Operation Manual

12 TECHNISCHE SPECIFICATIES
12.1 Bandenspanning
Bandenmaat Luchtdruk
4 PR 3.0 ATO
6 PR 3.8 ATO
8 PR 4.2 ATO
12.2 13 polig aansluitschema JAEGER (13 kleine gaatjes)
1990 t/m 2002
1 = Richtingaanwijzer links
2 = Mistlamp
3 = Massa 1 t/m 8
4 = Richtingaanwijzer rechts
5 = Verlichting rechts
6 = Remlichten
7 = Verlichting links
8 = Achteruitrijdlicht
9 = Binnenverlichting caravan; draaddikte
minimaal 2 mm direct op plus accu amp
zekering.
10 = Laadstroom; draaddikte minimaal 2 mm
direct op plus accu met 8 amp zekering
11 = Koelkast; draaddikte minimaal 2,5 mm via 15
amp (of hoger) relais direct op plus accu met 16
amp zekering (beter is een dikkere draad bv 4
mm)
12 = Vrij
13 = Massa 9 t/m 12; draaddikte minimaal 2,5
mm.
Het is belangrijk dat er drie aparte draden
getrokken worden van plus accu naar punt 9, 10
en 11.
Alleen moet draad nr. 11 onderbroken worden
door een 15 amp (of hoger) relais die
aangestuurd wordt door het contact.
Dus als het contact uit is staat er alleen spanning
op nr. 9 en nr. 10. Als het contact aanstaat moet
er spanning staan op nr. 9, 10 en 11.
Vanaf 2003
1 = Richtingaanwijzer links
2 = Mistlamp
3 = Massa 1 t/m 8
4 = Richtingaanwijzer rechts
5 = Verlichting rechts
6 = Remlichten
7 = Verlichting links
8 = Achteruitrijdlicht
9 = Binnenverlichting en laadstroom caravan; draaddikte
minimaal 2,5 mm direct op plus accu 15 amp zekering.
10 = Koelkast; draaddikte minimaal 2,5 mm direct op
plus accu met 15 amp zekering onderbroken door een 15
amp schakelrelais!!!
11 = Massa koelkast minimaal 2,5 mm
12 = Vrij
13 = Massa 9 t/m 12; draaddikte minimaal 2,5 mm.
Het is belangrijk dat er twee aparte draden getrokken
worden van plus accu naar punt 9 en 10.
Alleen moet draad nr. 10 onderbroken worden door een
15 amp (of hoger) relais die aangestuurd wordt door het
contact.
Dus als het contact uit is staat er alleen spanning op nr.
9.
Als het contact aanstaat moet er spanning staan op 9 en
10.
39