Dell Precision 15 7000 serie (7510) Eigenaarshandleiding Regelgevingsmodel: P53F Regelgevingstype: P53F001 July 2020 Ver.
© 2016 - 2018 Dell Inc. of zijn dochtermaatschappijen. Alle rechten voorbehouden. Dell, EMC, en andere handelsmerken zijn handelsmerken van Dell Inc. of zijn dochterondernemingen. Andere handelsmerken zijn mogelijk handelsmerken van hun respectieve eigenaren.
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1: Aan de computer werken.............................................................................................. 5 Veiligheidsinstructies............................................................................................................................................................. 5 Sneltoetscombinaties............................................................................................................................................................
De luidsprekers plaatsen..................................................................................................................................................... 24 De ingangs-/uitgangskaart (I/O) links verwijderen........................................................................................................ 24 De I/O-kaart links plaatsen.................................................................................................................................................
1 Aan de computer werken Onderwerpen: • • • • • • Veiligheidsinstructies Sneltoetscombinaties Voordat u in de computer gaat werken Aanbevolen hulpmiddelen Uw computer uitschakelen Nadat u aan de computer heeft gewerkt Veiligheidsinstructies Volg de onderstaande veiligheidsrichtlijnen om uw persoonlijke veiligheid te garanderen en de computer en werkomgeving te beschermen tegen mogelijke schade.
Sneltoetscombinaties De onderstaande tabel toont de sneltoetscombinaties. Tabel 1.
Uw computer uitschakelen Nadat u aan de computer heeft gewerkt Nadat u de onderdelen hebt vervangen of teruggeplaatst, moet u controleren of u alle externe apparaten, kaarten, kabels etc. hebt aangesloten voordat u de computer inschakelt. WAARSCHUWING: U voorkomt schade aan de computer door alleen de batterij te gebruiken die speciaal voor deze Dellcomputer is bedoeld. Gebruik geen batterijen die voor andere Dell-computers zijn bedoeld. 1.
2 Demonteren en hermonteren Onderwerpen: • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • 8 Systeemoverzicht De SD-kaart verwijderen De SD-kaart plaatsen De afdekplaat van de batterij verwijderen Afdekplaat van de batterij plaatsen Voorzorgsmaatregelen voor de lithium-ionbatterij De accu verwijderen De batterij plaatsen De onderplaat verwijderen De onderplaat plaatsen De harde schijf verwijderen De harde schijf plaatsen De simkaart (Subscriber Identification Mo
• • • • • • • Het montagekader van de beeldschermeenheid plaatsen Het beeldschermpaneel verwijderen Het beeldschermpaneel plaatsen De camera verwijderen De camera plaatsen Het moederbord verwijderen Het moederbord plaatsen Systeemoverzicht Afbeelding 1. Vooraanzicht Afbeelding 2. Achteraanzicht 1. 3. 5. 7. 9. 11. Netwerkconnector Camera (optioneel) Stroomconnector Sleuf voor beveiligingskabel Headsetconnector Vingerafdruklezer 2. 4. 6. 8. 10. 12.
13. Activiteitslampje vaste schijf 15. Luidsprekers 17. Contactloze smartcardlezer (optioneel) 19. USB 3.0-connector 21. HDMI-connector 23. Dockingconnector 25. Klep- en batterijvergrendeling 14. Aan-uitlampje 16. Toetsenblok 18. Smartcardlezer (optioneel) 20. mini-DisplayPort-aansluiting 22. USB C-connector 24.
Afdekplaat van de batterij plaatsen 1. Schuif de afdekplaat van de batterij in de sleuf totdat deze vastklikt. 2. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. Voorzorgsmaatregelen voor de lithium-ionbatterij WAARSCHUWING: ● Wees voorzichtig bij het omgaan met lithium-ionbatterijen. ● Ontlaad de batterij volledig voordat u deze verwijdert.
De batterij plaatsen 1. Schuif de batterij in de houder totdat deze op zijn plaats klikt. 2. Plaats de afdekplaat van de batterij. 3. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De onderplaat verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. afdekplaat van de batterij b. batterij 3. Voer de volgende stappen uit zoals wordt getoond in de afbeelding: a.
