Users Guide

88 System Setup
Drives 0 through 5
Password
(
Not Set
is
standaard)
Wordt gebruikt om te voorkomen dat een niet-bevoegde
gebruiker de vaste schijf opent.
Password Changes
(
Unlocked
is
standaard)
Regelt de interactie tussen het systeemwachtwoord en het
beheerderswachtwoord.
Unlocked
— Het systeemwachtwoord kan worden gewijzigd of
verwijderd zonder het beheerderswachtwoord te kennen.
Locked
— U hebt een geldig beheerderswachtwoord nodig om
het systeemwachtwoord te wijzigen of te verwijderen.
OPMERKING: Als het veld voor het systeemwachtwoord is
vergrendeld, kan de wachtwoordbeveiliging niet worden
uitgeschakeld door op <Ctrl><Enter> te drukken wanneer de
computer wordt opgestart.
Chassis Intrusion
(
On-Silent
is
standaard)
Schakelt de functie voor chassisintrusiedetectie in of uit.
Off
— De functie voor intrusiedetectie is uitgeschakeld.
On
— De functie voor intrusiedetectie is ingeschakeld en
maakt melding van intrusies tijdens POST.
On-Silent
— De functie voor intrusiedetectie is ingeschakeld,
maar geeft geen gedetecteerde intrusies tijdens POST weer.
TPM Security
(
Off
is standaard)
Schakelt het TPM-beveiligingsapparaat in of uit.
Off
— Het TPM-beveiligingsapparaat is uitgeschakeld.
On
— Het TPM-beveiligingsapparaat is ingeschakeld.
OPMERKING: Wanneer TPM Security is ingesteld op On,
herkent het besturingssysteem TPM, maar wordt TPM niet
geactiveerd/ingeschakeld.
TPM Activation
(
Deactivate
is
standaard)
Schakelt het TPM-beveiligingsapparaat in of uit.
Activate
— Hiermee wordt TPM security ingeschakeld en
gedeactiveerd.
Deactivate
— Hiermee wordt TPM security gedeactiveerd en
uitgeschakeld.
Clear
— Wist de eigenaarsgegevens van TPM security.
OPMERKING: Het menu TPM Activation verschijnt alleen als
TPM Security is ingesteld op On.