Operation Manual

8
12. STORINGEN OPSPOREN
Hier volgt hulp bij het opsporen en oplossen van bijzondere situaties.
CONDITIE
De poort beweegt niet.
De poort beweegt langzaam.
De poort beweegt hortend.
Er lekt olie uit de ontluchtingsschroef van de
aandrijving.
De vleugels stoppen in de vertragingsfase.
De snelheid van de poort is niet constant.
A
B
C
D
E
F
SUGGESTIE
- Controleer of er elektrische netvoeding is.
- Controleer of de aandrijving niet vergrendeld is. (hoofdstuk 8).
- Controleer de regeling van het beveiligingssysteem tegen inklemming (par.4.1).
- Controleer het oliepeil in het reservoir. (hoofdstuk 9 – Fig. 16).
- Controleer de verbinding en de werking van de condensator.
- Controleer de werking van de elektronische apparatuur.
- Controleer de regeling van het beveiligingssysteem tegen inklemming (par.4.1).
- Controleer of de ontluchtingsschroef verwijderd is (hoofdstuk 5).
- Voer enkele complete openings- en sluitingscycli van de poort uit, om de lucht
af te voeren die eventueel in de zuiger aanwezig is.
- Aan het begin is het normaal als er een klein beetje olie naar buiten komt. Als
er meer olie lekt, kan dat te wijten zijn aan een niet volkomen horizontale
montage van de aandrijving. Als het lekken van olie niet binnen korte tijd stopt,
wordt geadviseerd contact op te nemen met een erkend reparatiecentrum.
- Controleer de regeling van het beveiligingssysteem tegen inklemming (par.4.1).
- De installatiematen zijn onjuist (paragraaf 3.2).
Aantekeningen