F I I A N S T T R U Q 530.02.
001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 1 Geachte cliënt, Hartelijk dank dat u voor een Fiat hebt gekozen en gefeliciteerd met uw keuze voor de Fiat QUBO. Wij hebben dit boekje samengesteld zodat u elk onderdeel van uw Fiat QUBO leert kennen en u uw auto op de juiste manier zult gebruiken. Wij raden u aan alle hoofdstukken door te lezen voordat u voor de eerste keer met de auto gaat rijden.
001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 2 ABSOLUUT LEZEN! BRANDSTOF TANKEN K Benzinemotoren: tank uitsluitend loodvrije benzine met een minimum octaangetal van 95 RON die voldoet aan de Europese specificatie EN 228. Dieselmotoren: tank uitsluitend diesel voor motorvoertuigen conform de Europese specificatie EN590. Het gebruik van andere producten of mengsels kan de motor onherstelbaar beschadigen en het vervallen van de garantie tot gevolg hebben.
001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 3 ELEKTRISCHE APPARATUUR Als u na aanschaf van uw auto accessoires wilt monteren die stroom verbruiken (waardoor de accu langzaam kan ontladen), wendt u dan tot het Fiat Servicenetwerk. Deze kan controleren of de elektrische installatie van de auto geschikt is voor het extra stroomverbruik. GEPROGRAMMEERD ONDERHOUD Goed onderhoud van de auto is de beste manier om de prestaties en de veiligheid van de auto gedurende langere tijd te garanderen.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 4 4 DASHBOARD EN BEDIENING DASHBOARD ...................................................................... 5 PLAFONDVERLICHTING ................................................. 51 INSTRUMENTENPANEEL ................................................. 6 BEDIENINGSKNOPPEN .....
DASHBOARD fig. 1 1. Luchtrooster voor lucht naar de zijruiten - 2. Verstel- en regelbaar luchtrooster - 3. Linker hendel: bediening buitenverlichting 4. Instrumentenpaneel en lampjes - 5. Rechter hendel: bediening ruitenwissers, achterruitwisser, trip computer - 6. Autoradio (indien aanwezig) - 7. Schakelaar waarschuwingsknipperlichten, achterruitverwarming, schakelaar in-/uitschakelen ASR-systeem (indien aanwezig), ontgrendelknop achterdeuren (indien aanwezig) - 8.
INSTRUMENTENPANEEL Uitvoeringen met digitaal display A Snelheidsmeter B Brandstofmeter met waarschuwingslampje brandstofreserve C Koelvloeistoftemperatuurmeter met waarschuwingslampje voor te hoge koelvloeistoftemperatuur D Toerenteller E Digitaal display ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 6 6 m c Lampjes alleen aa
Als bij het starten de code niet wordt herkend, gaat op het instrumentenpaneel het waarschuwingslampje Y branden. Draai in dat geval de sleutel in stand STOP en vervolgens in stand MAR; als de motor geblokkeerd blijft, probeer dan nogmaals de motor te starten met een van de andere geleverde sleutels. Als de motor nog niet aanslaat, voer dan een noodstart uit (zie het hoofdstuk “Noodgevallen”) en wendt u daarna tot het Fiat Servicenetwerk.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 8 8 DE SLEUTELS MECHANISCHE SLEUTEL fig. 4 De metalen baard A dient voor: r het start-/contactslot; r de sloten van de portieren; r het openen/sluiten van de tankdop. SLEUTEL MET AFSTANDSBEDIENING (indien aanwezig) fig.
r trek de batterijhouder D naar buiten en vervang de batterij E; let daarbij goed op de polariteit; r plaats de batterijhouder D in de sleutel en draai de schroef C op Á. fig. 6 F0T0300m Lege batterijen zijn schadelijk voor het milieu. Ze moeten in een daarvoor bestemde chemobox of afvalbak worden gedeponeerd. Ze kunnen ook ingeleverd worden bij het Fiat Servicenetwerk, dat vervolgens voor de afvoer zorgt. VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN r draai de schroef C in stand : m.b.v.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 10 10 DEAD LOCK-SYSTEEM (indien aanwezig) Dit veiligheidssysteem verhindert de werking van de binnenhandgrepen, waardoor de portieren niet van binnenuit kunnen worden geopend bij een inbraakpoging (bijvoorbeeld na het inslaan van een ruit).
r als een portier, de motorkap, de achterklep of (indien aanwezig) een van de zijschuifdeuren ongeoorloofd wordt geopend (omtrekbeveiliging); r bij een ongeoorloofde bediening van het start-/contactslot (in stand MAR draaien m.b.v. een ongeautoriseerde sleutel); r als de accukabels worden onderbroken; r er iets in het interieur beweegt (volumetrische beveiliging); r bij het optillen/kantelen van de auto.
MELDINGEN VAN INBRAAKPOGINGEN Het systeem schakelt uit als u knopje Ë op de afstandsbediening indrukt. Tijdens het inschakelen van het instrumentenpaneel wordt iedere inbraakpoging aangegeven, afhankelijk van het uitrustingsniveau, door het brandend controlelampje Y of een symbool en een specifiek bericht op het display op het instrumentenpaneel (zie het hoofdstuk “Lampjes en berichten”).
r AVV: motor starten. STUURSLOT Het contactslot is voorzien van een herstartbeveiliging. Als de motor bij de eerste poging niet aanslaat, moet u de sleutel terugdraaien in stand STOP en nogmaals starten. Inschakelen F0T0039m Zet de sleutel in stand STOP, trek de sleutel uit het start-/contactslot en draai het stuur totdat het vergrendelt. Uitschakelen Draai het stuur iets heen en weer, terwijl u de sleutel in stand MAR draait. VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN fig.
INSTRUMENTEN De achtergrondkleur en de vormgeving van de instrumenten kunnen per uitvoering verschillen. ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 14 14 fig. 9 F0T0150m fig. 10 F0T0151m SNELHEIDSMETER fig. 9 TOERENTELLER fig. 10 Geeft de snelheid van de auto aan.
F - brandstoftank vol (zie de paragraaf “Tanken van de auto” in dit hoofdstuk). Rijd niet met een bijna lege brandstoftank om beschadiging van de katalysator te voorkomen. BELANGRIJK Als de wijzernaald op de indicatie E staat en het waarschuwingslampje A knippert, dan is er een storing in het systeem. Wendt u in dit geval tot het Fiat Servicenetwerk om het systeem te laten controleren. fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 16 16 DIGITAAL DISPLAY BEGINSCHERM fig. 12 Op het beginscherm kan het volgende worden weergegeven: A Weergave koplampafstelling (alleen als het dimlicht is ingeschakeld). B Kilometerteller (weergave kilometer-/ mijltotaalteller). fig.
“Klokje instellen” selecteren – druk kort op de knop MENU ESC om de eerste eenheid (uren) te veranderen; – met de knop + of – (door de knop telkens in te drukken) kan de nieuwe instelling worden geselecteerd; – als u de knop MENU ESC kort indrukt, kunt u de instelling opslaan en tegelijkertijd verdergaan naar het volgende onderdeel van het instelmenu (minuten); – na het instellen van de tijd keert u terug naar het eerder geselecteerde menupunt.
Om vanuit het beginscherm te kunnen navigeren, moet u kort op de knop MENU ESC drukken. Druk op de knop + of – om in het menu te navigeren. Opmerking Als de auto rijdt, is om veiligheidsredenen alleen een beperkt menu (instelling “SPEEd”) toegankelijk. Als de auto stilstaat is het uitgebreide menu toegankelijk.
– druk op de knop + of – om de snelheidslimiet in te schakelen (On) of uit te schakelen (OFF); – als de functie al was ingeschakeld (On), kan met de knop + of – de gewenste snelheidslimiet worden ingesteld en worden bevestigd door het indrukken van de knop MENU ESC; Opmerking De waarde kan worden ingesteld tussen 30 en 200 km/h of tussen 20 en 125 mph, afhankelijk van de ingestelde meeteenheid (zie de paragraaf “Meeteenheid instellen Unit”).
ALFABETISCH REGISTER 20 – druk op de knop + of – om de gewenste meeteenheid in te stellen. r druk op de knop MENU ESC en druk, nadat op het display het bericht (BAG P OFF) (voor uitschakeling) of het bericht (BAG P On) (voor inschakeling) is verschenen door het indrukken van de knop + of –, opnieuw op de knop MENU ESC; – druk kort op de knop MENU ESC om terug te keren naar het menuscherm of houd de knop even ingedrukt om terug te keren naar het beginscherm zonder op te slaan.
001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 21 Om het scherm en de keuzemogelijkheden naar boven te doorlopen of de weergegeven waarde te verhogen. MENU Kort indrukken voor toegang ESC tot het menu en/of naar het vol- gende scherm te gaan of de keuze te bevestigen. Even ingedrukt houden om terug te keren naar het beginscherm. – Om in het scherm en de keuzemogelijkheden de voorgaande optie te selecteren of de weergegeven waarde te verlagen.
Een menupunt selecteren in het hoofdmenu zonder submenu: – als u de knop MENU ESC kort indrukt, kunt u in het hoofdmenu de instelling selecteren die u wilt wijzigen; – met de knop + of – (door de knop telkens in te drukken) kan de nieuwe instelling worden geselecteerd; – als u de knop MENU ESC kort indrukt, kunt u de instelling opslaan en tegelijkertijd terugkeren naar het daarvoor geselecteerde menupunt.
001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 23 Français Turkçe Português + + MENU ESC knop kort indrukken + – – + – Jaar PIEP SNELHEID SLUIT MENU AP STEL UUR IN STEL DAG IN – – – + – BAG PASSAGIER PIEP GORD. (*) + – + + ZIE RADIO AUTOCLOSE TOETS GEL. – DASHBOARD EN BEDIENING – GEGEV.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 24 24 Snelheidslimiet (Piep Snelheid) Met deze functie kan de snelheidslimiet van de auto (km/h of mph) worden ingesteld. Als deze limiet wordt overschreden, wordt de bestuurder gewaarschuwd (zie hoofdstuk “Lampjes en berichten”).
