Dell Precision™ R5400 Setup- en naslaggids Deze handleiding geeft een overzicht van alle functies, specificaties en informatie over een snelle installatie, de software en het oplossen van problemen met betrekking tot uw computer. Zie de Dell Technology Guide (Dell-technologiegids) op support.dell.com voor meer informatie over het besturingssysteem, apparaten en andere technologieën. Model WMTE01 w w w. d e l l . c o m | s u p p o r t . d e l l .
Opmerkingen, kennisgevingen en waarschuwingen OPMERKING: Een OPMERKING duidt belangrijke informatie aan voor een beter gebruik van de computer. LET OP: Met LET OP wordt potentiële schade aan hardware of potentieel gegevensverlies aangegeven en verteld u hoe het probleem kan worden vermeden. WAARSCHUWING: Een WAARSCHUWING duidt het risico van schade aan eigendommen, lichamelijk letsel of overlijden aan.
Inhoud 1 Over de computer Vooraanzicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 Achteraanzicht . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . Connectoren op het achterpaneel . 2 . . . . . . . . . . . . 8 . . . . . . . . . . . . . . 9 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 9 De computer installeren Snelle installatie . Verbinding maken met internet . . . . . . . . . . . . . Gegevens overbrengen naar een nieuwe computer . . . . . . . .
Problemen oplossen . . . . . . . . . . . . . . . Hulpprogramma's voor probleemoplossing . . . . . . . 31 Aan/uit-lampje . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 31 Pieptooncodes . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 32 Foutberichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 34 Systeemberichten . . . . . . . . . . . . . . . . . . Dell Diagnostics . 42 . . . . . . . . . . . . . . . . . . 43 Tips voor het oplossen van problemen Voedingsproblemen . . . . . . . . . . 50 . . . . . . . . . . .
6 Informatie zoeken 7 Hulp verkrijgen Hulp verkrijgen . . . . . . . . . . . . . . . . . . 71 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 73 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 73 Support en klantenservice . . . . . . . . . . . . . 74 DellConnect™. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 74 Onlineservices . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 74 AutoTech Service . . . . . . . . . . . . . . . . . . 76 . . . . . . . . . . . . . 76 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
Inhoud
Over de computer Vooraanzicht 1 23 4 5 6 7 1 aan-uitknop, aan-uitlampje 2 activiteitslampje station 3 activiteitslampjes netwerk (2) 4 diagnostische lampjes (4) 5 USB 2.
Connectoren op het achterpaneel 1 2 3 12 11 10 9 8 4 8 7 6 5 1 lampje voor de integriteit van de netwerkverbinding 2 netwerkadapteraansluiting (primair) 3 activiteitslampje netwerk 4 lijnuitgang 5 lijningang 6 seriële connectoren (2) 7 toetsenbordconnector 8 muisconnector 9 USB 2.
De computer installeren Snelle installatie WAARSCHUWING: Voordat u aan een van de procedures in deze sectie begint, dient u de veiligheidsinstructies te volgen die met de computer zijn meegeleverd. In deze sectie leest u hoe u de computer voor de eerste keer installeert. 1 Pak de computer uit en identificeer de verschillende items. Bewaar het verpakkingsmateriaal voor het geval u dit later nodig hebt.
2 Installeer de rails en de computer in het rack. Raadpleeg de documentatie voor de rackinstallatie voor veiligheidsinstructies en instructies voor het installeren van de computer in een rack. 3 Sluit het toetsenbord en de muis aan.
4 Sluit de monitor aan (optioneel). 5 Sluit de voedingskabels van de computer en de monitor (optioneel) aan.
6 Bevestig het klemhaakje van de voedingskabel aan de rechterhoek van het handvat van de voedingseenheid. Buig de voedingskabel in een lus, zoals weergegeven, en bevestig de kabel aan de kabelklem van het haakje. 7 Sluit het andere uiteinde van de voedingskabel aan op een geaard stopcontact of een aparte voedingsbron, zoals ononderbroken voeding (UPS) of een eenheid voor stroomdistributie (PDU). 8 Druk op de aan-uitknop op de computer en de monitor (optioneel).
9 Installeer de voorplaat (optioneel). Verbinding maken met internet OPMERKING: Het aanbod van internetproviders verschilt per land. Als u verbinding wilt maken met internet, hebt u een netwerkverbinding nodig en een internetprovider (ISP). Neem contact op met uw internetprovider voor installatie-instructies.
Als er geen pictogram van een internetprovider op het bureaublad wordt weergegeven of als u een internetverbinding via een andere internetprovider wilt instellen, moet u de stappen volgen die hierna in de bijbehorende sectie worden beschreven. OPMERKING: Raadpleeg uw Dell Technology Guide (technologiegids van Dell) op support.dell.com als u problemen hebt bij verbinding maken met het internet.