3. Plaats: a. batterij b. afdekplaat van de batterij 4. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De harde schijf verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. afdekplaat van de batterij b. batterij 3. Voer de volgende stappen uit zoals wordt getoond in de afbeelding: a. Verwijder de schroeven waarmee de harde schijf aan de computer is bevestigd [1]. b.
b. afdekplaat van de batterij 5. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De simkaart (Subscriber Identification Module) verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. afdekplaat van de batterij b. batterij c. onderplaat 3. Druk op de simkaart en verwijder deze uit de sleuf van de simkaart. De simkaart (Subscriber Identification Module) plaatsen 1. Schuif de simkaart in zijn sleuf. 2.
3. Trek het plakband los om bij de kabel te komen [1]. Til het lipje op en koppel de toetsenbordkabels los van de kaart van de vingerafdrukscanner [2, 3]. 4. Voer de volgende stappen uit zoals wordt getoond in de afbeelding: a. Wrik de rand van het toetsenbord los, beginnend vanaf de onderkant en dan langs de bovenste rand, en verwijder de rand uit de computer [1, 2, 3]. b. Verwijder de schroeven waarmee het toetsenbord aan de computer vastzit [4]. c.
Het secundaire geheugen verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. b. c. d. afdekplaat van de batterij batterij harde schijf toetsenbord 3. Voer de volgende stappen uit zoals wordt getoond in de afbeelding: a. b. c. d. Verwijder de schroef waarmee het geheugenschild op de computer vastzit [1]. Til het geheugenschild omhoog en verwijder deze uit de computer [2].
Het primaire geheugen plaatsen 1. Plaats het primaire geheugen in de geheugensleuf. OPMERKING: Plaats voor optimale systeemprestaties twee of vier modules in de geheugenmodulesleuven. Het plaatsen van één of drie geheugenmodules leidt tot problemen met de systeemprestaties. 2. Druk op de klemmen om het primaire geheugen op het moederbord te bevestigen. 3. Plaats: a. onderplaat b. batterij c. afdekplaat van de batterij 4. Volg de procedure in Nadat u in de computer heeft gewerkt.
De WWAN-kaart plaatsen (optioneel) 1. Schuif de WWAN-kaart in de WWAN-kaartsleuf. 2. Draai de schroef aan waarmee de WWAN-kaart aan de computer vastzit. 3. Leid de antennekabels door de geleiders en sluit ze aan op de WWAN-kaart. 4. Plaats: a. onderplaat b. batterij c. afdekplaat van de batterij 5. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De WLAN-kaart (wireless local area network) verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2.
De WLAN-kaart plaatsen 1. Plaats de WLAN-kaart in de sleuf in de computer. 2. Leid de antennekabels door de geleiders en sluit ze aan op de WLAN-kaart. 3. Lijn het schild uit en draai de schroef aan om de WLAN-kaart aan de computer te bevestigen. 4. Plaats: a. onderplaat b. batterij c. afdekplaat van de batterij 5. Volg de procedures in Nadat u aan de computer hebt gewerkt. Het M. 2 solid-state-station verwijderen 1. Volg de procedures in Voordat u in de computer gaat werken. 2.
De M. 2 SSD plaatsen 1. Plaats de M. 2 SSD terug in de sleuf. 2. Draai de schroef vast om de M.2 SSD-kaart aan de computer te bevestigen. 3. Plaats de afdekplaat op de M. 2 SSD. 4. Draai de schroef aan waarmee de afdekplaat aan de computer vastzit. 5. Plaats: a. onderplaat b. batterij c. afdekplaat van de batterij 6. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De knoopbatterij verwijderen 1. Volg de procedures in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a.
De knoopbatterij plaatsen 1. Plaats de knoopbatterij terug in de sleuf in de computer. 2. Sluit de kabel van de knoopbatterij aan. OPMERKING: Zorg dat de kabel van de knoopbatterij niet uit zijn vak steekt. 3. Plaats: a. onderplaat b. batterij c. afdekplaat van de batterij 4. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De kabel van de harde schijf verwijderen 1. Volg de procedures in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. b. c. d.
De kabel van de harde schijf plaatsen 1. Sluit de kabel van de harde schijf aan op het moederbord en leid de kabel door de geleiders. 2. Draai de schroeven vast waarmee de kabelconnectore van de harde schijf aan de computer wordt bevestigd. 3. Plaats: a. b. c. d. harde schijf onderplaat batterij afdekplaat van de batterij 4. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De stroomconnectorpoort verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2.
