Dell Precision Tower 3620 Eigenaarshandleiding Regelgevingsmodel: D13M Regelgevingstype: D13M002
Opmerkingen, voorzorgsmaatregelen,en waarschuwingen OPMERKING: Een OPMERKING duidt belangrijke informatie aan voor een beter gebruik van de computer. WAARSCHUWING: EEN WAARSCHUWING duidt potentiële schade aan hardware of potentieel gegevensverlies aan en vertelt u hoe het probleem kan worden vermeden. GEVAAR: Een GEVAAR-KENNISGEVING duidt op een risico op schade aan eigendommen, lichamelijk letsel of overlijden. Copyright © 2015 Dell Inc. Alle rechten voorbehouden.
Inhoudsopgave 1 Aan de computer werken.................................................................................... 5 Veiligheidsinstructies............................................................................................................................. 5 Voordat u aan de computer gaat werken............................................................................................ 6 Uw computer uitschakelen.................................................................................
Onderdelen van het moederbord...................................................................................................... 23 3 System Setup (Systeeminstallatie)................................................................... 25 Boot Sequence (Opstartvolgorde)......................................................................................................25 Navigatietoetsen......................................................................................................................
Aan de computer werken 1 Veiligheidsinstructies Volg de onderstaande veiligheidsrichtlijnen om uw eigen veiligheid te garanderen en de computer tegen mogelijke schade te beschermen. Tenzij anders aangegeven, wordt er bij elke procedure in dit document van de volgende veronderstellingen uitgegaan: • U hebt de veiligheidsinformatie geraadpleegd die bij uw computer is geleverd.
Voordat u aan de computer gaat werken Om schade aan de computer te voorkomen, moet u de volgende instructies opvolgen voordat u in de computer gaat werken. 1. Zorg ervoor dat u de Veiligheidsinstructies volgt. 2. Zorg ervoor dat het werkoppervlak vlak en schoon is, om te voorkomen dat de computerkap bekrast raakt. 3. Schakel de computer uit, zie Uw computer uitschakelen.
1. Klik op Start. 2. Klik op Afsluiten. of 1. 2. Klik op Start. 2. Klik op de pijl in de hoek rechtsonder van het menu Start en klik vervolgens op Afmelden. Controleer of alle op de computer aangesloten apparaten uitgeschakeld zijn. Houd de aan-uitknop zes seconden ingedrukt, indien uw computer en aangesloten apparaten niet automatisch worden uitgeschakeld wanneer u het besturingssysteem afsluit.
Onderdelen verwijderen en plaatsen Deze paragraaf beschrijft gedetailleerd hoe de onderdelen moeten worden verwijderd uit, of worden geïnstalleerd in uw computer. Aanbevolen hulpmiddelen Voor de procedures in dit document heeft u het volgende gereedschap nodig: • Kleine sleufkopschroevendraaier • Kruiskopschroevendraaier • Klein plastic pennetje De kap verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Schuif de vergrendelingweg om de kap los te maken [1]. 3.
Het montagekader aan de voorkant verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de kap. 3. Verwijder het montagekader: a. Til de borgklemmen [1] omhoog om het montagekader [2] los te maken. b. Til het montagekader omhoog om deze uit de computer te verwijderen [3]. Het montagekader aan de voorkant plaatsen 1. Houd het montagekader vast en zorg ervoor dat de haken op het kader in de inkepingen in de computer vastklikken. 2.
5. Buig de beugel van de harde schijf open en verwijder de harde schijf uit de beugel. 6. Herhaal de stappen 3 en 4 om de extra harde schijf te verwijderen (indien beschikbaar). De harde schijf plaatsen 1. Plaats de harde schijf in de beugel. 2. Druk op de bevestigingsbeugels en schuif de harde schijf in het compartiment van de harde schijf. 3. Sluit de gegevenskabel en de stroomkabel aan op de harde schijf. 4. Plaats de kap. 5. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt.
4. Verwijder het optische station als volgt: a. Schuif en houd de pal van het optische station vast om het optische station te ontgrendelen [1]. b. Schuif het optische station uit de computer [2]. 5. Herhaal stap 3 en 4 om het tweede optische station te verwijderen (indien van toepassing). Het optische station plaatsen 1. Schuif het optische station in het stationcompartiment aan de voorzijde van de computer totdat het vastzit. 2. Sluit de datakabel en de stroomkabel aan op het optische station. 3.