Microsoft Windows XP 1 Sla eventueel geopende bestanden op en sluit deze en eventueel geopende programma's af. 2 Klik op Start→ Internet Explorer. Wizard Nieuwe verbinding verschijnt. 3 Klik op Verbinding met internet maken. 4 Klik in het volgende venster op de juiste optie: • Als u geen internetaanbieder hebt en er een wilt selecteren, klikt u op Ik wil zelf een Internet-provider in een lijst selecteren.
3 Klik op Een nieuwe transfer starten of Doorgaan met een reeds gestarte transfer. 4 Volg de instructies van de wizard Windows Easy Transfer op het scherm.
De wizard Bestanden en instellingen overzetten (met het medium met het besturingssysteem) OPMERKING: De wizard Bestanden en instellingen overzetten wijst de broncomputer, waarvan de gegevens komen, aan als de oude computer en de doelcomputer, waar de gegevens heengaan, als de nieuwe computer. DE DOELCOMPUTER VOORBEREIDEN OP DE BESTANDSOVERDRACHT 1 Klik op Start→ Alle programma's→ Bureau-accessoires→ Systeemwerkset→ Wizard Bestanden en instellingen overzetten.
GEGEVENS NAAR DE DOELCOMPUTER OVERZETTEN 1 Ga naar de doelcomputer. 2 Klik onder Ga nu naar de oude computer op Volgende. 3 Selecteer in het scherm Waar bevinden zich de bestanden en instellingen? de gewenste methode voor het overbrengen van instellingen en bestanden en klik op Volgende. De wizard leest de verzamelde bestanden en instellingen en past ze op de doelcomputer toe. Wanneer de overdracht is voltooid, verschijnt het scherm Voltooid. 4 Klik op Voltooid en start de computer opnieuw op.
GEGEVENS VANAF DE BRONCOMPUTER KOPIËREN 1 Plaats de wizardschijf in de broncomputer. 2 Klik op Start→ Uitvoeren. 3 Klik op Bladeren... en ga naar fastwiz op de wizardschijf en klik op OK. 4 Klik in het scherm Oude of nieuwe computer? op Nieuwe computer en vervolgens op Volgende. 5 Klik onder Op welke manier wilt u uw bestanden en instellingen overzetten? op de gewenste overdrachtsmethode en klik op Volgende.
De computer installeren
Specificaties OPMERKING: Aanbiedingen kunnen per regio verschillen. Klik voor meer informatie over de configuratie van uw computer op Start→ Help en ondersteuning en selecteer de optie om informatie over uw computer weer te geven.
Systeeminformatie (vervolg) NIC geïntegreerde netwerkinterface met ASF 2.0ondersteuning, zoals gedefinieerd door DMTF, met communicatiesnelheid van 10/100/1000 Mbps: • groen — Er is een goede verbinding tussen een 10Mbps-netwerk en de computer. • oranje — Er is een goede verbinding tussen een 100Mbps-netwerk en de computer. • geel — Er is een goede verbinding tussen een 1000Mbps-netwerk (1-Gb) en de computer. • uit — De computer detecteert geen fysieke verbinding met het netwerk. OPMERKING: ASF 2.
Video Type PCI Express x16 (twee sleuven) Audio Type geïntegreerde ADI 1984 High Definition Audio CODEC en AC97/High Definition digitale controller Uitbreidingsbus Bustype PCI 2.3 PCI Express 1.0a SATA 2.0 USB 2.0 Bussnelheid/overdrachtsnelheid PCI: 133 MB/s PCI Express x8-sleuf, bidirectionele snelheid — 500 MB/s x16-sleuf, bidirectionele snelheid — 1 GB/s SATA 1.0 en 2.0: 150 en 300 Mbps per station USB 2.