– als het submenu “Tijd” is gekozen: druk kort op de knop MENU ESC; op het display knipperen de “uren”; – druk op de knop + of – om de instelling uit te voeren; – druk kort op de knop MENU ESC; op het display knipperen de “minuten”; – druk op de knop + of – om de instelling uit te voeren; – druk op de knop + of – om de instelling uit te voeren. Opmerking Elke keer als u de knop + of – indrukt, wordt de waarde een eenheid verhoogd of verlaagd.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 26 26 Herhaling informatie audiosysteem (Zie radio) Met deze functie kan op het display de informatie over de autoradio worden weergegeven.
– druk op de knop + of – om de keuze uit te voeren; Druk na het uitvoeren van de instelling kort op de knop MENU ESC om terug te keren naar het scherm van het submenu of houd de knop even ingedrukt om terug te keren naar het scherm van het hoofdmenu zonder op te slaan. – houd de knop MENU ESC nogmaals even ingedrukt om terug te keren naar het beginscherm of het hoofdmenu, afhankelijk van waar u zich in het menu bevindt.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 28 28 Volumeregeling knoppen (Toets gel.) Het akoestische signaal dat klinkt bij het indrukken van de knoppen MENU ESC, + en –, kan worden ingesteld op 8 niveaus.
VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN LAMPJES EN BERICHTEN VOORZORGSIN MAATREGELEN NOODGEVALLEN EN ONDERHOUD F0T1004g F0T1009g MENU ESC F0T1011g r druk kort op de knop MENU ESC, er verschijnt een bevestiging van de keuze en er wordt teruggekeerd naar het menuscherm of druk de knop lang in om terug te keren naar het standaardscherm zonder op te slaan.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 30 30 Menu verlaten TRIPCOMPUTER Laatste functie waarmee de instellingen uit het menuscherm worden afgesloten. Algemeen Druk kort op de knop MENU ESC om terug te keren naar het beginscherm zonder op te slaan.
Gemiddeld verbruik BELANGRIJK Als er geen informatie is, verschijnt bij alle functies op de Trip computer de aanduiding “- - - -” in plaats van de waarde. Wanneer de normale werking weer hersteld is, worden de waarden van de functies weer op normale wijze weergegeven. De waarden die voor de storing werden weergegeven, worden niet op nul gezet en er wordt geen nieuwe rit begonnen. Geeft de afstand aan die nog gereden kan worden met de brandstof in de brandstoftank.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 32 32 fig. 18 F0T0038m Bedieningsknop TRIP fig.
001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 33 DASHBOARD EN BEDIENING ZITPLAATSEN Draai de knop D om het steunvlak van de rugleuning aan te passen. fig. 19 Rugleuning verstellen Draai aan de knop B. F0T0153m Stoelverwarming (indien aanwezig) Hoogteverstelling (bestuurdersstoel) (indien aanwezig) Druk met de sleutel in stand MAR op de knop A-fig. 20 om de functie in of uit te schakelen. Verhoog of verlaag m.b.v.
DASHBOARD EN BEDIENING BELANGRIJK Verplaats de stoel uitsluitend als er geen passagiers op de achterzitplaatsen zitten. ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN INKLAPBARE PASSAGIERSSTOEL (indien aanwezig) VEILIGHEID 001-035 QUBO NL 1ed:001-035 Qubo NL 26-11-08 14:39 Pagina 34 34 A Op enkele uitvoeringen kan de passagiersstoel worden ingeklapt. Stoel inklappen fig. 22 F0T0163m fig.
Ga om de stoel weer in de normale gebruiksstand te zetten als volgt te werk: r pak de lip A-fig. 24 vast en trek de rugleuning omhoog; r bedien de hendels B-fig. 25 vast en trek de stoel verder omhoog. F0T0237m ATTENTIE! Als de passagiersstoel volledig is ingeklapt, mag de daardoor ontstane ruimte niet als laadruimte gebruikt worden.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 36 36 HOOFDSTEUNEN VOOR fig. 26 Deze zijn in hoogte verstelbaar en vergrendelen automatisch in de gewenste stand. r omhoog verplaatsen: trek de hoofdsteun omhoog totdat deze hoorbaar vergrendelt. r omlaag verplaatsen: druk op de knop A en duw de hoofdsteun omlaag. fig.
Op enkele uitvoeringen kan het stuur zowel in lengterichting als in hoogte worden versteld. BINNENSPIEGEL (indien aanwezig) fig. 29 De binnenspiegel is voorzien van een beveiligingsmechanisme, waardoor de spiegel bij een krachtig contact met een inzittende losschiet. Ga voor het verstellen als volgt te werk: r ontgrendel de hendel A-fig. 28 door deze naar voren te drukken (stand 1); fig. 28 F0T0040m fig. 29 F0T0027m staat.
STARTEN EN RIJDEN Spiegel handmatig inklappen ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN fig. 30 LAMPJES EN BERICHTEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 38 38 F0T0042m BUITENSPIEGELS Indien nodig (bijv. bij nauwe doorgangen) kunnen de buitenspiegels worden ingeklapt door ze van stand A-fig. 30 in stand B te zetten. ATTENTIE! Tijdens het rijden moeten de spiegels altijd in stand A-fig.
036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 39 fig. 33 F0T0148m 1. Vast luchtrooster boven - 2. Verstelbare luchtroosters in het midden - 3. Vaste luchtroosters aan zijkant - 4. Verstelbare luchtroosters aan zijkant - 5.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 40 40 fig. 34 F0T0031m LUCHTROOSTERS IN HET MIDDEN EN AAN DE ZIJKANT fig. 34-35 A - Verstelbaar luchtrooster aan de zijkant. B - Vast luchtrooster voor de zijruiten. C - Verstelbare luchtroosters in het midden. fig.
036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 41 DASHBOARD EN BEDIENING VERWARMING EN VENTILATIE BEDIENINGSKNOPPEN fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 42 42 VERWARMING Ga als volgt te werk: r draai de knop A geheel naar rechts (in stand -); r draai knop C op de gewenste snelheid.
036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 43 r draai knop B op de gewenste snelheid. r draai de knop D in stand ¥. WAARSCHUWING Met de recirculatiefunctie kan, afhankelijk van de gekozen werking (“verwarmen” of “koelen”) sneller het gewenste resultaat worden bereikt. Het is echter niet raadzaam deze functie in te schakelen op regenachtige of koude dagen, omdat dan de ruiten aan de binnenzijde aanzienlijk sneller kunnen beslaan. DASHBOARD EN BEDIENING VEILIGHEID fig.
KLIMAATREGELING, HANDBEDIEND (indien aanwezig) ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 44 44 fig. 38 F0T0029m BEDIENINGSKNOPPEN fig.
r draai de knop D in stand ß. r draai de knop A in de stand -; SNELLE ONTWASEMING/ ONTDOOIING VAN DE VOORRUIT EN DE ZIJRUITEN VOOR (functie MAX-DEF) Ga als volgt te werk: r draai de knop A in de stand -; r draai de schroef C op 4 r draai de knop D in stand -; r zet de schuif B in stand ¶. Nadat de ruiten ontwasemd zijn, kan een stand gekozen worden waarbij het comfort optimaal blijft.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 46 46 AIRCONDITIONING (koelen) ONDERHOUD VAN HET SYSTEEM Ga als volgt te werk: Schakel in de winter de airconditioning 1 keer per maand gedurende 10 minuten in. Laat voor het zomerseizoen de werking van de airconditioning door het Fiat Servicenetwerk controleren.
Als u de buitenverlichting inschakelt, gaan ook de verlichting van het instrumentenpaneel en de bedieningsknoppen op het dashboard branden. Trek de hendel, met draaiknop A in stand 2 naar het stuur (2e niet vergrendelde stand). Op het instrumentenpaneel gaat het lampje 1 branden. VERLICHTING UITGESCHAKELD Draaiknop in stand O. BUITENVERLICHTING Draai de draaiknop in stand 6. Op het instrumentenpaneel gaat het lampje 3 branden. fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 48 48 “FOLLOW ME HOME” SYSTEEM RICHTINGAANWIJZERS fig. 41 Met dit systeem kan de ruimte voor de auto een bepaalde tijd worden verlicht.
≤ wissen met interval. ≥ langzaam continu wissen. ¥ snel continu wissen. F0T0158m In stand A-fig. 42 (onvergrendelde stand) werken de ruitenwissers, zolang u de hendel met de hand in deze stand houdt. Als u de hendel loslaat, springt deze direct weer terug en schakelen de ruitenwissers automatisch uit. Als de draaiknop in stand ≤ staat, wordt de slag van de ruitenwissers automatisch aangepast aan de snelheid van de auto.
“Intelligente wis-/wasregeling” Deze werken uitsluitend als de contactsleutel in stand MAR staat. Als u de hendel langer dan een halve seconde aangetrokken houdt, dan worden in een handeling de ruitenwissers en de ruitensproeiers ingeschakeld. Als u de draaiknop in stand ' zet, schakelt de achterruitwisser als volgt in: Als u de hendel loslaat, maken de ruitenwissers nog drie slagen.
036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 51 DASHBOARD EN BEDIENING PLAFONDVERLICHTING Met schakelaar B bedient u de spotjes; bij uitgeschakelde plafondverlichting wordt met de schakelaar: Met schakelaar A kunnen de plafondlampjes worden in- en uitgeschakeld. r in linker stand, het spotje C ingeschakeld; Met schakelaar A in het midden worden de lampjes C en D in-/uitgeschakeld bij het openen/sluiten van de portieren.