De polssteun verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. b. c. d. e. afdekplaat van de batterij batterij onderplaat harde schijf toetsenbord 3. Voer de volgende stappen uit zoals wordt getoond in de afbeelding: a. b. c. d. e. Verwijder de schroeven (M2xL3) aan de onderkant van de computer waarmee de polssteun aan de computer is bevestigd [1].
2. Verwijder de volgende onderdelen: a. b. c. d. e. f. afdekplaat van de batterij batterij onderplaat harde schijf toetsenbord polssteun 3. Voer de volgende stappen uit om de luidspreker te verwijderen: a. Trek de luidsprekerkabel los van het moederbord [1]. b. Verwijder de luidsprekerkabel uit de geleiders. c. Til de luidsprekers samen met de luidsprekerkabel omhoog en verwijder deze uit de computer [2]. De luidsprekers plaatsen 1. Lijn de luidsprekers uit langs de sleuven in de computer. 2.
c. Til de rechterkant van de I/O-kaart omhoog om de connector los te koppelen en uit het systeem te verwijderen [4]. De I/O-kaart links plaatsen 1. Sluit de I/O-kaartconnector aan en schuif de I/O-kaart in de juiste sleuf in de computer. 2. Plaats de thunderboltbeugel. 3. Draai de schroeven vast waarmee de I/O-kaart aan de computer vastzit. 4. Plaats: a. b. c. d. e. f. polssteun toetsenbord harde schijf onderplaat batterij afdekplaat van de batterij 5.
De I/O-kaart rechts plaatsen 1. Sluit de I/O-kaartconnector aan en schuif de I/O-kaart in de juiste sleuf in de computer. 2. Draai de schroeven vast waarmee de I/O-kaart aan de computer vastzit. 3. Sluit de luidsprekerkabel aan op de I/O-kaart. 4. Plaats: a. b. c. d. e. f. g. polssteun toetsenbord harde schijf onderplaat batterij afdekplaat van de batterij SD-kaart 5. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. De warmteafleider verwijderen 1.
De warmteafleider plaatsen 1. Plaats de warmteafleider terug in de sleuf. 2. Bevestig de tape op de heat pipe. 3. Draai de geborgde schroeven vast om de warmteafleider aan de computer te bevestigen. OPMERKING: Draai de schroeven aan op basis van de volgorde die in de procedure voor het verwijderen wordt genoemd. 4. Sluit de kabel van de ventilator van de warmteafleider aan op het moederbord. 5. Plaats: a. b. c. d. e. f. polssteun toetsenbord harde schijf onderplaat batterij afdekplaat van de batterij 6.
De videokaart plaatsen 1. Schuif de videokaart in de oorspronkelijke positie in de computer. 2. Draai de schroeven aan waarmee de videokaart aan de computer wordt bevestigd. 3. Plaats: a. b. c. d. e. f. g. warmteafleider polssteun toetsenbord harde schijf onderplaat batterij afdekplaat van de batterij 4. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt. Het beeldscherm verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. b. c. d. e.
4. Voer de volgende stappen uit zoals wordt getoond in de afbeelding: a. Draai de computer om en verwijder de cosmetische schroeven uit de onderzijde en de achterzijde van de computer [1]. b. Trek de antennekabels door de geleiders omhoog [2]. 5. Voer de volgende stappen uit zoals wordt getoond in de afbeelding: a. b. c. d. Verwijder de schroef waarmee de beugel van de eDP-kabel is bevestigd [1]. Verwijder de beugel van de eDP-kabel [2].
De beeldschermeenheid plaatsen 1. Plaats de geleiders op het beeldscherm in de sleuven op de computer. 2. Draai de schroeven vast om het beeldscherm te bevestigen. 3. Bevestig de tape op de heat pipe. 4. Sluit de eDP-kabel aan op de correcte connectoren op het moederbord. 5. Voer de kabels van de draadloze antenne door de geleideopening in het chassis. 6. Draai de schroeven van het beeldscherm aan de onderkant en de achterkant van de computer aan. 7.