Uitbreidingsbus (vervolg) Buitenste riser: PCI Express x16 (twee sleuven) twee x16-lane, volledige hoogte en lengte PCI Connector één Connectorgrootte 124-pins Connectorgegevensbreedte 32-bits (maximum) PCI-X: Connector één Connectorgrootte 188-pins Connectorgegevensbreedte 64-bits (maximum) PCI Express x8: Connector één x16 (ondersteunt x8-, x4- en x1-kaarten) Connectorgrootte 164-pins Connectorgegevensbreedte x8 PCI Express-lane (maximum) PCI Express x16: Connector twee x16 Connectorgroott
Connectoren (vervolg) Video DVI-connector op het achterpaneel (op de grafische kaart) VGA-connector op het achterpaneel (op de grafische kaart) PS/2 (toetsenbord en muis) twee 6-pins mini-DIN's op het achterpaneel Serieel twee 9-pins connectoren (16550C-compatibel) op het achterpaneel Audio twee connectoren op het achterpaneel (line-in en line-out) Systeemkaartconnectoren: Seriële ATA drie 7-pins connectoren Interne USB één 10-pins connector Ventilatoren twee 4-pins connectoren twee 5-pins connec
Schakelaars en lampjes Voorpaneel: Aan-uitknop drukknop — druk op de aan-uitknop om de computer in te schakelen. LET OP: Schakel de computer niet uit met de aan-uitknop. Zo voorkomt u gegevensverlies. Sluit de computer in plaats daarvan af via het besturingssysteem. Aan-uitlampje groen lampje — Een knipperend groen lampje geeft aan dat het systeem zich in de slaapstand bevindt; een continu brandend groen lampje duidt erop dat het systeem is ingeschakeld.
Schakelaars en lampjes (vervolg) Achterpaneel: Lampje voor de verbindingsintegriteit (op de geïntegreerde netwerkadapter) Het netwerkverbindingslampje brandt als er een goede verbinding is tussen een 10Mbps-, 100Mbps- of 1000Mbps (1-Gbps)-netwerk en de computer. • groen — Er is een goede verbinding tussen een 10Mbps-netwerk en de computer. • oranje — Er is een goede verbinding tussen een 100Mbps-netwerk en de computer. • geel — Er is een goede verbinding tussen een 1000Mbps-netwerk (1-Gb) en de computer.
Fysieke specificaties Hoogte 8,656 cm Breedte 42,62 cm Diepte: Met montagekader 68,45 cm Zonder montagekader 73,25 cm Gewicht: Met montagekader 20,85 kg Zonder montagekader 20,45 kg Omgevingstemperatuur: Actief 10 tot 35 °C met een maximumtemperatuurgradatie van 10 °C per uur OPMERKING: Voor hoogten boven 900 meter is de maximumtemperatuur bij gebruik 0,2 °C per 168 meter lager.
Omgevings- (vervolg) Maximumimpact: Actief 40 G +/– 5% bij pulsduur van 2 msec +/– 10% (equivalent aan 51 cm/sec.) Opslag 105 G +/– 5% bij pulsduur van 2 msec +/– 10% (equivalent aan 127 cm/sec.) Hoogte: Actief –16 tot 3048 m Opslag –16 tot 10.600 m Contaminatieniveau in de lucht G2 of lager, zoals gedefinieerd in ISA-S71.
Specificaties
Problemen oplossen WAARSCHUWING: Ter bescherming tegen elektrische schokken of verwonding door bewegende ventilatorschoepen of andere onverwacht letsel, dient u de computer altijd los te koppelen van het stopcontact voordat u de behuizing opent. WAARSCHUWING: Voordat u aan een van de procedures in deze sectie begint, dient u de veiligheidsinstructies te volgen die met de computer zijn meegeleverd.
– • Als het aan-uitlampje oranje knippert, ontvangt de computer wel stroom, maar is er sprake van een probleem met de interne stroomvoorziening. – • • Ga na of de hoofdstroomkabel en de kabel van het voorpaneel goed op de systeemkaart zijn aangesloten (zie uw Onderhoudshandleiding op de Dell Support-website op support.dell.com). Zorg ervoor dat de stroomkabel van de processor goed is aangesloten op de systeemkaart (zie uw Onderhoudshandleiding op de Dell Support-website op support.dell.com).
Code Oorzaak 1-1-2 Fout in het register van de microprocessor 1-1-3 Fout bij het lezen/schrijven van het NVRAM 1-1-4 Checksumfout in de ROM-BIOS 1-2-1 Fout in de programmeerbare intervaltimer 1-2-2 Fout bij de DMA-initialisering 1-2-3 Fout bij lezen/schrijven van het DMA-paginaregister 1-3 Fout bij de test van het videogeheugen 1-3-1 tot en met 2-4-4 Geheugen niet juist geïdentificeerd of gebruikt 1-3-2 Geheugenprobleem 3-1-1 Registerfout bij slave-DMA 3-1-2 Registerfout bij master-DM
Code Oorzaak 4-3-4 Dagtijdklok is gestopt 4-4-1 Fout bij testen seriële of parallelle poort 4-4-2 Fout bij het decomprimeren van code naar schaduwgeheugen 4-4-3 Fout bij testen mathematische co-processor 4-4-4 Cachetestfout Foutberichten WAARSCHUWING: Voordat u aan een van de procedures in deze sectie begint, dient u de veiligheidsinstructies te volgen die met de computer zijn meegeleverd.
