Operation Manual
c
Belangrijk:
❏ Zorg er bij opslag of transport van de printer voor dat deze niet gekanteld, verticaal of ondersteboven wordt
gehouden, anders kan er inkt lekken.
❏ Laat de cartridges zitten. Als u de cartridges verwijdert, kan de printkop indrogen, waardoor afdrukken niet
meer mogelijk is.
1.
Druk op
P
om de printer uit te zetten.
2.
Zorg ervoor dat het aan/uit-lampje uit staat en haal dan het netsnoer uit het stopcontact.
c
Belangrijk:
Haal het netsnoer uit het stopcontact als het aan/uit-lampje uit staat. Anders keert de printkop mogelijk niet
terug naar de uitgangspositie, waardoor de inkt uitdroogt en afdrukken niet meer mogelijk is.
3. Koppel alle kabels los zoals het netsnoer en de USB-kabel.
4. Zorg ervoor dat er geen geheugenkaart is geplaatst.
5. Verwijder al het papier uit de printer.
6. Zorg dat er geen originelen in de printer steken.
7. Open de scannereenheid met het documentdeksel gesloten. Bevestig de meegeleverde beschermende
materialen met tape boven op de inktcartridgehouder aan om deze aan de behuizing te bevestigen.
8. Sluit de scannereenheid.
Gebruikershandleiding
Bijlage
261










