Users Guide
116 Onderdelen toevoegen en vervangen
Voordat u aan de computer gaat werken
Neem de volgende veiligheidsrichtlijnen in acht om uw computer te beschermen tegen mogelijke schade
en voor uw persoonlijke veiligheid.
WAARSCHUWING: Raadpleeg de veiligheidsinstructies in de Productinformatiegids voordat u begint met de
procedures in dit gedeelte.
WAARSCHUWING: Hanteer alle onderdelen en kaarten met zorg. Raak de onderdelen of de contactpunten op een
kaart niet aan. Houd de kaart bij de randen vast of aan de metalen montagebeugel. Houd een component, zoals een
processor, vast aan de uiteinden, niet aan de pinnen.
KENNISGEVING: Uw computer mag alleen door een erkende servicetechnicus worden gerepareerd. Schade als
gevolg van door Dell niet geautoriseerde dienstverlening valt niet onder de garantie.
KENNISGEVING: Verwijder kabels door aan de connector of aan het treklipje te trekken en niet aan de kabel zelf.
Sommige kabels hebben een connector met borglipjes; als u dit kabeltype wilt loskoppelen, moet u op de borglipjes
drukken voordat u de kabel verwijdert. Als u connectoren van elkaar haalt, moet u ervoor zorgen dat u ze recht uit
de aansluiting trekt om te voorkomen dat de connectorpinnen verbuigen. Zorg ervoor dat u beide connectoren
recht en op één lijn houdt wanneer u een kabel aansluit.
KENNISGEVING: Voorkom schade aan de computer door de volgende stappen uit te voeren voordat u aan de
onderdelen in de computer gaat werken.
1
Zorg ervoor dat het werkoppervlak vlak is en schoon om te voorkomen dat er krassen ontstaan op de
computerkap.
2
Schakel de computer uit (zie "De computer uitschakelen" op pagina 115).
KENNISGEVING: Wanneer u een netwerkkabel wilt ontkoppelen, moet u deze eerst van de computer loskoppelen
en daarna pas uit de netwerkwandaansluiting.
3
Ontkoppel alle telefoon- of netwerkkabels van de computer.
4
Koppel de computer en alle aangesloten apparaten los van het elektriciteitsnetwerk.
KENNISGEVING: U voorkomt schade aan de systeemkaart door de hoofdbatterij te verwijderen voordat u met
de computer aan de slag gaat.
5
Verwijder de batterij (zie "De batterij vervangen" op pagina 36).
6
Druk op de aan/uit-knop om het moederbord te aarden.
7
Verwijder alle geïnstalleerde ExpressCards of pc-kaarten (zie "Een (blanco) kaart verwijderen" op
pagina 68).