D I S K C : F A I L E D I N I T I A L I Z A T I O N ( I N I T I A L I S A T I E S C H I J F C : M I S L U K T ) — De harde schijf kon niet worden geïnitialiseerd. Voer de harde-schijftests in Dell Diagnostics uit (zie "Dell Diagnostics" op pagina 43). D R I V E N O T R E A D Y ( S T A T I O N N I E T G E R E E D ) — Er moet een harde schijf in het compartiment zijn geplaatst om verder te kunnen gaan. Plaats een harde schijf in het hardeschijfcompartiment. Zie uw Onderhoudshandleiding op support.dell.
H ARD - DISK DRIVE CONTROLLER FAILURE 0 ( FOUT IN CONTROLLER HARDESCHIJFSTATION 0) — De harde schijf reageert niet meer op opdrachten van de computer. Zet de computer uit, verwijder de harde schijf (zie uw Onderhoudshandleiding op support.dell.com) en start de computer vanaf een cd. Schakel daarna de computer weer uit, plaats de harde schijf terug en start de computer opnieuw op. Als het probleem aanhoudt, probeert u een ander station.
KEYBOARD CONTROLLER FAILURE (FOUT IN TOETSENBORDCONTROLLER) — Controleer bij een extern toetsenbord de kabelaansluiting. Start de computer opnieuw op en raak tijdens het opstarten het toetsenbord en de muis niet aan. Voer de toetsenbordcontrollertest in Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek) uit (zie "Dell Diagnostics" op pagina 43). K EYBOARD D A T A L I N E FAILURE ( F O U T IN DATALIJN T O E T S E N B O R D ) — Controleer bij een extern toetsenbord de kabelaansluiting.
MEMORY DOUBLE WORD LOGIC FAILURE AT ADDRESS, READ VALUE EXPECTING VALUE (DUBBELWOORDLOGICAFOUT GEHEUGEN IN ADRES, GELEZEN WAARDE V E R W A C H T W A A R D E ) — Mogelijk is er een geheugenmodule die defect is of niet goed vastzit. Plaats de geheugenmodules opnieuw en vervang ze indien nodig. Zie uw Onderhoudshandleiding op support.dell.com voor meer informatie.
OPTIONAL ROM BAD CHECKSUM (ONJUISTE CHECKSUM OPTIONELE ROM) — De optionele ROM is defect. Neem contact op met Dell (zie "Contact opnemen met Dell" op pagina 79). A REQUIRED .DLL FILE WAS NOT FOUND (EEN VEREIST .DLL-BESTAND IS NIET G E V O N D E N ) — Het programma dat u wilt openen, mist een essentieel bestand. Verwijder het programma en installeer het opnieuw. Microsoft® Windows Vista®: 1 Klik in Windows Vista op de knop Start → Configuratiescherm→ Programma's→ Programma's en onderdelen.
TI M E - O F - D A Y C L O C K L O S T P O W E R ( D A G T I J D K L O K H E E F T G E E N V O E D I N G M E E R ) — Er zijn systeemconfiguratie-instellingen beschadigd. Sluit de computer aan op een stopcontact om de batterij op te laden. Als het probleem aanhoudt, probeert u de gegevens te herstellen door het System Setup-programma te openen. Sluit het programma daarna meteen af (zie uw Onderhoudshandleiding op support.dell.com).
W A A R S C H U W I N G ! P R E V I O U S A T T E M P T S A T B O O T I N G T H I S S YS T E M H A V E F A I L E D A T C H E C K P O I N T [ N N N N ] ( E E R D E R E P O G I N G E N O M D I T S YS T E E M O P T E S T A R T E N Z I J N MISLUKT BIJ CONTROLEPUNT [NNNN]). NOTEER DIT CONTROLEPUNT EN NEEM CONTACT OP MET DE SUPPORTAFDELING VAN DELL OM DIT PROBLEEM OP TE L O S S E N .
KENNISGEVING - HET ZELFCONTROLEREND SYSTEEM VAN DE HARDE SCHIJF HEEFT AANGEGEVEN DAT EEN VAN DE PARAMETERS HET NORMALE GEBRUIKSBEREIK HEEFT OVERSCHREDEN. DELL RAADT AAN OM REGELMATIG EEN EEN PARAMETER DAT BUITEN HET RESERVEKOPIE TE MAKEN VAN UW GEGEVENS. BEREIK LIGT, KAN WEL OF NIET DUIDEN OP EEN PROBLEEM MET DE HARDE S C H I J F . — S.M.A.R.T-fout, mogelijke HDD-fout. Deze functie kan worden in- en uitgeschakeld in BIOS Setup.
