Operation Manual
2
Inhoudsopgave
■ Kenmerken van de projector....................... 4
■ Onderdeelnamen en functies......................6
Voorkant/bovenkant.............................................6
Bedieningspaneel .................................................6
Afstandsbediening ............................................... 7
Achter .................................................................. 8
Onderkant ............................................................ 8
■ Uiterlijk .......................................................... 9
Projector installeren
■ Instellen.......................................................10
Grootte van projectie aanpassen ........................10
Projectiemethoden..............................................11
■ Een beeldbron aansluiten..........................12
■ Afstandsbediening voorbereiden .............13
Batterijen in de afstandsbediening plaatsen....... 13
De afstandsbediening gebruiken........................ 13
Bedieningsbeginselen
■ Starten en stopzetten van de projectie .... 14
Apparaat inschakelen en
beelden projecteren ..........................................14
Als de verwachte
beelden niet worden geprojecteerd ..................15
Het apparaat uitschakelen ..................................15
■ Projectiescherm aanpassen...................... 16
Scherpstelling .................................................... 16
Aanpassen van het projectieformaat
(zoomaanpassing) ............................................ 16
Aanpassen van positie van geprojecteerde
beeld (lensverschuiving).................................. 16
Aanpassen van de scheefstand van de
projector.......................................................... 17
Een testpatroon weergeven................................ 17
Aanpassingen van beeldkwaliteit
■ Basisaanpassingen voor beeldkwaliteit ....18
Kleurmodus selecteren.......................................18
Hoogte-breedte -verhouding selecteren .............19
■ Geavanceerde kleuraanpassingen ........... 21
Tint, verzadiging en helderheid aanpassen............. 21
Gamma aanpassen..............................................22
RGB-aanpassing
(Verschuiving, Versterking) ...........................23
Kiezen van het kleurgamma...............................23
■ Beeldkwaliteit verder onderzoeken ..........24
Scherpteaanpassing (Geavanceerd) ................... 24
Instelling voor Autom. iris (automatisch
lensopening)..................................................... 24
Super-resolution................................................. 25
Lensiris .............................................................. 25
■ Beelden weergeven met een vooraf
ingestelde beeldkwaliteit
(geheugenfunctie) ...................................... 26
Geheugen opslaan, ophalen, wissen en
naam wijzigen.................................................. 26
■ Projecteren van beelden bij een
vooringestelde lenspositie ........................ 28
Lenspositie opslaan, ophalen, wissen en
naam wijzigen................................................. 28