036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 52 DASHBOARD EN BEDIENING De schakelaar A kan in 3 standen worden gezet: ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID r met de schakelaar in het midden (stand 0) wordt de verlichting ingeschakeld bij het openen van een deur; 52 r met de schakelaar omhoog gedrukt (stand 1) blijft de verlichting altijd ingeschakeld; fig. 45 F0T0114m fig.
Deze bevindt zich aan de rechterzijde in de laadruimte. Deze kan als vast verlichtingspunt of als zaklamp worden gebruikt. Om de zaklamp te gebruiken A-fig. 47 moet u op de knop B drukken en de zaklamp in de richting van de pijl uit de houder nemen. Bedien vervolgens de schakelaar C om de verlichting in of uit te schakelen. Als de uitneembare plafondverlichting in de vaste houder zit, wordt de batterij van de zaklamp automatisch opgeladen.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 54 54 BEDIENINGSKNOPPEN WAARSCHUWINGSKNIPPER LICHTEN Druk op de schakelaar A-fig. 49, ongeacht de stand van de contactsleutel. Als het systeem is ingeschakeld, branden de lampjes Î en ¥ op het instrumentenpaneel. De lichten schakelen uit als u de schakelaar A nogmaals indrukt.
Bij bepaalde uitvoeringen verschijnt op het display het bericht “Brandstofnoodschakeling ingeschakeld zie instructieboekje” als de brandstofnoodschakeling inschakelt. Controleer de auto zorgvuldig op brandstoflekkage, bijvoorbeeld in de motorruimte, onder de auto of in de nabijheid van de brandstoftank. Draai na het ongeval de contactsleutel in stand STOP om te voorkomen dat de accu ontlaadt. VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN r de inschakeling van de interieurverlichting.
INTERIEUR ARMSTEUN STOEL BESTUURDERSZIJDE (indien aanwezig) fig. 51 Op enkele uitvoeringen is de bestuurdersstoel voorzien van een armsteun. U kunt de armsteun omhoog en omlaag zetten in de richting van de pijlen. fig. 51 F0T0056m VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN ALFABETISCH REGISTER 56 fig.
fig. 56 F0T0117m STEKKERDOOS (12V) AANSTEKER (indien aanwezig) ASBAK (indien aanwezig) fig. 56 Deze bevindt zich op de middenconsole fig. 54 en werkt alleen als de contactsleutel in stand MAR staat. Deze bevindt zich in de middenconsole. Druk voor het inschakelen van de aansteker de knop A-fig. 55 in, als de contactsleutel in stand MAR staat. De asbak bestaat uit een uitneembaar kunststof houder met een veeropening. De asbak kan in de beker/blikjeshouders geplaatst worden op de middenconsole.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 58 58 fig. 57 F0T0188m ZONNEKLEPPEN fig. 57 De zonnekleppen aan bestuurders- en passagierszijde kunnen voor de voorruit en de zijruit worden gedraaid. Aan de achterzijde van de zonneklep aan bestuurderszijde bevindt zich een vakje voor het opbergen van pasjes.
Als u de knop Á op de afstandsbediening twee keer kort indrukt, schakelt het dead lock-systeem in (zie de paragraaf “Dead lock-systeem”). fig. 61 F0T0242m Portierontgrendeling van buitenaf Druk kort op de knop Æ voor ontgrendelen van de portieren/deuren. Gelijktijdig wordt de plafondverlichting tijdelijk ingeschakeld en knipperen de richtingaanwijzers twee keer. Als u de metalen baard in het slot van het bestuurdersportier linksom draait, kunt u alle portieren/ deuren ontgrendelen.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 60 60 In geheel geopende stand wordt de zijschuifdeur door een vangmechanisme opengehouden. om de deur te vergrendelen, moet u de deur tegen de aanslag drukken; om de deur te ontgrendelen moet u de deur krachtig naar voren trekken.
036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 61 DASHBOARD EN BEDIENING KINDERVEILIGHEIDS-SLOT fig. 65 ACHTERDEUREN fig. 66 Het systeem blijft ook ingeschakeld na het elektrisch ontgrendelen van de portieren/deuren. De twee achterdeuren zijn ieder voorzien van een klemveer die de opening van de deur tot 90 graden beperkt. fig. 65 F0T0138m ATTENTIE! Schakel dit systeem altijd in als u kinderen vervoert.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 62 62 fig. 67 F0T0140m fig. 68 F0T0060m Openen/sluiten eerste deur van buitenaf Openen in noodgevallen eerste deur van binnenuit Openen: draai de metalen baard van de sleutel in het slot of druk op knop ∞ van de afstandsbediening en trek vervolgens de handgreep A-fig.
F0T0044m A: Openen/sluiten linker zijruit B: Openen/sluiten rechter zijruit Druk op de knop A of B om de gewenste ruit te openen/sluiten. Druk kort op een van de schakelaars voor het “stapsgewijs” openen/sluiten van de ruit; als de schakelaar langer wordt ingedrukt, wordt de “continu automatische” werking ingeschakeld zowel tijdens het openen als het sluiten. De ruit stopt in de gewenste stand als u nogmaals op de knop A of B drukt.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 64 64 BAGAGERUIMTE ACHTERKLEP VAN BUITENAF OPENEN De achterklep kan (indien ontgrendeld) alleen vanaf de buitenkant worden geopend met de elektrisch werkende handgreep A-fig. 71 die zich onder de rand bevindt. fig.
HOEDENPLANK VERWIJDEREN F0T0287m ATTENTIE! Het is absoluut verboden de achterbank met neergeklapte rugleuning te gebruiken voor het vervoer van lading of bagage. De lading kan tegen de rugleuning van de voorstoelen worden geworpen, waardoor de inzittenden ernstig kunnen worden verwond. De hoedenplank fig. 73 bestaat uit twee delen. Ga voor volledige verwijdering als volgt te werk: r open de achterklep, haak de pen A-fig. 75 los uit de zitting B-fig. 76 door het voorste deel A-fig.
fig. 77 F0T0288m fig. 79 F0T0066m VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN ALFABETISCH REGISTER 66 fig. 81 F0T0290m Uitvoeringen met ondeelbare achterbank LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 66 Om de capaciteit van de laadruimte verder te vergroten, moet u aan het lipje A-fig.
fig. 82 F0T0291m ACHTERBANK VERWIJDEREN Indien lading met ongewone afmetingen moet worden vervoerd, kan de laadruimte verder worden vergroot door de achterbank te verwijderen. Na het neerklappen van de achterbank zoals hiervoor beschreven, moet u de twee beugels A-fig. 82 aan de zijkant onder de achterbank bedienen (een per zijde). Onder de zitting van de deelbare achterbank is op een afbeelding (fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 68 68 MOTORKAP OPENEN Ga als volgt te werk: r trek de hendel A-fig. 85 in de richting van de pijl; r bedien het hendeltje B-fig. 66 en til de motorkap omhoog; F0T0045m fig. 85 fig. 88 F0T0283m r open de motorkap; SLUITEN r plaats de steunstang van de motorkap A-fig.
036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 69 De bevestigingspunten bevinden zich op de punten A en B-fig. 90. PULL TO CLOSE fig. 89 F0T0215m BELANGRIJK Onder de motorkap bevindt zich een plaatje met een korte samenvatting van de hiervoor beschreven handelingen voor het openen/sluiten van de motorkap (zie fig. 89). ATTENTIE! Om veiligheidsredenen moet de motorkap tijdens het rijden altijd goed gesloten zijn. Controleer daarom altijd of de motorkap goed vergrendeld is.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 70 70 KOPLAMPEN MISTLAMPEN VOOR AFSTELLEN (indien aanwezig) KOPLAMPEN AFSTELLEN Wendt u voor controle of afstelling tot het Fiat Servicenetwerk. Goed afgestelde koplampen zijn belangrijk voor het comfort en de veiligheid van uzelf en de overige weggebruikers.
WAARSCHUWING Voor een maximale werking van het remsysteem is een inrijperiode nodig van ongeveer 500 km: tijdens deze periode moet bruusk, herhaaldelijk of langdurig remmen worden voorkomen. ATTENTIE! Als het ABS in werking treedt, merkt u dat aan een trilling in het rempedaal. Verlaag de remdruk niet maar houd het rempedaal juist goed ingetrapt; op deze manier hebt u de kortste remweg in relatie tot de conditie van het wegdek.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 72 72 Storing in EBD Bij een storing branden de lampjes > en x op het instrumentenpaneel (op enkele uitvoeringen verschijnt ook een bericht op het display (zie het hoofdstuk “Lampjes en berichten”).
STORINGSMELDINGEN Bij een storing in het ESP wordt het systeem automatisch uitgeschakeld en gaat het lampje á op het instrumentenpaneel continu branden, verschijnt er een bericht op het multifunctionele display (waar voorzien) en gaat de led op de knop ASR branden (zie het hoofdstuk “Lampjes en berichten”). Wendt u in dat geval zo snel mogelijk tot het Fiat Servicenetwerk. ATTENTIE! De prestaties van het VDC mogen de bestuurder er niet toe verleiden onnodige en onverantwoorde risico’s te nemen.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 74 74 ASR-SYSTEEM (Antislip Regulation) Dit systeem controleert de trekkracht van de auto en grijpt automatisch in als een of beide aangedreven wielen dreigen door te slippen.
Voor de juiste werking van het ASR-systeem is het noodzakelijk dat de banden van alle wielen van hetzelfde merk en type zijn. De banden moeten in perfecte conditie zijn en de voorgeschreven afmetingen hebben. VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN LAMPJES EN BERICHTEN Inschakeling van het systeem Het ASR-systeem schakelt automatisch in als de motor wordt gestart.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 76 76 EOBD-SYSTEEM Met het EOBD-systeem (European On Board Diagnosis) kan een doorlopende diagnose worden uitgevoerd op die componenten op de auto die van invloed zijn op de emissie.