Dell Diagnostics WAARSCHUWING: Voordat u aan een van de procedures in deze sectie begint, dient u de veiligheidsinstructies te volgen die met de computer zijn meegeleverd. Als u gebruik maakt van Dell Diagnostics(Dell-diagnostiek) Als u problemen ondervindt met uw computer, controleert u de punten in "Tips voor het oplossen van problemen" op pagina 50 en voert u Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek) uit voordat u contact opneemt met Dell voor technische ondersteuning.
3 Wanneer het DELL-logo verschijnt, drukt u direct op . OPMERKING: Soms gebeurt het dat het toetsenbord niet meer werkt nadat een van de toetsen erg lang wordt ingedrukt. U voorkomt dit door in gelijkmatige intervals op te drukken om het Boot Device Menu (menu Opstartapparaat) te openen. Als u te lang wacht en het logo van het besturingssysteem wordt weergegeven, moet u blijven wachten tot het bureaublad van Microsoft Windows wordt weergegeven.
7 Klik met de linkermuisknop in het hoofdmenu van Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek) of druk op en vervolgens op om de test te selecteren die u wilt uitvoeren (zie "Hoofdmenu Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek)" op pagina 47). OPMERKING: Schrijf de foutcodes en de probleembeschrijvingen exact op en volg de instructies op het scherm. 8 Nadat u alle tests hebt uitgevoerd, sluit u het testvenster om terug te keren naar het hoofdmenu van Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek).
5 Druk op een toets om te bevestigen dat u wilt opstarten vanaf de cd/dvd. Als u te lang wacht en het logo van het besturingssysteem wordt weergegeven, moet u blijven wachten tot het bureaublad van Microsoft Windows wordt weergegeven. Daarna sluit u de computer af en probeert u het opnieuw. 6 Typ 1 om de 32-bits Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek) uit te voeren.
Hoofdmenu Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek) Nadat Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek) is geladen, wordt het volgende menu weergegeven: Optie Functie Test Memory Hiermee voert u een geheugentest uit (Geheugen testen) Test System Hiermee voert u een diagnostische scan (Computer testen) van de computer uit Exit (Afsluiten) Hiermee sluit u Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek) af Druk op om de gewenste test te selecteren en druk op .
Optie Functie (vervolg) Custom Test (Aangepaste test) Hiermee kunt u een specifiek apparaat testen of zelf bepalen welke testen worden uitgevoerd. Symptom Tree Deze optie stelt u in staat om testen (Symptomenstructuur) te selecteren op basis van de probleemsymptomen. Met behulp van deze optie geeft u lijst van de meest voorkomende symptomen weer.
Onderstaande tabbladen bieden meer informatie over tests die via de optie Custom Test (Aangepaste test) of Symptom Tree (Symptomenstructuur) worden uitgevoerd: Tabblad Functie Results (Resultaten) Hier worden de resultaten van de test weergegeven, samen met eventuele foutcondities die zijn aangetroffen. Errors (Fouten) Geeft de aangetroffen foutcondities weer en een beschrijving van het probleem. Help Hier wordt de test beschreven en worden eventuele vereisten voor het uitvoeren van de test vermeld.
Tips voor het oplossen van problemen • Als u een onderdeel hebt toegevoegd of verwijderd voordat het probleem begon, neemt u de installatieprocedures nogmaals door en controleert u of het onderdeel correct is geïnstalleerd. • Als een randapparaat niet werkt, controleert u of het apparaat correct is aangesloten. • Als er een foutmelding op het scherm verschijnt, schrijft u deze exact over. Met dit bericht kan het personeel sneller achterhalen wat het probleem is en een oplossing vinden.
ALS HET AAN-UITLAMPJE BLAUW IS EN DE COMPUTER NIET REAGEERT — • Ga na of het beeldscherm is aangesloten en of het aan staat. • Zie "Systeemberichten" op pagina 40 als het beeldscherm is aangesloten en aan staat. A L S H E T A A N - U I T L A M P J E B L A U W K N I P P E R T — De computer is in de standbymodus. Druk op een toets op het toetsenbord, beweeg de muis of druk op de aan-uitknop om de normale werking te hervatten.
Problemen met geheugen WAARSCHUWING: Voordat u aan een van de procedures in deze sectie begint, dient u de veiligheidsinstructies te volgen die met de computer zijn meegeleverd. ALS ER EEN BERICHT VERSCHIJNT DAT AANGEEFT DAT ER ONVOLDOENDE — GEHEUGEN IS • Bewaar en sluit alle geopende bestanden of programma's die u niet gebruikt om erachter te komen of daarmee het probleem is opgelost. • Raadpleeg de documentatie bij de software voor de minimale geheugenvereisten.
