Users Guide

Uw projector gebruiken 37
GEVORDERD
Via het menu Gevorderd kunt u de instellingen wijzigen voor
Beeld
,
Gevorderd
,
Projector
,
LAN
,
Draadl
,
Menu
,
Voeding
en
Informatie
.
BEELDINST. (IN PC-MODUS)—Selecteer en druk op om de
beeldinstellingen te activeren. Het menu Beeldinstellingen biedt de
volgende opties:
K
LEURTEMP.—
Hiermee kunt u de kleurtemperatuur aanpassen. Het
scherm lijkt koeler bij hogere kleurtemperaturen en warmer bij lagere
kleurtemperaturen. Wanneer u de waarden in het menu
Kleur aanp.
aanpast, wordt de AANGEP. modus geactiveerd. De waarden worden
opgeslagen in de AANGEP. modus.
REGEL GEBRUIKTE KLEUR
Hiermee kunt u de rood, groen en blauw
kleuren handmatig aanpassen.
WITBALANS
Druk op en gebruik en om de witbalans weer
te geven.
KLEURENRUIMTE
Hiermee kunt u de kleurenruimte selecteren. De
opties zijn: RGB, YCbCr en YPbPr.
VGA-UITGANG
Selecteer Aan of Uit voor de VGA-uitvoerfunctie in de
stand-bystatus van de projector. De standaardinstelling is Uit.
OPMERKING: Als u de instellingen voor Kleurtemp., Regel
Gebruikte Kleur en Witbalans aanpast, schakelt de projector
automatisch over op Aangepaste modus.