ACTIVERING De sensoren worden automatisch geactiveerd als de achteruit wordt ingeschakeld. Als de afstand tot het obstakel achter de auto kleiner wordt, neemt de frequentie van het geluidssignaal toe. fig. 95 F0T0211m AKOESTISCH WAARSCHUWINGSSYSTEEM Als de achteruit wordt ingeschakeld, treedt automatisch een repeterend geluidssignaal in werking (een kort piepgeluid om de activering van het systeem aan te geven).
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 78 78 WERKING MET AANHANGER ALGEMENE OPMERKINGEN De werking van de sensoren wordt automatisch uitgeschakeld als de stekker van de elektrische kabel van de aanhanger wordt aangesloten op de stekkerdoos van de trekhaak.
r aansluitkabels voor luidsprekers in de voorportierpanelen; Het pakket bestaat uit: r aansluitkabels voor luidsprekers achter (naast de hoedenplank) (indien aanwezig); r voedingskabels voor de autoradio; VEILIGHEID fig. 96 F0T0032m AUTORADIO INBOUWEN r 2 tweeters op de binnenste sierpanelen voor de buitenspiegels; De autoradio moet worden ingebouwd op de plek van het opbergvak in het midden. De voedingskabels liggen achter dit opbergvak.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 80 80 INSTALLATIE VAN ELEKTRISCHE/ ELEKTRONISCHE SYSTEMEN RADIOZENDAPPARATUUR EN MOBIELE TELEFOONS TANKEN VAN DE AUTO Radiozendapparaten (mobiele telefoons, 27 mc en dergelijke) mogen alleen in de auto worden gebruikt met een aparte antenne aan de buitenkant van de auto.
Als de auto lange tijd wordt gebruikt/ stilstaat in bergachtige/koude gebieden, is het raadzaam dieselbrandstof te tanken die ter plaatse beschikbaar is. In dat geval is het bovendien raadzaam een hoeveelheid brandstof in de tank te houden die groter is dan 50% van de nuttige inhoud. TANKINHOUD Om te zorgen dat de tank volledig gevuld wordt, moet u twee keer bijvullen nadat het vulpistool voor de eerste keer afslaat. Vul niet nog een keer bij om storingen in het brandstofsysteem te voorkomen.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 036-082 QUBO NL 1ed:036-082 Qubo NL 26-11-08 14:45 Pagina 82 82 Door de hermetische afsluiting kan een lichte verhoging van de druk in de tank ontstaan. Het is daarom normaal als u bij het losdraaien van de tankdop een sissend geluid hoort.
86 KINDEREN VEILIG VERVOEREN..................................... 89 MONTAGEVOORBEREIDING VOOR ISOFIX-KINDERZITJE ......................................................... 93 FRONTAIRBAGS ................................................................. 96 ZIJ-AIRBAGS (sidebags) ...................................................... 98 VEILIGHEID GORDELSPANNERS............................................................ STARTEN EN RIJDEN 85 LAMPJES EN BERICHTEN SBR-SYSTEEM ....................
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 083-100 QUBO NL 1ed:083-100 Qubo NL 26-11-08 14:48 Pagina 84 84 VEILIGHEIDSGORDELS De achterbank is voorzien van driepuntsveiligheidsgordels met rolautomaat voor alle zitplaatsen. GEBRUIK VAN DE VEILIGHEIDSGORDELS Ga goed rechtop zitten, steun tegen de rugleuning en leg dan de gordel om.
BELANGRIJK Als de rugleuning goed is vergrendeld, dan is de “rode band” B-fig. 3 op de hendels A niet meer zichtbaar. Als de “rode band” zichtbaar is, is de rugleuning niet goed vergrendeld. F0T0288m BELANGRIJK Plaats de veiligheidsgordels op de juiste wijze terug als de achterbank weer in de normale gebruiksstand wordt gezet, zodat ze altijd direct klaar voor gebruik zijn.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 083-100 QUBO NL 1ed:083-100 Qubo NL 26-11-08 14:48 Pagina 86 86 GORDELSPANNERS Voor een nog effectievere bescherming zijn de veiligheidsgordels voor van de auto voorzien van gordelspanners. Dit systeem trekt bij een heftige frontale en zijdelingse botsing de gordel enige centimeters aan.
083-100 QUBO NL 1ed:083-100 Qubo NL 26-11-08 14:48 Pagina 87 DASHBOARD EN BEDIENING TREKKRACHTBEGRENZERS (indien aanwezig) Ook zwangere vrouwen moeten een gordel dragen: ook voor hen (zowel voor de aanstaande moeder als het kind) is de kans op letsel bij een ernstig ongeval kleiner als ze een gordel dragen. Uiteraard moeten zwangere vrouwen het onderste deel van de gordel meer naar beneden omleggen, zodat de gordel over het bekken en onder de buik langs loopt (zoals in fig. 4 is aangegeven).
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 083-100 QUBO NL 1ed:083-100 Qubo NL 26-11-08 14:48 Pagina 88 88 ATTENTIE! Voor maximale veiligheid moet u de rugleuning rechtop zetten, tegen de leuning aan gaan zitten en de gordel goed laten aansluiten op borst en bekken.
Groep 1 gewicht 9-18 kg Dit is een wettelijk voorschrift volgens richtlijn 2003/20/EU in alle lidstaten van de Europese Unie. Groep 2 gewicht 15-25 kg Groep 3 gewicht 22-36 kg Het hoofd van kleine kinderen is in verhouding met de rest van het lichaam groter en zwaarder dan dat van volwassenen, terwijl spieren en botstructuur nog niet volledig zijn ontwikkeld. Daarom moeten kleine kinderen door andere systemen beschermd worden dan door de veiligheidsgordels.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 083-100 QUBO NL 1ed:083-100 Qubo NL 26-11-08 14:48 Pagina 90 90 ATTENTIE! ZEER GEVAARLIJK: Monteer absoluut geen kinderzitje achterstevoren op de passagiersstoel voor als de frontairbag aan passagierszijde is ingeschakeld.
VEILIGHEID GROEP 2 GROEP 3 Kinderen met een gewicht tussen 15 en 25 kg kunnen direct door de veiligheidsgordels van de auto worden beschermd fig. 9. Bij kinderen met een gewicht tussen 22 en 36 kg is de borstomvang van dien aard dat de kinderen gewoon tegen de rugleuning kunnen steunen en niet meer in een kinderzitje hoeven te worden vervoerd. Kinderen moeten zo in de kinderzitjes worden geplaatst, dat het diagonale gordelgedeelte schuin over de borst en niet langs de nek ligt.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 083-100 QUBO NL 1ed:083-100 Qubo NL 26-11-08 14:48 Pagina 92 92 GESCHIKTHEID VAN DE ZITPLAATSEN VOOR HET GEBRUIK VAN DE KINDERZITJES De auto voldoet aan de nieuwe Europese 2000/3/EU-richtlijnen voor de montage van kinderzitjes op de verschillende plaatsen in de auto.
r Houdt u bij de montage van het kinderzitje strikt aan de instructies. De fabrikant is verplicht deze instructies bij te leveren. Bewaar de instructies samen met het instructieboekje in de auto. Monteer geen gebruikte kinderzitjes waarvan de gebruiksaanwijzingen ontbreken; r zorg er tijdens de rit voor dat het kind geen afwijkende houding aanneemt of de gordels losmaakt; r Vervoer kinderen nooit in uw armen, ook geen pasgeboren kinderen.
STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 083-100 QUBO NL 1ed:083-100 Qubo NL 26-11-08 14:48 Pagina 94 fig. 12 Bedenk dat bij Isofix Universeel-kinderzitjes, alle zitjes gebruikt kunnen worden die goedgekeurd zijn volgens de ECE R44/03richtlijn “Isofix Universeel”. LAMPJES EN BERICHTEN VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN ALFABETISCH REGISTER 94 F0T0145m In het Fiat Lineaccessori-programma is een “Duo Plus” Isofix Universeel-kinderzitje beschikbaar. fig.
Groep 0 tot 10 kg Tegen de rijrichting in E IL Tegen de rijrichting in E IL Tegen de rijrichting in D IL Tegen de rijrichting in C IL (*) Tegen de rijrichting in D IL Tegen de rijrichting in C IL (*) In de rijrichting B IUF In de rijrichting B1 IUF In de rijrichting A IUF Groep 0+ tot 13 kg Groep I vanaf 9 kg tot 18 kg IUF: geschikt voor Isofix-kinderzitjes uit de universele klasse (met een derde bevestigingspunt boven) die in de rijrichting bevestigd moeten worden en goedgekeu
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 083-100 QUBO NL 1ed:083-100 Qubo NL 26-11-08 14:48 Pagina 96 96 FRONTAIRBAGS De auto is voorzien van frontairbags voor de bestuurder en de passagier (indien aanwezig).
fig. 15 F0T0033m FRONTAIRBAG AAN BESTUURDERSZIJDE fig. 14 Deze bestaat uit een opblaasbaar kussen dat in een daarvoor bestemde ruimte in het midden van het stuurwiel is geplaatst. BELANGRIJK Raadpleeg voor het handmatig uitschakelen van de frontairbag en zij-airbag (sidebag) (indien aanwezig) aan passagierszijde, de paragrafen “Digitaal display” en “Multifunctioneel display” in het hoofdstuk “Dashboard en bediening”.
ZIJ-AIRBAGS (sidebags) (indien aanwezig) SIDEBAGS fig. 16 (indien aanwezig) Bij enkele uitvoeringen is de auto uitgerust met zij-airbags voor (sidebags voor) aan bestuurders- en aan passagierszijde voor bescherming van borst-bekken. De zij-airbags beschermen de inzittenden bij middelzware en zware zijdelingse aanrijdingen, door het opblazen van een luchtkussen tussen de inzittende en de interieurdelen aan de zijkant van de auto.