De intrusieschakelaar verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de kap. 3. U verwijdert de intrusieschakelaar als volgt: a. Druk op het lipje om de kabel van de intrusieschakelaar los te koppelen van het moederbord [1, 2]. b. Schuif de knop van de intrusieschakelaar naar de onderzijde van het chassis [3]. c. Trek aan de intrusieschakelaar om deze uit de sleuf te verwijderen [4]. De intrusieschakelaar plaatsen 1.
De geheugenmodule plaatsen 1. Lijn de inkeping in de geheugenmodule uit met het lipje op de connector van de geheugenmodule. 2. Plaats de geheugenmodule in de socket. 3. Druk op de geheugenmodule totdat de vergrendellipjes vastklikken. 4. Plaats de kap. 5. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De PCIe SSD (Solid State Drive) plaatsen OPMERKING: De PCIe SSD-kaart wordt geleverd met de volgende onderdelen: 1. PCIe SSD-kaart 2. Thermische mat 3. Schroef 1.
4. Plaats de thermische mat in de sleuf op het moederbord en verwijder de roze tape [1,2]. 5. Steek de PCIe SSD-kaart in de sleuf en draai de schroef aan waarmee de kaart aan het moederbord wordt bevestigd [1,2]. De PCIe SSD (Solid State Drive) verwijderen 1. Verwijder de schroef waarmee de PCIe SSD-kaart is bevestigd. 2. Schuif en til de PCIe SSD-kaart uit de computer. 3. Til de thermische mat van het moederbord. 4. Plaats: a. optisch station b. harde schijf c. kap 5.
De voeding verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de kap. 3. Druk op het lipje van de 4-pins stroomkabels en koppel deze los van het moederbord [1,2]. 4. Maak de kabels los uit de klem [3]. 5. Verwijder de voeding als volgt: a. b. c. d. Verwijder de schroeven waarmee de voeding aan de computer vastzit [1]. Verwijder de voedingkabels uit de connectoren op het moederbord. Haal de voedingskabels uit de borgklemmen.
De voeding plaatsen 1. Plaats de voeding in de voedingsleuf en schuif deze naar de achterkant van de computer totdat deze vastklikt. 2. Draai de schroeven aan om de voeding op de computer te bevestigen. 3. Leid de voedingskabels door de borgklemmen. 4. Sluit de voedingskabels aan op de connectoren op het moederbord. 5. Plaats de kap. 6. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. Het I/O-paneel verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2.
5. Plaats: a. montagekader vooraan b. kap 6. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De luidspreker verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de kap. 3. U verwijdert de luidspreker als volgt: a. Koppel de luidsprekerkabel los van het moederbord [1]. b. Druk op het bevestigingslipje op de luidspreker om te schuiven en verwijder de luidspreker uit de chassis [2, 3]. De luidspreker plaatsen 1.
4. Verwijder de uitbreidingskaart als volgt: a. Druk op de vergrendeling om de uitbreidingskaart los te maken [1]. b. Til de kaart uit de connector [2]. De uitbreidingskaart plaatsen 1. Plaats de uitbreidingskaart in de connector op het moederbord en druk hem vast. 2. Sluit de vergrendeling. 3. Plaats de kap. 4. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De systeemventilator verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de kap.
3. Verwijder de systeemventilator: a. Koppel de kabel van de systeemventilator los van het moederbord [1]. b. Trek de doorvoertules uit waarmee de ventilator aan de computer is bevestigd om het verwijderen van de ventilator te vergemakkelijken [2]. c. Schuif en til de systeemventilator uit de computer [3]. De systeemventilator plaatsen 1. Houd de systeemventilator bij de zijkanten vast met het uiteinde van de kabel naar de onderkant van de computer gericht. 2.
De warmteafleider plaatsen 1. Plaats de warmteafleider op de processor. 2. Draai de geborgde schroeven in diagonale volgorde vast om de warmteafleider aan de computer te bevestigen. 3. Sluit de kabel van de warmteafleider aan op het moederbord. 4. Plaats de kap. 5. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De processor verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. b. c. d. 3.
