Datasheet

NEDERLANDS
manier plaatsvinden; de transporteur moet ervoor zorgen dat de lading op een geschikte manier vastgezet wordt. Voor het ver-
plaatsen van de ventilator moeten geschikte middelen gebruikt worden zoals bepaald door de Richtlijn 89/391/EEG en latere wij-
zigingen en aanvullingen daarop. De last die maximaal met de hand opgehesen mag worden is nader beschreven in de Richtlijn
89/391/EEG en latere wijzigingen en aanvullingen daarop en over het algemeen wordt een gewicht toegestaan van 20 kg onder
schouderhoogte maar boven grondniveau.
LET OP: Voor transporten op bijzonder lange afstanden en op een slecht wegdek moet gevraagd worden om de waaier
vast te zetten om te voorkomen dat de lagerbanen door de trillingen beschadigd worden. In geval van transport in bijzon-
der ongunstige omgevingsomstandigheden zoals bijvoorbeeld per schip of op ongelijke wegen of ophijsen met een kraan om
hooggelegen installatiepunten te bereiken, vervalt elke vorm van garantie op de overbrengingsorganen en met name op lagers
en steunen, als deze niet goed beschermd worden. Ga bij twijfel te rade bij de fabrikant. De transportpositie van het apparaat en
de afzonderlijke onderdelen moet aangehouden worden zoals bepaald door de fabrikant.
LET OP: Het is streng verboden om apparaten boven op elkaar te stapelen en lasten aan te brengen die niet voorzien
zijn door de fabrikant.
ONTVANGST
Alleventilatorenwordenvóórverzendinggetest,gebalanceerdengecontroleerd.Deidentificatievandeventilatorgebeurtaan
de hand van de gegevens die op het typeplaatje staan dat op de ventilator aangebracht is. Op de ventilatoren wordt volgens de
wettelijke voorschriften garantie verleend. De garantie gaat in op de leverdatum en dekt de gebreken waarvan overeengekomen
wordt dat zij te wijten zijn aan fabrieks- en materiaalfouten. Indien er bij ontvangst van de goederen tekenen van schade vastge-
steld worden moet dit onmiddellijk aan de expediteur gemeld worden en moet er onmiddellijk contact met ons opgenomen wor-
den: de fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor schade die tijdens het transport ontstaan is. Beschadigde ventilato-
ren mogen niet gebruikt of gerepareerd worden, op straffe van verlies van elke vorm van garantie. Er moet gecontroleerd worden
of de ventilator overeenstemt met de order (uitvoering, draaiing, vermogen en polariteit van de geïnstalleerde motor, toebehoren
enz.); nadat de installatie voltooid is worden er geen retourzendingen van producten die niet conform zijn aanvaard.
LET OP: Het assortiment van de ventilatoren is compleet met afschermingen die aan de geldende normen voldoen en die
op aanvraag verkrijgbaar zijn (zie het technische gegevensblad). De fabrikant kan op geen enkele manier aansprakelijk
gesteld worden voor letsel aan personen of schade aan voorwerpen als deze afschermingen ontbreken; de fabrikant
wijst bovendien elke aansprakelijkheid van de hand voor schade die te wijten is aan verkeerd gebruik en/of veronacht-
zaming van de aanwijzingen die in deze handleiding vermeld zijn.
OPSLAG
Er moet voorkomen worden dat de ventilator stoten ondergaat waardoor de ongeschondenheid ervan in het gedrang kan komen.
