Datasheet

NEDERLANDS
In dat geval moet de waaier door een origineel onderdeel vervangen worden. De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden
voor schade aan de overbrengingsorganen en/of de motor die te wijten is aan de aanwezigheid van vuil op de waaier.
Slakkenhuis: Maak de inwendige delen schoon en verwijder alle vreemde voorwerpen, controleer de staat van de lasnaden en de
oxidatiebestendigheid.
Motor: De motor moet altijd schoon gehouden worden om ervoor te zorgen dat er geen sporen van stof, vuil of andere onzuiverhe-
den zijn. Controleer regelmatig of de motor zonder trillingen of abnormale geluiden functioneert, of de ingang van het ventilatiecir-
cuit (indien aanwezig) niet verstopt is, met als gevolg dat de mogelijkheid bestaat dat de wikkelingen oververhit raken.
Lagers: Het overgrote deel van de door ons toegepaste motoren zijn voorzien van levenslang zelfsmerende dichte lagers, die
geen smering vereisen. De levensduur varieert als naargelang de werkelijke werkingsomstandigheden (aantal starts enz.) en de
omstandigheden van de gebruiksomgeving (temperatuur, aanwezigheid van stof enz.). Onze ventilatoren zijn zo gedimensioneerd
dat zij bij continu bedrijf en in een ideale omgeving en optimale omstandigheden (afhankelijk van het model) minstens 20.000
werkingsuren garanderen. Er wordt in ieder geval geadviseerd om ze maximaal na 4 jaar te vervangen, waarbij reserveonderdelen
gebruikt moeten worden die dezelfde eigenschappen als het originele exemplaar hebben. Bij versies waarbij periodieke smering
voorzien is kunnen de smeerintervallen en -wijze ontleend worden uit de technische documentatie van de motor. Raadpleeg bij
twijfel de fabrikant. Bouten en moeren: Controleer de aanwezigheid van oxidatie; indien hierdoor de werking ervan in het gedrang
gebracht kan worden moeten zij door reserveonderdelen met dezelfde eigenschappen vervangen worden en moeten zij systema-
tisch aangedraaid worden.
Controleer de staat van de afdichtingen nadat u de delen die met bouten met elkaar verbonden zijn (inspectiedeurtje, schijf enz.)
verwijderd heeft. Als de afdichtingen geen goede dichtheid meer waarborgen moeten zij vervangen worden.
De gebruiker moet op basis van het type installatie en de veiligheidskaart van het verplaatste product geschikte schoonmaakpro-
ducten kiezen.
Alvorens de ventilator te starten moet gecontroleerd worden of er geen vreemde metalen voorwerpen in het huis van de ventilator
achtergebleven zijn. De voorziene handelingen moeten vóór en na het starten herhaald worden (hfst. 5).
CONTROLE VAN DE MINIMUM VEILIGHEIDSAFSTANDEN
Bij elke onderhoudsbeurt moet gecontroleerd worden of de tussenruimten tussen de waaier en de opening, tussen de achterzijde
van de waaier en de wand ernaast, tussen de doorgang van de as en de dichting niet verminderd zijn of in ieder geval niet veran-
derd zijn.
• Erkunnenschroevenlosgetrildzijnenhetkandusnodigzijnomdeventilatoropnieuwuittelijnen.
• Deventilatorkanvervormdzijnenhetkandusnodigzijnomsommigeonderdelenofdeheleconstructietevervangen.
LET OP: Als er op het technische gegevensblad een tabel van de minimum waarden van de tussenruimten vermeld is
moeten deze waarden zorgvuldig gecontroleerd worden.
GEWOON ONDERHOUD
Bij een ventilator hebben de typerende geprogrammeerde onderhoudswerkzaamheden betrekking op het smeren van de lagers
(als zij niet van het dichte type zijn) en het spannen van de riemen. Alvorens met de onderhoudswerkzaamheden te beginnen moet
de machine in een veilige toestand gebracht worden. De onderhoudswerkzaamheden mogen uitsluitend bij uitgeschakelde machi-
ne uitgevoerd worden. In geval van onderhoudswerkzaamheden moet de gebruiker controleren of het gereedschap en de appara-
tuur die gebruikt wordt van de juiste categorie is voor de omgeving. Indien het voor het onderhoud van de machine noodzakelijk is
om hete bewerkingsprocessen uit te voeren moet er een volledige reiniging uitgevoerd worden alvorens beginnen te werken.
BUITENGEWOON ONDERHOUD
Bijzondere toepassingen van de ventilatoren vereisen soms speciale buitengewone onderhoudswerkzaamheden zoals het ver-
vangen van de waaier of de motor. Het buitengewone onderhoud mag uitsluitend door vakbekwaam personeel uitgevoerd worden
waarbij speciale aanwijzingen die bij de fabrikant aangevraagd moeten worden die afhankelijk zijn van het type ventilator en het
soort werkzaamheden opgevolgd moeten worden. Zodra alle buitengewone onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd zijn moeten
de in hfst. 5 vermelde startprocedures herhaald worden.
7. STOPPEN EN LEGEN
BELANGRIJK:
In geval van het verplaatsen van vloeistoffen op hoge temperaturen moet de ventilator gekoeld worden of moet de inhoud met •
koude lucht gemengd worden alvorens enige handelingen te verrichten: de gebruiker kan zich verbranden als hij delen van de
ventilator aanraakt of als hij in contact komt met de vloeistof die in de ventilator achtergebleven is.
In geval van het verplaatsen van chemische stoffen die op de bodem kunnen bezinken moeten er afvoerstoppen onder de •
ventilator aangebracht worden en moet de ventilator eerst geleegd worden alvorens de ventilator open te maken.
IN VEILIGHEID BRENGEN
Verderopindezehandleidinggevenwijmetdeaanduidingdemachineinveiligheidbrengendevolgendehandelingenaan:
Controleren of de machine van alle elektrische voedingen afgekoppeld is.•
Controleren of alle bewegende organen volledig stil staan. •
Wachten totdat de inwendige en uitwendige temperatuur van de machine een waarde bereikt heeft die bij aanraking niet ge-•
vaarlijk is.
Zorgen voor een goede verlichting van de zone rondom de machine (door de medewerkers eventueel van elektrische lampen •
te voorzien).
Alle bewegende delen mechanisch vastzetten.•
Voor alle werkzaamheden die aan de machine uitgevoerd worden (onderhoud en reiniging) moeten de medewerkers voorzien
worden van de speciale persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM).
Pag. 70