Users Guide
100 Uw projector gebruiken
Beeldbeheer
• Projectorstand: Hiermee kunt u de projectorstand selecteren, afhankelijk
van de manier waarop de projector is gemonteerd. Er zijn 4
projectiestanden: Frontprojectie - bureau, Frontprojectie - Wandmontage,
Spiegelprojectie - bureau en Spiegelprojectie - Wandmontage.
• Bron selecteren: In het menu Bronselectie kunt u de ingangsbron voor uw
projector selecteren. U kunt VGA-A, VGA-B, S-Video, Composiet Video,
HDMI, Draadloos beeldscherm, USB-weergave of USB-viewer selecteren.
• Videostand: Selecteer een stand om de beeldweergave te optimaliseren op
basis van het gebruik van de projector.
- Presentatie: Beste voor presentatie van dia's.
- Helder: Maximale helderheid en contrast.
- Film: Voor de weergave van film en foto's.
- sRGB: Biedt een nauwkeurigere kleurvoorstelling.
- Aangep.: Voorkeursinstellingen gebruiker.
• Leeg scherm: U kunt Aan of Uit selecteren.
• Beeldverhouding: Hiermee kunt u de hoogte-breedteverhouding selecteren
om de weergave van het beeld aan te passen.
• Helderheid: Selecteer een waarde om de helderheid van het beeld aan te
passen.
• Contrast: Selecteer een waarde om het beeldschermcontrast aan te passen.
Klik op de knop Auto-Bijstellen om de instellingen automatisch aan te passen.
Audiocontrole
• Audio-input: selecteer de ingangsbron. De opties zijn: Audio-A, Audio-B,
HDMI, Draadl/LAN en Microfoon.
• Volume: Selecteer de waarde (0~20) voor het audiovolume.
• Luidspreker: Selecteer Aan om de audiofunctie in te schakelen of Uit om de
audiofunctie uit te schakelen.
Kik op de knop Standaard om de standaard fabrieksinstellingen te herstellen.