Na een ongeval waarbij een of meerdere veiligheidssystemen zijn geactiveerd, dient u contact op te nemen met het Fiat Servicenetwerk om de geactiveerde systemen te laten vervangen en de werking van het systeem te laten controleren. Alle controlewerkzaamheden, reparaties en de vervanging van de airbag moeten door het Fiat Servicenetwerk worden uitgevoerd.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 083-100 QUBO NL 1ed:083-100 Qubo NL 26-11-08 14:48 Pagina 100 100 ATTENTIE! Als de contactsleutel in stand MAR staat, kan, ook bij uitgezette motor, de airbag inschakelen als de auto stilstaat en de auto wordt aangereden door een andere auto die met voldoende snelheid rijdt.
TREKKEN VAN AANHANGERS...................................... 107 WINTERBANDEN .............................................................. 107 SNEEUWKETTINGEN ....................................................... 108 AUTO LANGERE TIJD STALLEN ................................... 108 VEILIGHEID BRANDSTOFBESPARING ................................................. 106 STARTEN EN RIJDEN GEBRUIK VAN DE VERSNELLINGSBAK ...................... 105 LAMPJES EN BERICHTEN HANDREM ..............................
ALFABETISCH REGISTER TECHNISCHE GEGEVENS VOORZORGSMA IN ATREGELEN EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 101-108 QUBO NL 1ed:101-108 Qubo NL 26-11-08 14:55 Pagina 102 102 MOTOR STARTEN De auto is uitgerust met een elektronische startblokkering: zie bij startproblemen de paragraaf “Fiat CODE” in het hoofdstuk “Dashboard en bediening”.
r op het instrumentenpaneel gaan de controlelampjes en Y branden m; r wacht tot de lampjes Y en m gedoofd zijn. Hoe warmer de motor, hoe sneller het lampje dooft; r trap het koppelingspedaal geheel in, zonder het gaspedaal in te trappen; r draai de contactsleutel in de stand AVV, direct nadat het lampje m is gedoofd. Als u te lang wacht, zijn de voorgloeibougies weer afgekoeld. Laat de sleutel los zodra de motor is aangeslagen.
MOTOR UITZETTEN Draai de contactsleutel in stand STOP terwijl de motor stationair draait. BELANGRIJK Het is beter om de motor na een zware rit even “op adem” te laten komen. Zet de motor niet onmiddellijk uit, maar laat hem even stationair draaien. Hierdoor kan de temperatuur in de motorruimte dalen. De handrem bevindt zich tussen de voorstoelen. Om de handrem in te schakelen, moet u de hendel omhoog trekken zodat de auto blokkeert. fig.
BELANGRIJK De achteruit kan alleen bij een stilstaande auto worden ingeschakeld. Wacht bij een draaiende motor en een geheel ingetrapt koppelingspedaal minstens 2 seconden, voordat u de achteruit inschakelt. Hiermee wordt voorkomen dat de tandwielen beschadigen. ATTENTIE! Om op de juiste wijze te schakelen, moet u het koppelingspedaal geheel intrappen.
ALFABETISCH REGISTER TECHNISCHE GEGEVENS VOORZORGSMA IN ATREGELEN EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 101-108 QUBO NL 1ed:101-108 Qubo NL 26-11-08 14:55 Pagina 106 106 Imperiaal/skidrager RIJSTIJL Acceleratie Verwijder de imperiaal of skidrager als u deze niet meer gebruikt. Deze accessoires verminderen de aerodynamica van de auto, waardoor het brandstofverbruik toeneemt.
Monteer zo nodig speciale en/of extra achteruitkijkspiegels, waarmee u voldoet aan de geldende verkeerswetgeving. Let er op dat het maximum klimvermogen van de auto door het gewicht van een aanhanger of caravan wordt beperkt. Ook de remweg wordt langer en u hebt langer de tijd nodig om in te halen. Schakel een lage versnelling in tijdens het afdalen om te voorkomen dat u constant moet remmen. Het gewicht van de aanhanger dat op de trekhaak rust, moet worden afgetrokken van het laadvermogen van de auto.
DASHBOARD EN BEDIENING SNEEUWKETTINGEN Keer de draairichting van de banden niet om. De sneeuwkettingen mogen alleen op de voorwielen gemonteerd worden (aangedreven wielen). ALFABETISCH REGISTER TECHNISCHE GEGEVENS VOORZORGSMA IN ATREGELEN EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN Monteer op alle vier de wielen dezelfde banden (zelfde merk en profiel) voor een grotere veiligheid tijdens de rit en als wordt geremd en voor een goede bestuurbaarheid.
VOORGLOEIEN .................................................................. 116 AANGETROKKEN HANDREM ....................................... 110 STORING VOORGLOEIEN ............................................. 116 STORING AIRBAG .............................................................. 111 WATER IN BRANDSTOFFILTER .................................... 116 AIRBAG PASSAGIERSZIJDE/ ZIJ-AIRBAGS UITGESCHAKELD ....................................
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 109-118 QUBO NL 1ed:109-118 Qubo NL 26-11-08 15:03 Pagina 110 110 ALGEMENE OPMERKINGEN ALGEMENE OPMERKINGEN Als het lampje gaat branden, verschijnt er bij bepaalde uitvoeringen ook een bijbehorende melding op het instrumentenpaneel en/of klinkt een geluidssignaal.
ATTENTIE! Als u de contactsleutel in stand MAR draait en het lampje ¬ gaat niet branden of blijft branden tijdens het rijden, dan is er mogelijk een storing in de veiligheidssystemen; in dat geval kunnen de airbags of gordelspanners niet geactiveerd worden bij een ongeval of, in een zeer beperkt aantal gevallen, niet op de juiste wijze geactiveerd worden. Voordat u verder rijdt, dient u contact op te nemen met het Fiat Servicenetwerk om het systeem direct te laten controleren.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 109-118 QUBO NL 1ed:109-118 Qubo NL 26-11-08 15:03 Pagina 112 112 ç TE HOGE KOELVLOEISTOFTEMPERATUUR (rood) Als u de contactsleutel in stand MAR draait, gaat het lampje branden. Na enkele seconden moet het lampje doven. Het lampje gaat branden als de motor te warm is.
Opmerking Als het lampje knippert tijdens het rijden, dan geeft dit aan dat het ESP in werking is getreden. Als u de contactsleutel in stand MAR draait, gaat het lampje branden. Het moet doven nadat de motor is gestart. Op enkele uitvoeringen verschijnt de bijbehorende melding op het display. Als het lampje v tijdens het rijden gaat branden (op enkele uitvoeringen verschijnt ook een melding op het display), zet dan onmiddellijk de motor uit en wendt u tot het Fiat Servicenetwerk.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 109-118 QUBO NL 1ed:109-118 Qubo NL 26-11-08 15:03 Pagina 114 114 < VEILIGHEIDSGORDEL NIET OMGELEGD (geel) Het lampje op het instrumentenpaneel gaat continu branden als bij stilstaande auto de veiligheidsgordel aan bestuurderszijde niet goed is omgelegd.
Bij sommige uitvoeringen verschijnt een bericht op het display. U kunt onder deze omstandigheden doorrijden zonder te veel van de motor te eisen of met hoge snelheid te rijden. Als lang met een brandend waarschuwingslampje wordt doorgereden, kunnen beschadigingen ontstaan. Wendt u zo snel mogelijk tot het Fiat Servicenetwerk. Het lampje dooft als de storing verdwijnt; de storing wordt echter wel door het systeem in het geheugen opgeslagen.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 109-118 QUBO NL 1ed:109-118 Qubo NL 26-11-08 15:03 Pagina 116 116 m VOORGLOEIINSTALLATIE (Multijet-uitvoeringen (geel) STORING VOORGLOEIINSTALLATIE (Multijet-uitvoeringen) (geel) Voorgloeibougies Als u de contactsleutel in stand MAR draait, gaat het lampje branden.
Wendt u zo snel mogelijk tot het Fiat Servicenetwerk. – buitenverlichting Storing motoroliedruksensor – remlichten Inbraakpoging – mistachterlicht Het lampje gaat branden bij een storing in de motoroliedruksensor. Als het lampje snel knippert of als het symbool op het display gaat branden, dan is er een inbraakpoging gesignaleerd. Op enkele uitvoeringen verschijnt de bijbehorende melding op het display. – richtingaanwijzers Wendt u zo snel mogelijk tot het Fiat Servicenetwerk.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 109-118 QUBO NL 1ed:109-118 Qubo NL 26-11-08 15:03 Pagina 118 118 d REMBLOKSLIJTAGE (geel) Het lampje op het instrumentenpaneel gaat branden als de remblokken voor versleten zijn; laat deze in dat geval zo snel mogelijk vervangen.
119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:08 Pagina 119 DASHBOARD EN BEDIENING I N N O O D G E VA L L E N 126 LAMP VERVANGEN ........................................................... 130 LAMP BUITENVERLICHTING VERVANGEN .............. 133 LAMP INTERIEURVERLICHTING VERVANGEN ........ 138 ZEKERINGEN VERVANGEN ........................................... 141 ACCU OPLADEN ............................................................... 149 OPKRIKKEN VAN DE AUTO ..............................
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:08 Pagina 120 120 MOTOR STARTEN NOODSTART Als het lampje Y op het instrumentenpaneel constant blijft branden, wendt u dan onmiddellijk tot het Fiat Servicenetwerk.