Het montagekader van de beeldschermeenheid plaatsen OPMERKING: Het montagekader van het beeldscherm is alleen beschikbaar voor non-touch-systemen. 1. Plaats het montagekader op de beeldschermeenheid. 2. Druk op de randen van het montagekader van het beeldscherm totdat deze vastklikt op het beeldscherm. 3. Plaats: a. b. c. d. e. f. g. beeldschermeenheid polssteun toetsenbord harde schijf onderplaat batterij afdekplaat van de batterij 4. Volg de procedure in Nadat u in de computer hebt gewerkt.
a. Gebruik een plastic kraspen om de randen van het beeldschermpaneel omhoog te tillen en het paneel te verwijderen van de beeldschermeenheid. b. Om bij de eDP- en beeldschermkabels te komen, til het beeldschermpaneel omhoog en draai het beeldschermpaneel om. c. Trek de tape los om bij de eDP-kabel te komen [1, 5]. d. Koppel de eDP- en beeldschermkabels los van de connector op de achterkant van het beeldschermpaneel [2, 3, 4, 6].
Het beeldschermpaneel plaatsen 1. Zo installeert u het beeldschermpaneel voor non-touch systemen: a. Sluit de eDP-kabel aan op de connector op de achterkant van het beeldschermpaneel en bevestig de zelklevende tape. b. Lijn het beeldschermpaneel uit met de schroefhouders op de beeldschermeenheid. c. Draai de schroeven vast waarmee het beeldschermpaneel op de beeldschermeenheid wordt bevestigd. 2. Zo installeert u het beeldschermpaneel voor touch-systemen: a.
4. Volg de procedure in Nadat u in het systeem heeft gewerkt. De camera verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. b. c. d. e. f. g. h. afdekplaat van de batterij batterij onderplaat harde schijf toetsenbord polssteun beeldschermeenheid beeldschermpaneel 3. De camera verwijderen: a. Trek aan de eDP-kabel en verwijder de camerakabel uit de computer [1]. b. Til de cameramodule uit de computer [2]. De camera plaatsen 1.
h. afdekplaat van de batterij 5. Volg de procedure in Nadat u in het systeem heeft gewerkt. Het moederbord verwijderen 1. Volg de procedure in Voordat u in de computer gaat werken. 2. Verwijder de volgende onderdelen: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l. m. n. o. p. q. SD-kaart afdekplaat van de batterij batterij onderplaat harde schijf toetsenbord HDD-kabel primair geheugen WLAN-kaart WWAN-kaart M.2 SSD videokaart stroomconnectorpoort polssteun I/O-kaart, links I/O-kaart, rechts warmteafleider 3.
b. eDP 4. Plaats: a. b. c. d. e. f. g. h. i. j. k. l. m. n. o. p. q. warmteafleider I/O-kaart, rechts I/O-kaart, links polssteun stroomconnectorpoort videokaart M.2 SSD WWAN-kaart WLAN-kaart primair geheugen HDD-kabel toetsenbord harde schijf onderplaat batterij afdekplaat van de batterij SD-kaart 5. Volg de procedures in Nadat u aan de computer heeft gewerkt.
3 Systeeminstallatie Met systeeminstallatie kunt u uw hardware beheren en BIOS-niveau-opties opgeven. Vanuit de systeeminstallatie kunt u: ● ● ● ● ● De NVRAM-instellingen wijzigen na het toevoegen of verwijderen van hardware; De configuratie van de systeemhardware bekijken; Geïntegreerde apparaten in- of uitschakelen; Grenswaarden voor prestatie- en energiebeheer instellen; De computerbeveiliging beheren.
Toetsen Navigatie Esc Gaat naar de vorige pagina totdat het hoofdscherm wordt weergegeven. Als u in het hoofdscherm op Esc drukt, wordt een bericht weergegeven met de vraag om de niet-opgeslagen wijzigingen op te slaan en wordt het systeem opnieuw opgestart. Opties voor System Setup OPMERKING: Afhankelijk van uw computer en de geïnstalleerde apparaten kunnen de onderdelen die in dit gedeelte worden vermeld wel of niet worden weergegeven. Tabel 2.
Tabel 3. System Configuration (Systeemconfiguratie) (vervolg) Optie Beschrijving ● ● ● ● ● Disabled (Uitgeschakeld) COM1 (Standaardinstelling) COM2 COM3 COM4 OPMERKING: Het besturingssysteem kan bronnen toewijzen, zelfs als de instelling is uitgeschakeld. SATA Operation Hiermee kunt u de interne SATA-vaste-schijfcontroller configureren. De opties zijn: ● Disabled (Uitgeschakeld) ● AHCI ● RAID On (RAID ingeschakeld) (Standaardinstelling) OPMERKING: SATA is geconfigureerd om de RAID-modus te ondersteunen.
