Users Guide

28 Uw projector gebruiken
5 Laser Richt de afstandsbediening op het scherm en
houd de knop Laser ingedrukt om het laserlicht te
activeren.
LET OP: Kijk niet naar het laserpunt
wanneer deze actief is. Richt het laserlicht
niet naar uw ogen.
6 Beeldverhouding Indrukken om de beeldverhouding van een
weergegeven beeld te wijzigen.
7
Trapeziumcorrectie
Druk hierop om de beeldvervorming aan te
passen die door het kantelen van de projector
wordt veroorzaakt (+40/-35 graden).
8
Pagina omhoog
Druk hierop om naar de vorige pagina te gaan.
OPMERKING: De mini-USB-kabel moet
worden aangesloten als u de functie Pagina
omhoog te gebruiken.
9
Pagina omlaag
Druk hierop om naar de volgende pagina te gaan.
OPMERKING: De mini-USB-kabel moet
worden aangesloten als u de functie Pagina
omlaag te gebruiken.
10
Trapeziumcorrectie
Druk hierop om de beeldvervorming aan te
passen die door het kantelen van de projector
wordt veroorzaakt (+40/-35 graden).
11 S-Video Indrukken om het S-Videosignaal te kiezen.
12 Video Indrukken om de Composiet videobron te kiezen.
13 Videostand De projector heeft vooraf ingestelde configuraties
die zijn geoptimaliseerd op deze knop om
gegevens (presentatiedia's) of video (films,
spelletjes, enz.) weer te geven.
Druk op de knop Videostand om te schakelen
tussen de Presentatiestand, Heldere stand,
Filmstand, sRGB of Aangepaste stand.
Als u eenmaal op de knop Videostand drukt,
wordt de huidige weergavestand weergegeven. Als
u opnieuw op de knop Videostand drukt, schakelt
u tussen de verschillende modi.
14 Leeg scherm Indrukken om het beeld te verbergen/weer te
geven.