De processor plaatsen 1. Stem de processor af op de uitsparingen in de houder. 2. Lijn de pin-1-indicator van de processor op de driehoek op de socket. 3. Plaats de processor op de houder zodat de sleuven in de processor passen op de uitsparingen in de houder. 4. Sluit het processorschild door deze onder de retentiehaakschroef door te schuiven. 5. Laat de sockethendel zakken en druk hem onder het lipje om hem te vergrendelen. 6. Plaats: a. b. c. d. 7.
4. Verwijder het moederbord: a. Verwijder de schroeven waarmee het moederbord op de computer is bevestigd [1]. b. Schuif het moederbord en til hem uit de computer [2]. Het moederbord plaatsen 1. Lijn het moederbord uit met de poortconnectoren aan de achterkant van de computer en plaats het moederbord in de computer. 2. Draai de schroeven vast waarmee het moederbord aan de systeemkast vastzit. 3. Sluit de kabels op het moederbord aan. 4. Plaats: a.
b. c. d. e. f. 5. de uitbreidingskaart(en) harde schijf geheugenmodule montagekader vooraan kap Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. Onderdelen van het moederbord Afbeelding 1. Onderdelen van het moederbord 1. PCI express x16-sleuf (bekabeld als x4) 2. PCI express x4-sleuf 3. PCI-slot 4. PCI express x16 Gen 3 sleuf 5. lijningang 6. USB 3.0-connector 7. HDMI-connector 8. seriële poortconnector 9. 2 x DisplayPort-connector 10. USB 2.0 met netwerkconnector 11.
19. connector voor aan-uitknop, voorzijde 20. 8-pins stroomconnector 21. SATA 1-connector 22. SATA 2-connector 23. interne USB-connector 24. connector voor stroomkabels van harde schijf en optisch station 25. OS debug-header voor foutopsporing 26. USB 3.0-connector 27. Thunderbolt-header 28. M.2 SSD-sleuf 29. SATA 0-connector 30. I/O-connector, voorzijde 31. SATA 3-connector 32. wachtwoord resetjumper 33. connector voor servicemodusjumper 34. luidsprekerconnector 35.
System Setup (Systeeminstallatie) 3 Met System setup kunt u de hardware van uw computer beheren en de opties voor het BIOS‐niveau opgeven.
Navigatietoetsen De volgende tabel geeft de navigatietoetsen weer voor het installeren van het systeem. OPMERKING: Voor de meeste System Setup-opties geldt dat de door u aangebrachte wijzigingen wel worden opgeslagen, maar pas worden geëffectueerd nadat het systeem opnieuw is opgestart. Tabel 2. Navigatietoetsen Toetsen Navigatie Pijl Omhoog Gaat naar het vorige veld. Pijl Omlaag Gaat naar het volgende veld.
Optie Beschrijving • Advanced Boot Options Hiermee kunt u Legacy-optie ROM's inschakelen • Date/Time UEFI Enable Legacy Option ROMs (Legacy-optie ROM inschakelen) (Standaard: niet ingeschakeld) Hiermee kunt u de datum en tijd instellen. De wijzigingen aan de systeemdatum- en tijd worden direct van kracht. Tabel 4. System Configuration (Systeemconfiguratie) Optie Beschrijving Integrated NIC Hiermee kunt u de geïntegreerde netwerkcontroller configureren.
Optie Beschrijving technologie is onderdeel van de specificatie SMART (Self Monitoring Analysis en Reporting Technology). • USB Configuration Hiermee kunt u de configuratie voor de USB-poort in- of uitschakelen. De opties zijn: • • • Front USB Configuration Front Port 1 (Poort 1 voorzijde) Front Port 2 (Poort 2 voorzijde) Front Port 3 (Poort 3 voorzijde) Front Port 4 (Poort 4 voorzijde) Hiermee kunt u de configuratie voor de USB-poort aan de achterzijde inof uitschakelen.