Weerstand tegen chemische invloeden: omgevingen met stoffen die corrosief zijn, ook al is dit slechts in geringe mate, moeten
vermeden worden. Het is absoluut noodzakelijk om te vermijden dat de waaier van de ventilatoren lange tijd stil blijft staan, zowel
tijdens de opslag als tijdens de periode waarin de installatie waarin de ventilator opgenomen zal worden gerealiseerd wordt. Ti-
jdens deze perioden moet de ventilator regelmatig gecontroleerd worden door hem met de hand te laten draaien om beschadiging
van de lagers te voorkomen. De fabrikant kan niet aansprakelijk gesteld worden voor schade aan de overbrengingsorganen die
te wijten is aan langdurige stilstand van de ventilator. De ventilator mag niet in de buurt van machines die trillingen voortbrengen
opgeslagen worden, anders hebben de lagers te lijden onder dezelfde soort belasting. Bij het verplaatsen van grote waaiers en
assen, als deze om transportredenen gedemonteerd aankomen, moet heel behoedzaam te werk gegaan worden om problemen
ten aanzien van de balancering te voorkomen. In geval van langdurige opslag moet de ventilator beschermd worden tegen stof,
vocht en zonlicht.
5. INSTALLATIE EN STARTEN
INSTALLATIE
LET OP: Het installeren door onbekwaam en niet opgeleid personeel is verboden.
Verwijder de ventilator uit de doos of van de pallet en gooi de verpakking en de delen daarvan weg op de speciaal daarvoor be-
stemde plaatsen voor de verwijdering van afval (afvalinzamelpunten, vuilstortplaatsen enz.). Houd al het verpakkingsmateriaal en
eventuele zakjes buiten bereik van kinderen of onbekwame personen. Gebruik persoonlijke beschermingsmiddelen (handschoe-
nen enz.) zoals bepaald door de Richtlijn 89/686/EEG en latere wijzigingen en aanvullingen daarop.
Gebruik hijssystemen die geschikt zijn voor het gewicht en de afmetingen van de ventilator.
Gebruikhijskabelsof–bandendielanggenoegzijneninvoldoendeaantalenmaakdezeindespecialeopeningenindecon
structie van de ventilatoren vast. Aangezien het apparaat erg zwaar kan zijn wordt geadviseerd om als de last uit balans raakt
eventueel ook gebruik te maken van de oogbouten van de motor. Het is streng verboden om de hele ventilator op te hijsen
door alleen de bevestigingspunten van de motor te gebruiken.
Hijs de ventilator niet aan de as, de motor of de waaier op. De machine wordt over het algemeen gemonteerd, geladen op een
pallet en in ieder geval goed beschermd tegen weersinvloeden verzonden. Gebruik uitsluitend de voorziene bevestigingspunten
voor het ophijsen en zorg ervoor dat de last gelijk verdeeld is. Vermijd ongecontroleerde draaiingen.
Het gewicht van elke ventilator staat op bijgevoegd technisch gegevensblad.
Controleer of de waaier tijdens het verplaatsen geen stoten of beschadigingen ondergaan heeft, of de waaier goed aan diens
draaias bevestigd is, of de waaier vrijuit om zijn eigen as draait en of er geen vreemd voorwerp is dat de waaier in de weg zit.
De gebruiker moet een steunvlak maken dat geschikt is voor de afmetingen en het gewicht van de ventilator; dit moet goed vlak
zijn om vervormingen te voorkomen waardoor de constructie van de ventilator aangetast kan worden. In geval van installatie op
stalen constructies is het absoluut noodzakelijk dat de natuurlijke minimum frequentie van deze constructies hoger is dan 50%
dan de snelheid van de ventilator. Als men het verspreiden van trillingen via de fundering wil vermijden wordt geadviseerd om
op de juiste punten trillingsdempende steunen aan te brengen. Deze moeten op de speciaal daarvoor bestemde punten vast-
gemaakt worden waarbij bijzonder goed opgelet moet worden dat de constructie niet beschadigd wordt. De installaties die erop
aangesloten zijn moeten apart ondersteund worden en moeten coaxiaal ten opzichte van de openingen van de ventilatoren zijn
om te voorkomen dat de ventilator door onnodige spanning belast wordt waardoor de constructie ervan beschadigd kan worden.
Pag. 66