleen als u de kabels niet door het gat in de
voet wilt laten lopen.
1. Zet de draaivoet
op de voet en zet de draaivoet
met de juiste schroeven of bouten
vast.
2. Plaats de draaivoet op de voet
en zet de
draaivoet met de 10 mm M6×1-kruiskopschroef
vast.
3. Smeer de gaten waar de kabels doorlopen
,
in met watervaste kit.

1. Plaats het echolood 100/150/300c
of de houder van de 200/500c/550c
met de vergrendelingsarm
omhoog in de draaivoet
.
2. Zet de voet in de gewenste kijkhoek en duw de vergrendelingsarm
omlaag.


1. Leid de stroomkabel van de draaivoet naar de accu of het blok
met de zekeringen.
Verleng indien nodig de kabels met draad van 20 AWG of groter.
2. Sluit de rode draad aan op de positieve pool van de accu of het blok
met de zekeringen, en sluit de zwarte draad aan op de negatieve pool.

Bij een 100/150c/300c passen de aansluitingen van de kabels alleen in de
desbetreffende poorten op het apparaat.
1. Vergelijk de uitsparing
op de kabelaansluiting met die
op de apparaatpoorten om de juiste poort op te zoeken.
2. Duw de kabelaansluiting in de juiste poort totdat de
kabel goed is aangesloten.
3. Herhaal stap 1 en 2 totdat alle kabels op het apparaat
zijn aangesloten.