ATTENTIE! Door een verkeerde montage kan het wieldeksel tijdens het rijden loslaten. Maak het ventiel absoluut niet open. Plaats geen enkel stuk gereedschap tussen velg en band. Controleer regelmatig de spanning van de banden en van het noodreservewiel en houdt u daarbij aan de waarden die beschreven staan in het hoofdstuk “Technische gegevens”. VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN LAMPJES EN BERICHTEN ATTENTIE! Attendeer het overige wegverkeer op de stilstaande auto m.b.v.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:08 Pagina 122 122 Het is nodig te weten dat: r de krik 1,76 kg weegt; r de krik nooit afgesteld hoeft te worden; r de krik niet kan worden gerepareerd: bij een defect moet de krik door een krik van hetzelfde type worden vervangen; r buiten de slinger geen enkel ander gereedschap op de krik g
fig. 4 F0T0292m r pak de sleutel C-fig. 3 en draai vanuit de laadruimte de borgbout van het reservewiel los A-fig. 4, zodat het reservewiel zakt. Steek om de benodigde kracht te verminderen de schroevendraaier G-fig. 3 in de uitsparing van de sleutel C; r draai met de sleutel C-fig. 3 de wielbouten van het te verwisselen wiel ongeveer een slag los; r verwijder het wieldeksel; LAMPJES EN BERICHTEN r trek het kapje B-fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 124 124 fig. 7 F0T0124m r draai de slinger van de krik zo, dat hij iets omhoog komt fig. 7 en plaats de krik onder de auto bij de merktekens A-fig. 8 dicht bij het te verwisselen wiel. r draai de slinger van de krik zodat de groef A-fig.
r draai de wielbouten vast m.b.v. de bijgeleverde sleutel; r draai de slinger van de krik zodat de auto zakt, en verwijder de krik; r draai m.b.v. de bijgeleverde sleutel vervolgens de bouten kruislings in de aangegeven volgorde geheel vast, zoals is afgebeeld in fig. 11. Ter afsluiting r bevestig de getande steun aan het vervangen wiel m.b.v. de 2 bouten (steek de steun vanaf de buitenzijde in het wiel). Haak de metalen borgkabel in de betreffende openingen en monteer het beschermkapje A-fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 126 126 SNELLE BANDENREPARATIESET FIX & GO automatic De snelle reparatieset Fix & Go automatic is in een daarvoor bestemde houder in de bagageruimte geplaatst. De reparatieset bevat fig.
Spuitbussen en afdichtvloeistof zijn schadelijk voor het milieu. Houdt u voor het afvoeren van deze producten aan de wettelijke normen. VEILIGHEID OPPOMPEN VAN DE BAND ATTENTIE! Doe de handschoenen aan die bij de snelle bandenreparatieset zijn geleverd. r Trek de handrem aan. Draai de ventieldop van de band los, neem de vulbuis A-fig. 15 uit en draai de ring B op het ventiel van de band; STARTEN EN RIJDEN F0T0190m LAMPJES EN BERICHTEN fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 128 128 fig. 16 F0T0133m r controleer of de schakelaar E-fig. 17 van de compressor in stand 0 (uitgeschakeld) staat, start de motor, steek de stekker D-fig. 16 in de contactdoos voor de aansteker en schakel de compressor in door schakelaar E-fig.
DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 129 r rijd zeer voorzichtig naar het dichtstbijzijnde bedrijf in het Fiat Servicenetwerk. De compressor kan ook worden gebruikt voor het herstellen van de bandenspanning. Maak de snelkoppeling los en verbind de koppeling direct met het ventiel van de band fig. 19; op deze manier wordt de spuitbus niet met de compressor verbonden en wordt de afdichtvloeistof niet in de band gespoten.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 130 130 LAMP VERVANGEN ALGEMENE AANWIJZINGEN r Controleer voordat u een lamp vervangt of de contacten niet zijn geoxideerd; r vervang een defecte lamp door een exemplaar van hetzelfde type en vermogen; r als u een gloeilamp in de koplamp hebt vervangen, controleer dan om veiligheid
119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 131 DASHBOARD EN BEDIENING VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN E Halogeenlampen: verwijder de lamp door de borgveer los te haken uit de zitting. LAMPJES EN BERICHTEN B Gloeilampen met bajonetfitting: verwijder de lamp uit de houder door hem iets in te drukken en linksom te draaien. D Halogeenlampen: verwijder de lamp door de borgveer los te haken uit de zitting.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 132 132 Lamp Type Wattage Ref. afb.
119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 133 DASHBOARD EN BEDIENING LAMP BUITENVERLICHTING VERVANGEN F0T0094m BUITENVERLICHTING r verwijder en vervang de lamp B; Gloeilamp vervangen: De lampen zijn op de volgende wijze in de lichtunit geplaatst: r verwijder het beschermdeksel A-fig. 22; A Buitenverlichting en dimlicht/grootlicht; r draai de lamphouder A-fig. 22 linksom en verwijder de lamphouder; r monteer de nieuwe lamp, plaats de lamphouder A-fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 134 134 DIMLICHT/GROOTLICHT Gloeilamp (met dubbele gloeidraad) vervangen: r verwijder het beschermdeksel A-fig. 22; r haak de borgveer van de lamp los in de richting van de pijlen fig. 22; r maak de lamp A-fig. 24 los van de stekker B en vervang hem; fig. 24 F0T0095m fig.
Gloeilamp vervangen: r duw tegen het lampenglas A-fig. 26 zodat de interne borgveer B-fig. 27 wordt ingedrukt en trek de unit naar buiten; r draai de lamphouder linksom, verwijder de geklemd gemonteerde lamp en vervang de lamp; F0T0098m r plaats de lamphouder C in het lampenglas door hem rechtsom te draaien; r monteer de lichtunit en controleer of de bevestigingsveer B goed geborgd is. VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN Flankrichtingaanwijzers fig.
VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 136 ACHTERLICHTUNITS In de achterlichtunits zijn de gloeilampen voor de achterlichten, de richtingaanwijzers, de achteruitrijlichten/mistachterlichten en de remlichten opgenomen.
DERDE REMLICHT fig. 32 KENTEKENPLAATVERLICHTING Laat het derde remlicht door het Fiat Servicenetwerk vervangen. Gloeilampen A-fig. 33 vervangen: r druk de borglippen in op de punten die door de pijlen worden aangegeven en verwijder de lamphouders; r draai de lamphouder B-fig. 34 linksom en verwijder de lamp C. fig. 34 F0T0105m LAMPJES EN BERICHTEN F0T0104m VOORZORGSIN MAATREGELEN NOODGEVALLEN EN ONDERHOUD fig. 33 TECHNISCHE GEGEVENS F0T0212m ALFABETISCH REGISTER fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 138 138 LAMP INTERIEURVERLICHTING VERVANGEN Zie voor het type lamp en het bijbehorende vermogen de paragraaf “Lamp vervangen”. PLAFONDLAMPJE VOOR fig. 35 Plafondverlichting met kantelbaar lampenglas Gloeilampen vervangen: r trek het plafondlampje A-fig.
Plafondverlichting met spotjes (indien aanwezig) PLAFONDVERLICHTING ACHTER Gloeilampen vervangen: Gloeilamp vervangen: r trek het plafondlampje A-fig. 38 los bij de door de pijl aangegeven punten; r trek het plafondlampje A-fig. 40 los bij de door de pijlen aangegeven punten; r open de bescherming B-fig. 39 zoals aangegeven; r open de bescherming B-fig.
119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 140 DASHBOARD EN BEDIENING UITNEEMBARE PLAFONDVERLICHTING (indien aanwezig) Gloeilamp vervangen: r trek het plafondlampje los bij de door de pijl aangegeven punten; fig. 43 F0T0108m ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID r druk op de knop A-fig. 43 en verwijder het uitneembare plafondlampje B; 140 r maak de lamp C-fig.
Is dit wel het geval, dan moet u de zekering vervangen door een exemplaar met dezelfde stroomsterkte (zelfde kleur). F0T0015m ATTENTIE! Als de zekering opnieuw doorbrandt, wendt u dan tot het Fiat Servicenetwerk. De componenten die door de zekeringen worden beveiligd, staan in de tabellen op de volgende pagina’s aangegeven. B zekering in goede staat. C zekering met doorgebrande strip. Gebruik het tangetje D voor het vervangen van de zekeringen.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 142 142 fig. 47 F0T0171m fig. 48 F0T0172m ZEKERINGEN IN ZEKERINGENKAST IN MOTORRUIMTE Deksel van zekeringenkast terugplaatsen De zekeringenkast bevindt zich rechts van de motor. r trek de beschermkap A-fig.
fig. 50 F0T0181m r plaats de twee haken A-fig. 51 in de betreffende zittingen op de zekeringenkast; r haak de lip B vast in de betreffende zitting totdat hij hoorbaar vergrendelt. LAMPJES EN BERICHTEN Ga voor terugplaatsen van het deksel als volgt te werk: VOORZORGSIN MAATREGELEN NOODGEVALLEN EN ONDERHOUD Deksel van zekeringenkast terugplaatsen TECHNISCHE GEGEVENS F0T0174m ALFABETISCH REGISTER fig.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 144 144 BESCHERMD SYSTEEM ZEKERING AMPÈRAGE AFB.
7,5 50 Inspuitregeleenheid/Spoel relais T09 (1.3 Multijet uitvoering) F18 7,5 50 Aircocompressor F19 7,5 50 Achterruitverwarming, spiegelverwarming F20 30 50 Brandstofpomp F21 15 50 Inspuitregeleenheid (1.3 Multijet uitvoering) F22 15 50 Inspuitventielen/Bobine (1.4 uitvoering) F22 15 50 ABS (kleppen) F23 20 50 +15 ABS F24 7,5 50 Mistlampen F30 15 50 Voorgloeiregeleenheid (1.
fig. 52 F0T0178m ZEKERINGEN IN ZEKERINGENKAST IN INTERIEUR Om de zekeringen te bereiken, moet u met de metalen baard van de contactsleutel de twee schroeven A-fig. 52 losdraaien en het klepje B verwijderen. De zekeringen bevinden zich in twee zekeringenhouders fig. 53.
