Operation Manual
20
VEILIGHEID
STARTEN EN
RIJDEN
LAMPJES EN
BERICHTEN
NOOD-
GEVALLEN
ONDERHOUD
EN ZORG
TECHNISCHE
GEGEVENS
ALFABETISCH
REGISTER
DASHBOARD
EN BEDIENING
START-/CONTACTSLOT
De sleutel kan in 3 standen worden gedraaid:
❒ STOP: motor uit, sleutel uitneembaar en stuur geblokkeerd. Enkele
elektrische installaties kunnen werken (bijv. autoradio, elektrische
ruitbediening enz.).
❒ MAR: contact aan. Alle elektrische installaties werken.
❒ AVV: motor starten (stand zonder vergrendeling).
Het contactslot is voorzien van een herstartbeveiliging. Als de motor bij
de eerste poging niet aanslaat, moet u de sleutel terugdraaien in stand
STOP en nogmaals starten.
STUURSLOT
Inschakelen
Zet de sleutel in stand STOP, trek de sleutel uit het start-/contactslot en
draai het stuur totdat het vergrendelt.
Uitschakelen
Draai het stuur iets heen en weer, terwijl u de sleutel in stand MAR draait.
Als het start-/contactslot is geforceerd (bijv. bij een poging tot diefstal) moet u,
voordat u weer met de auto gaat rijden, de werking van het slot laten controleren
bij een Fiat-dealer.
ATTENTIE
Verwijder de sleutel nooit uit het contactslot als de auto nog in beweging is. Bij de
eerste stuuruitslag blokkeert het stuur automatisch. Dit geldt in alle gevallen, ook
als de auto gesleept wordt.
ATTENTIE
ATTENTIE
Neem altijd de sleutel uit het contactslot als de auto wordt verlaten, om onvoorzichtig
gebruik van de bedieningsknoppen te voorkomen. Vergeet niet de handrem aan te trek-
ken. Schakel de eerste versnelling in als de auto op een helling omhoog staat en de ach-
teruit bij een helling omlaag (gezien vanuit de rijrichting). Laat kinderen nooit alleen
achter in de auto.
F0H0021m










