Operation Manual

39
WEGWIJS IN UW AUTO
PLAFONDLAMPJE
Het lampje gaat automatisch branden
als u één van de voorportieren opent.
Het lampenglas A-fig. 52 heeft drie
standen:
- zijde 1 ingedrukt: lampje brandt
altijd
- zijde 2 ingedrukt: lampje altijd
gedoofd
- middenstand (neutraal): het lampje
wordt in-/uitgeschakeld als het portier
wordt geopend/gesloten.
Als u de hendel naar het stuur trekt
fig. 49 schakelen de ruitensproeiers
in.
Achterruitwisser/-sproeier
Deze werkt uitsluitend als de
contactsleutel in stand MAR staat.
Standen:
1) draai de schakelaar van stand å in
stand
'
fig. 50;
2) als u de hendel naar voren duwt
(stand zonder vergrendeling) fig. 51,
schakelen de achterruitsproeier en
-wisser in; als u de hendel loslaat,
schakelen ze automatisch uit.
fig. 50
P4Q00053
fig. 49
P4Q00054
fig. 51
P4Q00055
fig. 52
P4Q01046