Vastlopen en softwareproblemen WAARSCHUWING: Voordat u aan een van de procedures in deze sectie begint, dient u de veiligheidsinstructies te volgen die met de computer zijn meegeleverd. De computer start niet op CONTROLEER OF DE STROOMKABEL GOED IS AANGESLOTEN OP DE COMPUTER EN HET STOPCONTACT De computer reageert niet meer LET OP: U loopt het risico gegevens te verliezen als u het besturingssysteem niet afsluit.
Er is een programma dat is ontwikkeld voor een eerdere versie van het Microsoft Windows-besturingssysteem VO E R D E W I Z A R D P R O G R A M M A C O M P A T I B I L I T E I T U I T — Windows Vista: Met de wizard Programmacompatibiliteit wordt een programma zodanig geconfigureerd dat dit wordt uitgevoerd in een omgeving die vergelijkbaar is met een andere omgeving dan die van het besturingssysteem Windows Vista.
• Controleer of de stuurprogramma's voor het apparaat geen conflict met het programma veroorzaken. • Indien nodig maakt u de installatie van het programma ongedaan en installeert u het opnieuw.
De Dell Support Utility is aangepast aan uw computeromgeving. Het pictogram op de taakbalk zal anders functioneren als u er met de linker- of rechtermuisknop op klikt of er op dubbelklikt. Op het Dell Support-pictogram klikken Klik met de linker- of de rechtermuisknop op het pictogram volgende taken uit te voeren: • De computeromgeving controleren. • De instellingen van Dell Support Utility weergeven. • Het Help-bestand van Dell Support Utility openen. • Veelgestelde vragen weergeven.
Software opnieuw installeren Stuurprogramma's Stuurprogramma's controleren Als u problemen met een apparaat ondervindt, controleer dan of het stuurprogramma de bron van het probleem is en installeer zo nodig een update voor het stuurprogramma. Microsoft Windows Vista 1 Klik op de knop Start van Windows Vista rechtermuisknop op Computer. en klik met de 2 Klik op Eigenschappen en klik vervolgens op Apparaatbeheer. OPMERKING: Het venster Gebruikersaccountbeheer wordt mogelijk weergegeven.
5 Klik op Apparaatbeheer. 6 Blader door de lijst met apparaten en zoek het uitroepteken (een cirkeltje met een [!]) naast de apparaatnaam. Als u een uitroepteken naast de naam van het apparaat ziet staan, moet u het stuurprogramma mogelijk opnieuw installeren of een nieuw stuurprogramma installeren (zie "Stuurprogramma's en hulpprogramma's opnieuw installeren" op pagina 58). Stuurprogramma's en hulpprogramma's opnieuw installeren LET OP: Op de Dell Support-website op support.dell.
Windows XP: 1 Klik op Start→ Configuratiescherm. 2 Klik onder Kies een categorie op Prestaties en onderhoud. 3 Klik op Systeem. 4 Klik in het venster Systeemeigenschappen op het tabblad Hardware. 5 Klik op Apparaatbeheer. 6 Klik met de rechtermuisknop op het apparaat waarvoor een nieuw stuurprogramma werd geïnstalleerd en klik op Eigenschappen. 7 Klik op het tabblad Stuurprogramma. 8 Klik op Vorig stuurprogramma.
5 Als u andere stuur- en hulpprogramma's wilt zoeken, selecteert u onder Zoekcriteria de juiste categorieën in de vervolgkeuzemenu's Computermodel, Besturingssysteem en Onderwerp. Er worden links weergegeven voor de specifieke stuur- en hulpprogramma's op uw computer. 6 Klik op de link van een bepaald stuur- of hulpprogramma om informatie weer te geven over het stuur- of hulpprogramma dat u wilt installeren.
6 Klik op Stuurprogramma bijwerken. 7 Klik op Op mijn computer naar stuurprogramma's zoeken. 8 Klik op Bladeren en navigeer naar de stuurprogrammabestanden op de harde schijf. 9 Klik wanneer de naam van het juiste stuurprogramma wordt weergegeven op de naam van het stuurprogramma en vervolgens op OK. 10 Klik op Volgende. 11 Klik op Voltooien en start de computer opnieuw op. Microsoft Windows XP: OPMERKING: U kunt voor elk hardwareapparaat op uw computer het stuurprogramma handmatig updaten.
Het besturingssysteem herstellen U kunt het besturingssysteem van uw computer op de volgende manieren herstellen: • Systeemherstel zet uw computer terug naar een eerdere staat, zonder dat de gegevensbestanden worden gewijzigd of verwijderd. • Dell PC Restore van Symantec (beschikbaar in Windows XP) en Dell Factory Image Restore (beschikbaar in Windows Vista) herstellen de harde schijf van de computer naar de staat waarin deze zich bevond toen u de computer aanschafte.