Optie Beschrijving • Disable Media Card (Mediakaart uitschakelen) Tabel 5. Video Optie Beschrijving Primary Display Hiermee kunt u de primaire videocontroller configureren wanneer er meerdere controllers beschikbaar zijn. De opties zijn: • • Auto (Automatisch) (standaardinstelling) Intel HD Graphics (Intel HD grafische kaart) Tabel 6. Security (Beveiliging) Optie Beschrijving Strong Password Hiermee kunt de optie forceren om altijd veilige wachtwoorden in te stellen.
Optie Beschrijving • • CPU XD Support Hiermee kunt u de modus Execute Disable (Uitvoeren uitschakelen) van de processor inschakelen. • OROM Keyboard Access Enable CPU XD Support (CPU XD-ondersteuning inschakelen) (standaard) Hiermee kunt u bepalen of gebruikers de Option ROM Configurationschermen kunnen openen via sneltoetsen tijdens het opstarten.
Optie Beschrijving • • • 32 MB 64 MB 128 MB Tabel 9. Performance (Prestaties) Optie Beschrijving Multi Core Support Met dit veld specificeert u of de processor één of meerdere kernen ingeschakeld heeft. De performance van sommige toepassingen zal met de extra kernen verbeteren. Deze optie staat standaard op ingeschakeld. Hiermee kunt u voor de processor de ondersteuning van meerdere kernen in- of uitschakelen.
Optie Beschrijving • • • Deep Sleep Control Hiermee kunt u de besturingen definiëren wanneer Deep Sleep (Diepe slaap) is ingeschakeld. • • • Fan Control Override Every Day (Elke dag) Weekdays (Op werkdagen) Select Days (Dagen selecteren) Disabled (Uitgeschakeld) (standaard) Enabled in S5 only (Alleen ingeschakeld in S5) Enabled in S4 and S5 (Ingeschakeld in S4 en S5) Hiermee kunt u de snelheid van de systeemventilator instellen.
Tabel 11. POST Behavior (Gedrag POST) Optie Beschrijving Numlock LED Hiermee kunt u aangeven of de NumLock-functie wordt ingeschakeld wanneer het systeem wordt opgestart. Deze optie is standaard ingeschakeld. MEBx Hotkey Hiermee kunt u aangeven of de MEBx Hotkey (MEBx-sneltoets) moet worden ingeschakeld wanneer het systeem wordt opgestart. Deze optie is standaard ingeschakeld. Keyboard Errors Geeft aan of toetsenbord-gerelateerde fouten worden gemeld wanneer het systeem wordt opgestart.
Tabel 14. Cloud Desktop Optie Beschrijving Server Lookup Method Hiermee kunt u instellen hoe de Cloud Desktop-software serveradressen opzoekt. De opties zijn: • • Static IP (Vast IP-adres) DNS (standaardinstelling) Server Name Hiermee kunt u de servernaam van de server instellen. Server IP Address Hiermee geeft u het primaire vaste IP-adres op van de Cloud Desktopserver waarmee de clientsoftware communiceert. Het standaard-IP-adres is 255.255.255.255.
Het BIOS updaten Het wordt aanbevolen om uw BIOS (System Setup) te updaten, tijdens het vervangen van het moederbord, of wanneer een update beschikbaar is. Bij laptops dient ervoor te worden gezorgd dat de batterij volledig is opgeladen en dat de laptop op een stopcontact is aangesloten. 1. Start de computer opnieuw op. 2. Ga naar Dell.com/support. 3. Vul de Service Tag of Express Service Code in en klik op Submit (Verzenden).
Kort: reset van realtimeklok. Kan worden gebruikt voor probleemoplossing. SERVICE_MODE Default (Standaard) Open: standaard Kort: ME uitschakelen Systeem- en installatiewachtwoord U kunt ter beveiliging van uw computer een wachtwoord voor het systeem en de installatie aanmaken. Type wachtwoord Beschrijving System Password (Systeemwachtwo ord) Wachtwoord dat moet worden ingevuld om aan uw systeem in te loggen.
• Er mogen alleen kleine letters worden gebruikt. • Alleen de volgende speciale tekens zijn toegestaan: spatie, (”), (+), (,), (-), (.), (/), (;), ([), (\), (]), (`). Vul het systeemwachtwoord op aangeven nogmaals in. 4. Vul hetzelfde systeemwachtwoord als daarvoor in en klik op OK. 5. Selecteer Installatiewachtwoord, typ uw systeemwachtwoord in en druk op Enter of Tab. Er verschijnt een melding om het installatiewachtwoord nogmaals in te vullen. 6.