7,5 53 Dimlicht (bestuurderszijde)/Koplampverstelling F13 7,5 53 INT/A spoel relais SCM F31 5 53 Tijdschakeling interieurverlichting F32 7,5 53 Knooppunt Radio/Regeleenheid Bluetooth-systeem/Knooppunt Blue&Me/ Diagnosestekker EOBD-systeem/Regeleenheid interieurbewaking/ Regeleenheid sirene diefstalalarm F36 10 53 Knooppunt instrumentenpaneel / rempedaalschakelaar (normaal geopend) F37 5 53 Slotactuatoren portieren / bagageruimte F38 20 53 Tweeweg-ruitensproeierpomp voor/achter F43
AMPÈRAGE AFB.
r maak de klem los van de minpool op de accu; r sluit de kabels van het laadapparaat aan op de accupolen; let hierbij op de polariteit; r schakel de acculader in; r aan het einde van het opladen: schakel eerst de acculader uit en koppel dan de accu los; r sluit de klem weer aan op de minpool van de accu. VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN ATTENTIE! Probeer een bevroren accu niet op te laden: eerst moet de accu ontdooid worden, anders loopt u het risico dat de accu ontploft.
VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 119-150 QUBO NL 1ed:119-150 Qubo NL 26-11-08 15:09 Pagina 150 AUTO SLEPEN Het sleepoog bevindt zich in de gereedschaptas die in de bagageruimte (Combiuitvoeringen) is geplaatst. SLEEPOOG BEVESTIGEN fig. 54-55 ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN Ga als volgt te werk: 150 verwijder de dop A; fig.
157 ZWAAR GEBRUIK VAN DE AUTO .............................. 157 NIVEAUS CONTROLEREN .............................................. 158 LUCHTFILTER/POLLENFILTER ....................................... 163 ACCU ..................................................................................... 163 WIELEN EN BANDEN ....................................................... 165 RUBBER SLANGEN ............................................................ 166 RUITENWISSERS/ACHTERRUITWISSER ...........
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 152 152 GEPROGRAMMEERD ONDERHOUD Doelmatig onderhoud is een beslissende factor voor een lange levensduur, de beste prestaties en een zo zuinig mogelijk gebruik van de auto. Om dit te realiseren heeft Fiat een reeks controle- en onderhoudsbeurten samengesteld die iedere 30.
151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 153 120 150 180 Banden op conditie en slijtage controleren en bandenspanning eventueel herstellen l l l l l l Werking verlichting (koplamp-/achterlichtunits, richtingaanwijzers, waarschuwingsknipperlichten, bagageruimte, interieur, dashboardkastje, waarschuwings-/controlelampjes enz.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 154 154 x 1000 km 30 60 90 120 150 l Benzinedamp-opvangsysteem controleren l Bougies vervangen 180 l l l l Getande distributieriem vervangen l Luchtfilterelement vervangen l l Vloeistofniveaus bijvullen (motorkoelsysteem, remsysteem, accu, ruitensproeiers enz.
150 180 Banden op conditie en slijtage controleren en bandenspanning eventueel herstellen l l l l l l Werking verlichting (koplamp-/achterlichtunits, richtingaanwijzers, waarschuwingsknipperlichten, bagageruimte, interieur, dashboardkastje, waarschuwings-/controlelampjes enz.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 156 156 x 1000 km 30 60 90 120 150 180 l Aandrijfriem(en) voor hulporganen vervangen Dieselfilter vervangen l l l Luchtfilterelement vervangen l l l Vloeistofniveaus bijvullen (motorkoelsysteem, remsysteem, accu, ruitensproeiers enz.
r niveau van de remvloeistof; r rijden op stoffige wegen; r niveau van de ruitensproeiervloeistof; r veel korte ritten (minder dan 7-8 km) en bij een buitentemperatuur onder nul; r bandenspanning; r werking van het verlichtingssysteem (koplampen, richtingaanwijzers, waarschuwingsknipperlichten enz.); r werking ruitenwissers/-sproeiers voor/ achter en stand/slijtage wisserbladen voor/ achter (indien aanwezig); r Iedere 3.000 km controleren en eventueel bijvullen: motorolieniveau.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 158 158 NIVEAUS CONTROLEREN Let op. Tijdens het bijvullen mogen de vloeistoffen met verschillende specificaties niet gemengd worden: als de specificaties van de vloeistoffen verschillen, kan de auto ernstig beschadigd worden.
Motoroliepeil controleren Controleer het oliepeil als de auto op een vlakke ondergrond staat en enige minuten (circa 5) na het uitzetten van de motor. Verwijder de oliepeilstok A en maak de peilstok schoon. Plaats de peilstok geheel terug, verwijder de peilstok en controleer of het niveau tussen het MIN- en MAXmerkteken op de peilstok staat. Het verschil tussen het MIN- en MAX-merkteken komt overeen met ongeveer 1 liter olie.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 160 160 fig. 5 F0T0078m KOELVLOEISTOF VAN HET MOTORKOELSYSTEEM Het niveau van de koelvloeistof moet gecontroleerd worden bij een koude motor en mag niet onder het MIN-merkteken op het expansiereservoir staan.
Draai de dop A-fig. 7 los: controleer of het remvloeistofniveau nog op het maximum niveau staat. Het niveau mag nooit het MAX-merkteken overschrijden. Als vloeistof moet worden bijgevuld, dan raden wij u aan de remvloeistof te gebruiken die staat vermeld in de tabel “Vloeistoffen en smeermiddelen” (zie het hoofdstuk “Technische gegevens”). Wees bij het openen van de dop A bijzonder voorzichtig zodat er geen vuil in het reservoir komt. Voorkom contact tussen de zeer corrosieve vloeistof en de lak.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 162 162 ATTENTIE! De remvloeistof is giftig en zeer corrosief. Als per ongeluk remvloeistof wordt gemorst, moeten de betreffende delen onmiddellijk worden gewassen met water en neutrale zeep en daarna met veel water worden afgespoeld.
ATTENTIE! De vloeistof in de accu is giftig en corrosief. Voorkom contact met de huid en de ogen. Houd open vuur en vonkvormende apparaten verwijderd van de accu: brand- en ontploffingsgevaar. ATTENTIE! Als de accu werkt met een zeer laag vloeistofniveau, ontstaat onherstelbare schade aan de accu en kan de accu openbarsten. Voor het onderhoud van de nieuwe accu dient u zich strikt te houden aan de aanwijzingen van de fabrikant van de accu.
Accu’s bevatten zeer schadelijke stoffen voor het milieu. Het verdient aanbeveling een defecte accu door het Fiat Servicenetwerk te laten vervangen, omdat deze beschikt over de uitrusting voor het op milieuvriendelijke wijze en conform de wettelijke bepalingen, verwerken van defecte accu’s.
A juiste spanning: gelijkmatige slijtage van het loopvlak; B te lage spanning: te grote slijtage aan de zijkanten van het loopvlak; C te hoge spanning: te grote slijtage in het midden van het loopvlak. Banden moeten worden vervangen als de profieldiepte van het loopvlak minder is dan 1,6 mm. Houdt u echter altijd aan de bepalingen van het land waarin u rijdt. BELANGRIJKE TIPS r Voorkom bruusk remmen, met doorslaande wielen optrekken, harde contacten tussen banden en stoepranden, kuilen en andere obstakels.
ATTENTIE! Bedenk dat ook de wegligging afhankelijk is van een juiste bandenspanning. ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 166 166 ATTENTIE! Door een te lage bandenspanning wordt de band te heet, waardoor er onherstelbare inwendige schade aan de band kan ontstaan.
151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 167 r schakel de ruitenwissers/ achterruitwisser niet op een droge ruit in. ATTENTIE! Rijden met versleten ruitenwisserbladen is gevaarlijk, omdat hierdoor het zicht onder slechte atmosferische omstandigheden aanzienlijk wordt beperkt.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 168 168 fig. 11 w Wisserblad achterruitwisser vervangen (indien aanwezig) Ga als volgt te werk: r kantel het dopje A-fig.
r luchtverontreiniging; r zoutgehalte in de lucht en luchtvochtigheid (gebieden aan zee, warm en vochtig klimaat); r omgevings-/seizoensinvloeden. Ook de invloed van schurende elementen, zoals stoffige omgeving, opwaaiend zand, modder en steenslag op de lak en de onderzijde moet niet worden onderschat. Fiat heeft voor uw auto de beste technologische oplossingen toegepast om de carrosserie efficiënt tegen roest te beschermen.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 170 170 TIPS VOOR HET BEHOUD VAN DE CARROSSERIE Lak De lak heeft behalve een esthetische functie ook een beschermende functie.
Schoonmaakmiddelen verontreinigen het water. Daarom moet de auto bij voorkeur worden gewassen op een plaats waar het afvalwater direct wordt opgevangen en gezuiverd. BELANGRIJK Voor het uitspuiten van de motorruimte moet de contactsleutel in stand STOP staan en de motor koud zijn. Controleer na het reinigen of de verschillende beschermingen (rubber kappen, deksels enz.) nog op hun plaats zitten en niet beschadigd zijn.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 151-172 QUBO NL 1ed:151-172 Qubo NL 26-11-08 15:46 Pagina 172 172 INTERIEUR STOELEN EN STOFFEN BEKLEDING Controleer af en toe of er onder de vloerbedekking geen water is blijven staan (dooiwater van sneeuwresten aan schoenen, lekkende paraplu’s enz.), waardoor roestvorming op de bodem veroorzaakt zou kunnen worden.
177 BRANDSTOFSYSTEEM ...................................................... 178 TRANSMISSIE ....................................................................... 178 REMMEN ................................................................................ 179 WIELOPHANGING ............................................................ 179 STUURINRICHTING .......................................................... 179 WIELEN ............................................................................
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 174 174 IDENTIFICATIEGEGEVENS Wij raden u aan om nota te nemen van de identificatiegegevens. De identificatiegegevens zijn ingeslagen of aangebracht op plaatjes en bevinden zich op de volgende plaatsen fig.
MOTORCODE Om het te bereiken moet u het klepje A-fig. 3 naar voren schuiven. Het bevat de volgende gegevens: r type van de auto (ZFA 225000); r chassisnummer. PLAATJE MET INFORMATIE OVER DE CARROSSERIELAK fig. 4 Het plaatje is op de binnenzijde van de motorkap aangebracht en bevat de volgende informatie: A - Fabrikant van de lak. B - Kleurbenaming. C - Kleurcode. D - Kleurcode voor bijwerken en overspuiten. LAMPJES EN BERICHTEN Het chassisnummer is ingeslagen in de bodemplaat naast de rechter voorstoel.
VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 176 MOTORCODES - CARROSSERIE-UITVOERINGEN 1.4 ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN 1.
199A2000 Cyclus Otto Diesel 4 in lijn 4 in lijn Aantal en opstelling cilinders Boring en slag mm 75 x 77 69,6 x 82 Totale cilinderinhoud cm3 1360 1248 10,5 17,6 kW pk / min 54 73 5200 55 75 4000 Nm kgm / min 118 12 2600 190 19,4 1750 Bougies Champion RC8YL – Brandstof Loodvrije benzine 95 RON (specificatie EN228) Diesel voor motorvoertuigen (specificatie EN590) Compressieverhouding Maximum vermogen (EU) bijbehorend toerental Maximum koppel (EU) bijbehorend toerental VEILIGHEID
BRANDSTOFSYSTEEM Brandstofsysteem 1.4 1.3 Multijet Elektronische inspuiting Sequentieel Multipoint gefaseerd, returnless Directe Multijet inspuiting “Common Rail” aangestuurd elektronisch met turbo en intercooler ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 178 178 TRANSMISSIE 1.4 - 1.
REMMEN 1.4 - 1.3 Multijet DASHBOARD EN BEDIENING 173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 179 BELANGRIJK Water, ijs en strooizout op de wegen kunnen zich afzetten op de remschijven waardoor de gewenste remvertraging iets later wordt bereikt. WIELOPHANGING 1.4 - 1.3 Multijet Onafhankelijke wielophanging, type McPherson Voor Met torsietraverse Achter STUURINRICHTING 1.4 - 1.
WIELEN VEILIGHEID BELANGRIJK Als de gegevens in het instructieboekje afwijken van die van de typegoedkeuring, dient u zich altijd aan de gegevens van de typegoedkeuring te houden. Voor de rijveiligheid is het noodzakelijk dat alle wielen zijn voorzien van banden van hetzelfde merk en hetzelfde type. ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN STARTEN EN RIJDEN VELGEN EN BANDEN Geperst stalen of lichtmetalen velgen. Tubeless radiaalbanden.
S = max. 180 km/h 5 1/2 = breedte van de velg in inch (1). T = T=max. 190 km/h J = profiel van de velgrand (deel van de zijkant waarop de band rust) 2. 14 = montagediameter in inch (komt overeen met die van de band die gemonteerd moet worden) (3 = Ø). U = max. 200 km/h. H = max. 210 km/h V = tot 240 km/h. W = tot 270 km/h. Y = tot 300 km/h Maximum snelheid bij winterbanden QM + S = max. 160 km/h. TM + S = max. 190 km/h. HM + S = max. 210 km/h.
UITVOERINGEN VELGEN BANDEN 6J x 15 H2 – ET44 1.4 1.
173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 183 DASHBOARD EN BEDIENING AFMETINGEN VEILIGHEID De afmetingen zijn aangegeven in mm en hebben betrekking op een auto die is uitgerust met standaard banden. Uitvoeringen QUBO Trekking A B C D E F G H 3959 855 2513 591 1803 (l) 1735 1472 1716 1464 3970 866 2513 591 1742 1803 (l) 1472 1716 1464 Afhankelijk van de velgmaat kunnen er kleine verschillen zijn in de maten.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 184 184 PRESTATIES Maximale snelheid na de inrijperiode in km/h. 1.4 1.
Rijklaargewicht (met alle vloeistoffen, brandstoftank voor 90% gevuld en zonder optionals) 1180 1205 1300 1200 Nuttig laadvermogen inclusief de bestuurder (*): 510 550 455 510 Nuttig laadvermogen exclusief de bestuurder (*): 440 475 _ 440 Max. toelaatbaar gewicht (**) – vooras: – achteras: – totaal: 950 950 1690 950 950 1755 950 950 1755 950 950 1710 Trekgewichten – geremd: – ongeremd: 600 400 600 400 600 400 600 400 Max. dakbelasting (met dakrails) (***): 50 50 50 50 Max.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 186 186 VULLINGSTABEL 1.4 1.
173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 187 Smering voor benzinemotoren Motorolie SAE 5W-30 op synthetische basis, ACEA A1/B1, met kwalificatie FIAT 9.55535-G1. SELENIA MULTIPOWER Contractual Technical Reference N° F315.B04 Volgens het Geprogrammeerde Onderhoudsschema Smering voor dieselmotoren Synthetische olie SAE 5W-30 met kwalificatie FIAT 9.55535- S1 SELENIA WR P.E. Contractual Technical Reference N° 510.
Toepassing Olie en vetten voor krachtoverbrengingen ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 188 188 Remvloeistof Antivries voor radiateur Specificaties en hoeveelheden van de vloeistoffen en smeermiddelen voor een juiste werking van de auto origineel Interval voor vervangen Synthetische olie SAE 75W-85.
LAMPJES EN BERICHTEN r gecombineerd verbruik: hierbij telt de waarde van de stadsrit mee voor 37% en de waarde van de testrit buiten de stad voor 63%. BRANDSTOFVERBRUIK VOLGENS EU-NORMEN 2004/3 (liter x 100 km) 1.4 1.
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 190 190 CO2-EMISSIE De CO2-emissie, vermeld in de volgende tabel, is gemeten op een gecombineerd traject. CO2-EMISSIE VOLGENS EU 2004/3-NORMEN (g/km) 1.4 1.
TECHNISCHE GEGEVENS VOORZORGSIN MAATREGELEN NOODGEVALLEN EN ONDERHOUD LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING RADIOGOLF-AFSTANDSBEDIENING: MINISTERIËLE GOEDKEURING ALFABETISCH REGISTER 173-191 QUBO NL 1ed:173-191 Qubo NL 26-11-08 15:51 Pagina 191 191
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 192-200 QUBO NL 1ed:192-200 Qudo NL 26-11-08 15:55 Pagina 192 192 A L FA B E T I S C H R E G I S T E R ABS (systeem) .................................. 71 Accu – laden ................................................ 149 – vervangen ....................................... 163 Achterruitensproeier – bediening ............................
In noodgevallen ................................... 119 Functie “Lane Change” ...................... 48 Instrumenten ....................................... 14 Gebruik van de versnellingsbak ...... Instrumentenpaneel ........................... 105 Gewichten ............................................ 185 6 Interieur ................................................ 176 Gloeilamp Interieuruitrusting .............................. 56 Gloeilamp vervangen .........................
ALFABETISCH REGISTER VOORZORGSTECHNISCHE MAATREGELEN IN GEGEVENS EN ONDERHOUD NOODGEVALLEN LAMPJES EN BERICHTEN STARTEN EN RIJDEN VEILIGHEID DASHBOARD EN BEDIENING 192-200 QUBO NL 1ed:192-200 Qudo NL 26-11-08 15:55 Pagina 194 194 Motorruimte (reinigen) ..................... 171 Multifunctioneel display ..................... 21 Niveaus controleren ........................ 158 Onderhoud en zorg .......................... 151 – geprogrammeerd onderhoud .... 152 – geprogrammeerd onderhoudsschema ...
Zekeringen (vervangen) ................... Zitplaatsen – instellen .......................................... – met elektrische verwarming ...... – neerklapbare passsagiersstoel .... – reinigen ........................................... Zonnekleppen ..................................... 141 33 33 34 172 58 VEILIGHEID STARTEN EN RIJDEN LAMPJES EN BERICHTEN 54 Wiel verwisselen ................................ 121 Wielen en banden ........................ 165-180 Wielophanging .............................
192-200 QUBO NL 1ed:192-200 Qudo NL 26-11-08 15:55 Pagina 196 BEPALINGEN VOOR HET VERWERKEN VAN DE AUTO AAN HET EINDE VAN ZIJN LEVENSDUUR Al jaren werkt Fiat Group Automobiles hard aan de bescherming van het milieu door de doorlopende verbetering van de productieprocessen en de ontwikkeling van producten die steeds milieuvriendelijker zijn.
192-200 QUBO NL 1ed:192-200 Qudo NL 26-11-08 15:55 Pagina 197 NOTITIES
192-200 QUBO NL 1ed:192-200 Qudo NL 1-12-08 8:48 Pagina 198 ® in het hart van uw motor. ® Vraag uw dealer naar Pagine_ Pagine_ITA.
192-200 QUBO NL 1ed:192-200 Qudo NL 1-12-08 8:48 Pagina 199 Uw auto heeft Selenia gekozen De motor van uw auto is ontwikkeld met Selenia, het motorolie-assortiment dat voldoet aan de meest geavanceerde internationale specificaties. Specifieke tests en technische kenmerken van hoog niveau maken van Selenia het smeermiddel bij uitstek voor veilige en onovertrefbare motorprestaties.
192-200 QUBO NL 1ed:192-200 Qudo NL 1-12-08 8:48 Pagina 200 BANDENSPANNING IN KOUDE TOESTAND (bar) Maat Onbelast Voor Achter STANDAARD BANDEN Bij gemiddelde belading Voor Achter Volledige belading Voor Achter 185/65 R15 88 T 2,3 2,1 2,3 2,1 2,3 2,3 195/55 R16 87 H 2,3 2,1 2,3 2,1 2,4 2,4 Bij warme banden moet de bandenspanning 0,3 bar hoger zijn dan de voorgeschreven waarde. Controleer de spanning opnieuw bij koude banden.
NEDERLANDS De gegevens in deze publicatie dienen alleen ter informatie. Fiat behoudt zich het recht voor om op elk moment de in deze publicatie beschreven modellen om technische of commerciële redenen te wijzigen. Wendt u voor meer informatie tot de Fiat Servicenetwerk. Gedrukt op ecologisch chloorvrij papier.