Users Guide
Uw computer 25
Onderaanzicht
ONTGRENDELINGSSCHUIFJE VAN BATTERIJCOMPARTIMENT — Ontgrendelt de batterij. Zie "De batterij
vervangen" op pagina 36 voor instructies.
BATTERIJ — Wanneer er een batterij is geïnstalleerd, kunt u de computer gebruiken zonder dat u deze op een
stopcontact hoeft aan te sluiten (zie "Batterijen gebruiken" op pagina 31).
GEHEUGENMODULEDEKSEL — Bedekt het compartiment met de tweede geheugenmodule (zie "Geheugen" op
pagina 123).
CONNECTOR KOPPELAPPARAAT — Hiermee sluit u de computer aan op het mediacompartiment of op een ander
koppelapparaat. Raadpleeg de documentatie bij het koppelapparaat voor meer informatie over het loskoppelen.
VENTILATIEOPENINGEN —De computer gebruikt een interne ventilator om voldoende lucht door te openingen
te laten, zodat de computer niet oververhit raakt.
WAARSCHUWING: Blokkeer de luchtopeningen niet, duw er geen voorwerpen in en zorg dat er zich geen stof
in ophoopt. Plaats de computer niet in een omgeving waar weinig lucht beschikbaar is, zoals een gesloten koffer,
als de computer is ingeschakeld. Als u dat toch doet, loopt u risico op brand of beschadiging van de computer.
OPMERKING: Wanneer de computer te warm wordt, wordt de ventilator ingeschakeld. Ventilatorgeruis is normaal
en duidt niet op een probleem met de ventilator of de computer.
VASTE SCHIJF — Slaat software en gegevens op.
1
ontgrendelingsschuifje van
batterijcompartiment
2
batterij
3
kapje geheugenmodule
4
connector koppelapparaat
5
ventilatieopeningen
6
vaste schijf
5
4
1
3
2
6