OPMERKING: De bestaande wachtwoorden worden niet uitgeschakeld (gewist) totdat de computer wordt opgestart zonder de jumper. 5. Plaats de kap. OPMERKING: Als u een nieuw systeem- en/of setupwachtwoord hebt geïnstalleerd met de PSWD-jumper, dan worden de nieuwe wachtwoorden door het systeem uitgeschakeld wanneer deze de volgende keer wordt opgestart. 6. Sluit de computer aan op het stopcontact en schakel de computer in. 7. Zet de computer uit en trek de stroomstekker uit het stopcontact. 8.
Diagnostiek 4 Start bij problemen met uw computer eerst de ePSA diagnosefuncties voordat u met Dell contact opneemt voor technische assistentie. Het doel van het starten van deze diagnostische functies is het testen van de hardware van uw computer zonder extra apparatuur nodig te hebben of de kans te lopen om gegevens te verliezen. Als u het probleem niet zelf kunt oplossen, kunnen de medewerkers u op basis van de diagnosefuncties verder helpen om het probleem op te lossen.
Problemen met uw computer oplossen U kunt eventuele problemen met uw computer oplossen met behulp van aanduidingen, zoals diagnostische lampjes, piepcodes en foutmeldingen die tijdens het werken met de computer optreden. Diagnostiek van de stroomledlampjes Het LED van de stroomknop aan de voorkant van de systeemkast fungeert tevens als tweekleurig lampje voor diagnostiek en is alleen actie en zichtbaar tijdens het POST-proces.
Oranje ledlampje Beschrijving 3, 6 mogelijke fout in moederbordresource en/of hardware 3, 7 andere fout met berichten op het scherm Pieptooncode De computer kan een reeks pieptonen afgeven tijdens het opstarten als het beeldscherm geen fouten of problemen kan weergeven. Deze reeks pieptonen, die pieptooncodes wordt genoemd, geven verschillende problemen aan. De vertraging tussen elk piepje is 300 ms; de vertraging tussen elke reeks piepjes is 3 sec; het piepje zelf duurt 300 ms.
Foutmelding Beschrijving eling van Dell om dit probleem op te lossen). Alert! Security De MFG_MODE jumper is ingesteld en de AMT Management-functies zijn override Jumper is uitgeschakeld totdat de jumper wordt verwijderd. installed. (Alarm! De veiligheidsopheffin gsjumper is geïnstalleerd). Attachment failed De diskette of harde-schijfcontroller kan geen gegevens naar het bijbehorende to respond (Bijlage station sturen.
Foutmelding Beschrijving Diskette subsystem Mogelijk is de diskettecontroller defect. reset failed (Reset van het subsysteem van de diskette is mislukt) Fout in poort A20 Een of meer geheugenmodules zijn mogelijk defect of zijn niet goed geplaatst. Plaats de geheugenmodules opnieuw en vervang ze zo nodig. General failure (Algemene fout) Het besturingssysteem kan de opdracht niet uitvoeren. Dit bericht wordt gewoonlijk gevolgd door specifieke informatie, zoals Printer out of paper (Papier is op).
Foutmelding Beschrijving Keyboard failure (Toetsenbordfout) A cable or connector may be loose, or the keyboard or keyboard/mouse controller may be faulty. (Er is mogelijk een kabel of connector los, of het toetsenbord of de toetsenbord/muiscontroller kan defect zijn.) Memory address line failure at (address), read value expecting (value) Een geheugenmodule is mogelijk defect of is niet goed geplaatst. Plaats de geheugenmodule opnieuw en vervang deze zo nodig.
Foutmelding Beschrijving gelezen waarde verwacht waarde) Memory size in De hoeveelheid geheugen die in de configuratiegegevens van de computer is cmos invalid vastgelegd, komt niet overeen met de hoeveelheid geheugen die in de computer is (Geheugengrootte geïnstalleerd. in cmos ongeldig) Memory tests terminated by keystroke (Geheugentests onderbroken door toetsaanslag) De geheugentest is door een toetsaanslag onderbroken.
