Users Guide

262 Onderdelen toevoegen en vervangen
5
Geleid de kabels onder de lipjes door en druk op de lipjes om ze boven de
kabels te sluiten.
6
Plaats de computerkap terug (zie "De computerkap terugplaatsen" op
pagina 266).
KENNISGEVING: Steek voor het aansluiten van een netwerkkabel de kabel eerst
in de netwerkpoort of het netwerkapparaat en daarna in de computer.
7
Steek de stekkers van de computer en de apparaten in het stopcontact en
zet ze aan.
Systeemkaart
WAARSCHUWING: Voordat u aan een van de procedures in deze sectie begint,
dient u de veiligheidsinstructies te volgen die u vindt in de
Productinformatiegids
.
WAARSCHUWING: U voorkomt elektrische schokken door altijd de stekker van
de computer uit het stopcontact te halen voordat u de kap opent.
KENNISGEVING: U voorkomt schade door statische elektriciteit aan de onderdelen
in de computer door uw lichaam van statische elektriciteit te ontdoen voordat u een
van de elektronische onderdelen van de computer aanraakt, Dit kunt u doen door
een ongeverfd metalen oppervlak op de computer aan te raken.
KENNISGEVING: De systeemkaart en het metalen frame zijn met elkaar verbonden
en moeten als één geheel worden verwijderd.
De systeemkaart verwijderen
1
Volg de procedures in "Voordat u begint" op pagina 149.
2
Verwijder de computerkap (zie "De computerkap verwijderen" op pagina 151).
3
Verwijder het frontpaneel (zie "Het frontpaneel verwijderen" op pagina 160).
4
Verwijder alle componenten die de toegang tot de systeemkaart kunnen
beperken.
5
Koppel alle kabels los van de systeemkaart.
6
Voordat u de huidige systeemkaart vervangt, moet u de vervangende kaart
op zicht met de huidige systeemkaart vergelijken om te controleren of u dit
het juiste onderdeel is.
7
Verwijder de systeemkaartschroeven.