Users Guide
128 Problemen oplossen
• Omzeil contactdozen, verlengkabels en andere voedingsbeschermingsapparaten om te
controleren of de computer aangaat.
• Zorg dat alle contactdozen die worden gebruikt, in een stopcontact zijn gestoken en
zijn ingeschakeld.
• Controleer of er stroom uit het stopcontact komt, door er een ander apparaat, zoals
een lamp, op aan te sluiten.
• Controleer of de hoofdvoedingskabel en de kabel van het frontpaneel goed op de
systeemkaart zijn aangesloten (zie "Systeemkaartcomponenten" op pagina 154).
ALS HET AAN/UIT-LAMPJE ORANJE KNIPPERT — De computer krijgt stroom, maar
er is een probleem met de interne stroom.
• Ga na of de stroomselectieschakelaar zo is ingesteld dat deze overeenkomt met de
netstroom op uw locatie (indien toepasbaar).
• Ga na of alle componenten en kabels correct zijn geïnstalleerd en aangesloten op de
systeemkaart (zie "Systeemkaartcomponenten" op pagina 154).
ALS HET AAN/UIT-LAMPJE ORANJE BRANDT — Mogelijk is er een apparaat dat niet
goed werkt of onjuist is geïnstalleerd.
• Verwijder alle geheugenmodules en installeer ze opnieuw (zie "Geheugen" op
pagina 163).
• Verwijder alle uitbreidingskaarten, inclusief de grafische kaarten, en installeer ze
opnieuw (zie "Kaarten" op pagina 170).
HEF INTERREFERENTIE OP — Een aantal oorzaken hiervan zijn:
• Stroom-, toetsenbord- en muisverlengkabels
• Te veel apparaten aangesloten op dezelfde contactdoos
• Meerdere contactdozen aangesloten op hetzelfde stopcontact
Printerproblemen
WAARSCHUWING: Voordat u aan een van de procedures in deze sectie begint,
dient u de veiligheidsinstructies te volgen die u vindt in de
Productinformatiegids
.
OPMERKING: Als u technische ondersteuning voor uw printer nodig hebt, moet
u contact opnemen met de printerfabrikant.
R
AADPLEEG DE DOCUMENTATIE BIJ DE PRINTER — Raadpleeg de documentatie bij
de printer voor installatie- en probleemoplossingsinformatie.
C
ONTROLEER OF DE PRINTER IS INGESCHAKELD










