Operation Manual

3. Sluit de scannereenheid.
Papier wordt niet goed doorgevoerd
Controleer het volgende als het papier scheef, met verschillende vellen tegelijk of helemaal niet wordt ingevoerd, of
als papier wordt uitgeworpen.
Plaats de printer op een vlakke ondergrond en gebruik het apparaat in de aanbevolen
omgevingsomstandigheden.
Gebruik papier dat door deze printer wordt ondersteund.
Volg de voorzorgsmaatregelen voor het papiergebruik.
Laad het papier in de juiste richting en schuif dan de zijgeleider tegen de rand van het papier.
Laad niet meer dan het maximale aantal pagina's voor de specieke papiersoort. Let er bij gewoon papier op dat
het niet boven de streep met het driehoekje op de zijgeleider komt.
Wanneer u een foutmelding krijgt over papier dat op zou zijn terwijl er wel papier in de printer is geladen, laad
het papier dan opnieuw tegen de rechtergeleider van de papiertoevoer achter.
Laad bij het laden van meerdere vellen papier steeds maar één vel tegelijk.
Wanneer er verschillende vellen tegelijk worden ingevoerd tijdens dubbelzijdig afdrukken, haalt u al het papier
uit de papierbron voordat u het opnieuw laadt.
Laad papier en laat het weer uit de printer komen zonder af te drukken om het papierpad te reinigen.
Het afdrukken kan voor een zekere duur worden onderbroken. Als het afdrukken wordt onderbroken, wordt
het papier uitgeworpen.
Zorg ervoor dat de instellingen van het papierformaat en papiertype juist zijn.
Gerelateerde informatie
& “Omgevingsspecicaties” op pagina 120
& “Beschikbaar papier en capaciteit” op pagina 25
& Voorzorgsmaatregelen voor papierverwerking” op pagina 24
&
“Papier laden in de Papiertoevoer achter” op pagina 27
&
“Het papiertraject reinigen” op pagina 84
Gebruikershandleiding
Problemen oplossen
103