User manual

NL
Laadomvormer monteren PerfectCharge
156
8.2 Montage-instructies
Neem bij de keuze van de montageplaats de volgende aanwijzingen in acht:
• De acculader kan horizontaal en verticaal worden gemonteerd.
• De acculader moet op een tegen vocht beschermde plaats worden ingebouwd.
• De acculader mag niet in omgevingen met ontvlambare materialen worden inge-
bouwd.
• De acculader mag niet in stoffige omgevingen worden ingebouwd.
• De montageplaats moet goed geventileerd zijn. Bij installaties in gesloten, kleine
ruimtes moet er ventilatie mogelijk zijn. De vrije minimumafstand rond de accula-
der moet minimaal 5 cm bedragen (afb. 2, pagina 4).
• De luchtin- en uitlaten van de acculader moeten vrij zijn.
• Bij omgevingstemperaturen hoger dan 40 °C (bijvoorbeeld in ruimtes met een
boiler of direct zonlicht) kan de acculader worden uitgeschakeld hoewel het ver-
mogen van de aangesloten lasten onder de nominale belasting is (niet-nomi-
naal).
• Het montagevlak moet vlak zijn en voldoende stevigheid bieden.
8.3 Laadomvormer
A
➤ Neem de afstandsspecificaties in acht (afb. 2, pagina 4).
➤ Monteer de laadomvormer zoals afgebeeld (afb. 3, pagina 4).
LET OP!
Controleer voor het boren of geen elektrische kabels of andere delen
van het voertuig door boren, zagen en vijlen beschadigd kunnen raken.
DCC1224-2424--IO-16s.book Seite 156 Donnerstag, 8. März 2018 3:06 15