Operation Manual
Bedieningspaneel
Naam Functie
A
Statusindicatielampje
s
De status van de projector kan worden afgelezen aan de
kleur van de indicatielampjes en of deze knipperen of
branden. s pag.57
B
[t]-knop
Hiermee schakelt u de projector in of uit.
s Introductiehandleiding
C
[Source Search]-knop
Hiermee schakelt u naar het volgende invoerapparaat
dat op de projector is aangesloten en een beeldsignaal
doorgeeft. s pag.17
D
[Enter]-knop
Als deze knop tijdens de projectie van signaalbeelden
van de computer wordt ingedrukt, stelt de projector
automatisch Tracking, Sync. en Positie in voor een
optimale beeldweergave.
Als een Configuratiemenu of een Help wordt
weergegeven, accepteert de projector de huidige selectie
en gaat verder naar het volgende niveau. s pag.35
Naam Functie
E
[w][v]-knop
Corrigeert de Keystone. In de volgende gevallen hebben
deze knoppen alleen de functies [
] en [ ].
- Wanneer het geprojecteerde beeld via een Netwerk
verbinding wordt verzonden
- Wanneer de functie Diashow wordt gebruikt voor de
projectie
Als er een Configuratiemenu of een Help wordt
weergegeven, kunt u met deze knoppen menuopties en
instellingswaarden selecteren.
s Introductiehandleiding , pag.35
F
[Help]-knop
Hiermee wordt het Help weergegeven en gesloten. Het
hulpscherm geeft aan hoe u problemen kunt oplossen.
s pag.55
G
[Return]-knop
Hiermee wordt de huidige functie gestopt.
Als deze knop wordt ingedrukt terwijl het
configuratiemenu wordt weergegeven, geeft de projector
het vorige menu weer.
s
pag.35
H
[a][b]-knop
Hiermee wordt het volume aangepast. Als er een
Configuratiemenu of een Help wordt weergegeven,
hebben deze knoppen alleen de functies [
] en [ ] om
menuopties en instellingswaarden te selecteren.
s Introductiehandleiding , pag.35
I
[Menu]-knop
Hiermee wordt het Configuratiemenu weergegeven en
gesloten.
s pag.35
Namen van Onderdelen en Functies
13