Systeemherstel starten Microsoft Windows Vista: 1 Klik op Start . 2 Typ in het venster Zoekopdracht starten Systeemherstel en druk op . OPMERKING: Het venster Gebruikersaccountbeheer wordt mogelijk weergegeven. Als u een beheerder op de computer bent, klikt u op Doorgaan; anders neemt u contact op met de beheerder om door te gaan. 3 Klik op Volgende en volg de instructies op het scherm.
Microsoft Windows Vista: 1 Klik op Start . 2 Typ in het venster Zoekopdracht starten Systeemherstel en druk op . 3 Klik op De laatste herstelbewerking ongedaan maken en klik op Volgende. Microsoft Windows XP: 1 Klik op Start→ Alle programma's→ Bureau-accessoires→ Systeemwerkset→ Systeemherstel. 2 Klik op De laatste herstelbewerking ongedaan maken en klik op Volgende.
Gebruik Dell Factory Image Restore (Windows Vista) of Dell PC Restore (Windows XP) alleen als laatste hulpmiddelen om het besturingssysteem te herstellen. Met deze opties kunt u de harde schijf terugbrengen in de toestand waarin deze verkeerde toen u de computer kocht. Alle programma's en bestanden die u hebt toegevoegd nadat u de computer hebt gekocht, inclusief gegevensbestanden, worden permanent van de harde schijf verwijderd.
7 Schakel het selectievakje in om te bevestigen dat u wilt doorgaan met het formatteren van de harde schijf en het herstel van de fabrieksinstellingen van de systeemsoftware. Klik vervolgens op Next (Volgende). Het herstelproces begint en kan circa vijf minuten in beslag nemen, of meer. Er wordt een bericht weergegeven wanneer het besturingssysteem en de fabriekstoepassingen zijn hersteld naar fabriekswaarden. 8 Klik op Finish (Voltooien) om het systeem opnieuw op te starten.
PC Restore verwijderen LET OP: Als u het hulpprogramma Dell PC Restore van de harde schijf verwijdert, wordt het hulpprogramma PC Restore definitief van uw computer verwijderd. Nadat u Dell PC Restore hebt verwijderd, kunt u het hulpprogramma niet meer gebruiken om het besturingssysteem van uw computer te herstellen. Met Dell PC Restore kunt u de de oorspronkelijke status harde schijf herstellen. Dit is de status op het moment dat u de computer kocht.
De cd/dvd met het besturingssysteem gebruiken Voordat u begint Als u overweegt om het Windows-besturingssysteem opnieuw te installeren om een probleem met een zojuist geïnstalleerd stuurprogramma te op te lossen, is het aan te bevelen de functie Vorig stuurprogramma van Windows eerst te proberen (zie "Terugkeren naar de eerdere versie van een stuurprogramma" op pagina 58).
4 Start de computer opnieuw op. Wanneer het DELL-logo verschijnt, drukt u direct op . OPMERKING: Als u te lang wacht en het logo van het besturingssysteem wordt weergegeven, moet u blijven wachten tot het bureaublad van Microsoft® Windows® wordt weergegeven. Daarna sluit u de computer af en probeert u het opnieuw. OPMERKING: Met de volgende stappen wordt de opstartvolgorde voor slechts één keer gewijzigd.
Software opnieuw installeren
Informatie zoeken OPMERKING: Sommige functies of media kunnen optioneel zijn en niet bij uw computer zijn geleverd. Sommige functies of media zijn in bepaalde landen niet beschikbaar. OPMERKING: Mogelijk werd er bij uw computer extra informatie meegeleverd. Document/Media/Label Inhoud Servicelabel/code voor express-service • Gebruik het servicelabel om de computer te identificeren als u gebruikmaakt van Het servicelabel/de express-servicecode support.dell.
Document/Media/Label Inhoud Medium met besturingssysteem Voor het opnieuw installeren van het besturingssysteem De Drivers and Utilities Media is een cd of dvd die mogelijk bij uw computer is meegeleverd. Documentatie over veiligheid, regelgeving, garantie en support • Garantiegegevens Raadpleeg de veiligheids- en garantie-informatie die bij uw computer is geleverd.
Hulp verkrijgen Hulp verkrijgen WAARSCHUWING: Wanneer u de computerkap wilt verwijderen, moet u eerst de kabel van de computer en modem uit het stopcontact halen. Als u een probleem met de computer ondervindt, kunt u de volgende stappen uitvoeren om het probleem te vast te stellen en op te lossen: 1 Zie "Tips voor het oplossen van problemen" op pagina 50 voor informatie en procedures met betrekking tot het computerprobleem.
