Operation Manual

Wanneer de controlelamp tijdens de ontsteking helemaal niet
knippert, moeten de batterijen in de ontstekingsmodule (2)
worden vervangen.
Wanneer de kachel onder het rijden wordt gebruikt, moet
altijd een T-stuk op het rookkanaal worden gezet.
Uitschakelen
Draai de bedieningsknop (1) in de stand “0”. Hierdoor wordt
tegelijkertijd de ontstekingsmodule uitgeschakeld.
Zet de kap op de schoorsteen.
Bij een langere periode van stilstand moet de kraan op de
gasfles en de snelafsluiter in de gastoevoerleiding worden
gesloten.
Batterijen in de ontsteking vervangen
Controleer of de kachel uit staat.
Ontgrendel het batterijvak (2). Duw de vergrendeling (3) naar
links en draai het vak naar buiten.
Leg er nieuwe batterijen (4) van hetzelfde type in. Gebruik
alleen hittebestendige (+70º C) Mignon batterijen die niet
leeglopen.
Schuif het batterijvak volledig terug in de ontsteking.
Duw de vergrendeling (3) naar rechts zodat deze hoorbaar
vastklikt
Vervang de batterijen aan het begin van elk stookseizoen.
Raadpleeg ook de afzonderlijke gebruiksaanwijzing van het
apparaat.
Elektrische verwarming Truma Ultraheat (vanaf ’98)
De elektrische verwarming wordt aangestuurd door een
schakelaar (220 V). Deze schakelaar bevindt zich op het
bedieningspaneel of in de kledingkast. U schakelt deze in.
Vervolgens zet u de elektrische verwarming aan door de
draaiknop aan te zetten op 500, 1000 of 2000 Watt. U
gebruikt respectievelijk ± 2, 4 of 8 amp.!!
Truma-Vent aanjager
Uw caravan is uitgerust met een luchtcirculatiesysteem. Dit
verspreidt de warme lucht van de kachel door het gehele
interieur. De gewenste snelheid kan met een draaiknop
worden ingesteld. Deze draaiknop (1) zit in de ommanteling
van de kachel (2) of in de buurt van de kachel.
Uitvoering met automatische toerenregeling 12 V
Handbediening
1
2
Zet de schakelaar op stand (1).
Kies het gewenste toerental met draaiknop (4).
Uit
Zet de schakelaar op stand (2).
Automatische regeling
Zet de schakelaar op stand (3). Het toerental wordt traploos
op de warmte van de kachel afgestemd. Het max.toerental
kan met de draaiknop worden beperkt. De regeling tussen het
min. en max. toerental geschiedt automatisch.
Wanneer de luchtstroom afneemt of wanneer het geluid
harder wordt, is de ventilator vuil. Normaliter moet na ca. 500
draaiuren de kachelbeplating en de zuigbuis worden
verwijderd om de ventilator voorzichtig met een kwast te
reinigen.
22