Foutmelding Beschrijving (Gewenste sector niet gevonden) computer kon een bepaalde sector op de schijf niet vinden of de gewenste sector is defect.) Reset failed (Reset mislukt) Het resetten van de schijf is mislukt. Sector not found (Sector niet gevonden) The operating system cannot locate a sector on the floppy or hard drive. (Het besturingssysteem kan een sector op de diskette of harde schijf niet vinden.
Foutmelding Beschrijving immediately back up your data and replace your hard drive by calling your support desk or Dell. (WAARSCHUWING : Het Disk Monitoring System van Dell heeft waargenomen dat station [0/1] op de [primaire/ secundaire] EIDEcontroller buiten de normale specificaties werkt. Het is raadzaam onmiddellijk een back-up te maken van uw gegevens en uw harde schijf te vervangen door uw helpdesk te bellen of contact op te nemen met Dell.
5 Specificaties OPMERKING: Het aanbod kan per regio verschillen. Voor meer informatie over de configuratie van uw computer in: • Windows 10: klik op Start → Instellingen → Systeem → Info. • Windows 8.1 en Windows 8: klik op Start • Windows 7: klik op Start Eigenschappen. → Pc en apparaten → Pc info. , klik met de rechtermuisknop op Deze computer en selecteer Tabel 19.
Tabel 22. Audio Functie Specificatie Geïntegreerd Twee kanaals HD-geluid Tabel 23. Netwerk Functie Specificatie Geïntegreerd Intel I219LM Ethernet geschikt voor 10/100/1000 Mb/s communicatie Tabel 24. Systeeminformatie Functie Specificatie Chipset van systeem Intel C236 chipset DMA-kanalen Twee 8237 DMA-controllers met zeven apart programmeerbare kanalen Interruptniveaus Geïntegreerde I/O APIC-mogelijkheid met 24 interrupts BIOS-chip (NVRAM) 16 MB Tabel 25.
Functie Specificatie Twee Vier Eén Tabel 28. Externe connectoren Functie Specificatie Audio Voorpaneel Eén universele audio-connector met connector voor microfooningang en hoofdtelefoon Achterpaneel Eén connector voor lijnuitgang Netwerkadapter Eén RJ-45-connector Serieel Eén 9-pins connector, compatibel met 16550 C USB 2.0 Voorpaneel: twee Achterpaneel: twee USB 3.
Functie Specificatie Systeemventilator Eén 4-pins connector Voorpaneelbesturing Mini Tower Eén 6-pins en één 20-pins connector Mini-Tower – warmtesensor Eén 2-pins connector Processor Eén 1150-pins connector Processorventilator Eén 4-pins connector Jumper Servicemodus Eén 2-pins connector Jumper Wachtwoord wissen Eén 2-pins connector Jumper RTC reset Eén 2-pins connector Interne luidspreker Eén 4-pins connector Intrusieconnector Eén 3-pins connector Stroomconnector: Eén 8-pins, één 4-
Tabel 31. Voeding Voeding Wattage Maximale hitteverspreiding Spanning Mini Tower: 290 W 989,00 BTU/uur 100 V wisselstroom tot en met 240 V wisselstroom, 50 Hz tot en met 60 Hz, 5,4 A 365 W EPA 1245 BTU/uur 100 V wisselstroom tot en met 240 V wisselstroom, 50 Hz tot en met 60 Hz, 5,0 A OPMERKING: Hitteverspreiding wordt berekend aan de hand van de wattagewaarde voor de voeding. Knoopbatteri j CR2032-lithiumknoopbatterij van 3 V Tabel 32.
Functie Mate van luchtvervuiling Specificatie G1 of lager, zoals gedefinieerd in ANSI/ISA-S71.
Contact opnemen met Dell 6 OPMERKING: Als u geen actieve internetverbinding hebt, kunt u de contactgegevens vinden op de factuur, de pakbon of in de productcatalogus van Dell. Dell biedt diverse online en telefonische ondersteunings- en servicemogelijkheden. De beschikbaarheid verschilt per land en product en sommige services zijn mogelijk niet beschikbaar in uw regio. Wanneer u met Dell contact wilt opnemen voor vragen over de verkoop, technische ondersteuning of de klantenservice: 1. Ga naar Dell.