Wanneer het automatische telefoonsysteem van Dell u daarom vraagt, voert u de code voor express-service in om het gesprek rechtstreeks naar de juiste supportmedewerker door te schakelen. Als u niet over een code voor expressservice beschikt, moet u de map Dell Accessories openen, dubbelklikken op het pictogram Express Service Code en de instructies op het scherm volgen. Zie voor instructies met betrekking tot het gebruik van de technische support van Dell "Support en klantenservice" op pagina 74.
Via de volgende websites en e-mailadressen kunt u contact opnemen met Dell Support: • Dell Support-websites support.dell.com support.jp.dell.com (alleen Japan) support.euro.dell.com (alleen Europa) • E-mailadressen voor Dell Support mobile_support@us.dell.com support@us.dell.com la-techsupport@dell.com (alleen landen in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied) apsupport@dell.com (alleen landen in Azië/aan de Grote Oceaan) • E-mailadressen Dell Marketing en Sales apmarketing@dell.
Geautomatiseerde bestelstatusservice U kunt de status van de door u bestelde Dell-producten raadplegen via support.dell.com of bellen met de geautomatiseerde bestelstatusservice. Een opgenomen boodschap zal u vragen om de informatie in te voeren die nodig is om uw bestelling en de status daarvan te vinden. Zie "Contact opnemen met Dell" op pagina 79 voor het telefoonnummer dat u voor uw regio moet bellen.
3 Voeg een kopie van de diagnostische checklist toe (zie "Diagnostische checklist" op pagina 78) om aan te geven welke tests u hebt uitgevoerd en welke foutberichten door Dell Diagnostics (Dell-diagnostiek) werden gerapporteerd (zie "Tips voor het oplossen van problemen" op pagina 50). 4 Stuur alle accessoires mee die bij de geretourneerde items horen, zoals stroomkabels, software, handleidingen enz., als u voor restitutie in aanmerking wilt komen.
Diagnostische checklist Naam: Datum: Adres: Telefoonnummer: Servicelabel (de streepjescode aan de onderzijde van de computer): Code voor express-service: Machtigingsnummer voor het retourneren van materiaal (indien verstrekt door een supportmedewerker van Dell): Besturingssysteem en versie: Apparaten: Uitbreidingskaarten: Bent u op een netwerk aangesloten? Ja Nee Netwerk, versie en netwerkadapter: Programma's en versies: Raadpleeg de documentatie die bij uw besturingssysteem werd geleverd om de inhoud van d
Contact opnemen met Dell Klanten in de VS kunnen bellen met 800-WWW-DELL (800-999-3355). OPMERKING: Als u niet over een actieve internetverbinding beschikt, kunt u contactgegevens vinden op de factuur, de pakbon of in de productcatalogus van Dell. Dell biedt verschillende online en telefonische supportservices en mogelijkheden. De beschikbaarheid hiervan verschilt per land en product. Sommige services zijn mogelijk niet in uw regio beschikbaar.
Hulp verkrijgen
Index A D aan-uitlampje, 55 indicaties, 50 Dell contact opnemen, 79 DellConnect, 74 B diagnostiek pieptooncodes, 32 Bestanden en instellingen overzetten, wizard, 15 besturingssysteem media, 68 opnieuw installeren, 72 F Factory Image Restore, 65 foutmeldingen pieptooncodes, 32 C cd's besturingssysteem, 72 computer herstellen naar een eerdere staat, 62 loopt vast, 53-54 pieptooncodes, 32 reageert niet meer, 53 conflicten incompatibiliteit van software en hardware, 42 G geheugen problemen, 52 H hardw
I pieptooncodes, 32 programma loopt vast, 53 programma reageert niet meer, 53 software, 53-54 voeding, 50 informatie over ergonomie, 72 informatie overbrengen naar een nieuwe computer, 15 internetverbinding instellen, 13 opties, 13 over, 13 problemen oplossen conflicten, 42 Probleemoplosser voor hardware, 42 IRQ-conflicten, 42 S P S.M.A.R.
T telefoonnummers, 79 V voeding problemen, 50 W Windows Vista Dell Factory Image Restore, 64 Systeemherstel, 62 Windows XP Dell PC Restore, 64 functie Vorig stuurprogramma, 58 opnieuw installeren, 72 Probleemoplosser voor hardware, 42 Systeemherstel, 62 wizard Bestanden en instellingen overzetten, 15 wizards wizard Bestanden en instellingen overzetten, 15 Index 83
Index