Tabel 3. System Configuration (Systeemconfiguratie) (vervolg) Optie Beschrijving Keyboard Backlight Timeout on Deze functie bepaalt de waarde van de time-out voor de toetsenbordverlichting wanneer de AC netadapter is aangesloten op het systeem.
Tabel 5. Security (Beveiliging) (vervolg) Optie Beschrijving OPMERKING: U moet het administratorwachtwoord instellen voordat u het systeem- of hardeschijfwachtwoord instelt. OPMERKING: Wijzigingen in wachtwoorden worden onmiddellijk effectief. OPMERKING: Wanneer u het administratorwachtwoord wist, wist u automatisch ook het systeemwachtwoord. OPMERKING: Wijzigingen in wachtwoorden worden onmiddellijk effectief.
Tabel 5. Security (Beveiliging) (vervolg) Optie Beschrijving ● PPI Bypass for Disable Commands (PPI overslaan voor uitgeschakelde opdrachten) Computrace(R) Hiermee kunt u de optionele software Computrace in- en uitschakelen. De opties zijn: ● Deactivate (Deactiveren) (Standaardinstelling) ● Disable (Uitschakelen) ● Activate (Activeren) OPMERKING: Met de opties Activate en Disable wordt de functie permanent geactiveerd of uitgeschakeld en zijn er geen andere wijzigingen meer toegestaan.
Tabel 7. Performance (Prestaties) (vervolg) Optie Beschrijving Intel SpeedStep Hiermee kunt u de functie Intel SpeedStep in- of uitschakelen. Standaardinstelling: Enable Intel SpeedStep (Intel SpeedStep inschakelen) C States Control Hiermee kunt u de aanvullende slaapstanden van de processor in- of uitschakelen. Standaardinstelling: C states (C-staat). Intel TurboBoost Hiermee kunt u de Intel TurboBoost-modus van de processor in- of uitschakelen.
Tabel 8. Power Management (Energiebeheer) (vervolg) Optie Beschrijving opladen is opgegeven, werkt het systeem weer normaal op netstroom en wordt de batterij opgeladen. Deze optie is standaard uitgeschakeld. ● Enable Peak Shift (Piekverschuiving inschakelen) Advanced Battery Charge Configuration Hiermee kunnen batterijen van het systeem naar de Geavanceerde batterijoplaadmodus gaan om de levensduur van de batterij te maximaliseren.
Tabel 9. POST Behavior (Gedrag POST) (vervolg) Optie Beschrijving MEBx Hotkey Deze optie geeft aan of de MEBx-sneltoetsfunctie moet worden ingeschakeld wanneer het systeem opstart. ● Enable MEBx Hotkey (MEBx-sneltoets inschakelen) (standaardinstelling) Fastboot Met deze optie kan het opstartproces worden versneld door enkele compatibiliteitsstappen over te slaan. ● Minimaal: verkort de opstarttijd door de initialisatie van bepaalde hardware en configuraties over te slaan tijdens het opstarten.
Tabel 12. Maintenance (Onderhoud) Optie Beschrijving Service Tag Toont de servicetag van uw computer. Asset Tag Hier kunt u een inventarislabel voor de computer maken als er nog geen inventarislabel is ingesteld. Deze optie is standaard niet ingesteld. BIOS Downgrade Met dit veld kunt u het terugzetten van de systeemfirmware naar vorige revisies beheren. ● Allow BIOS Downgrade (BIOS-downgrade toestaan) Data Wipe Met dit veld kunnen gebruikers veilig gegevens wissen van alle interne opslagapparaten.
11. Selecteer uw voorkeursmethode voor het downloaden in het venster Selecteer hieronder uw voorkeursmethode voor downloaden; klik op Download File (Bestand downloaden). Het venster File Download (Bestand downloaden) wordt weergegeven. 12. Klik op Save (Opslaan) om het bestand op uw computer op te slaan. 13. Klik op Run (Uitvoeren) om de bijgewerkte BIOS-instellingen te installeren op uw computer. Volg de aanwijzingen op het scherm.
1. Selecteer System Security (Systeembeveiliging) in het scherm System BIOS (Systeem BIOS), of System Setup (Systeeminstallatie) en druk op Enter. Het scherm System Security (Systeembeveiliging) wordt geopend. 2. Controleer in het scherm System Security (Systeembeveiliging) of Password Status (Wachtwoordstatus) op Unlocked (Ontgrendeld) staat. 3. Selecteer System Password (Systeemwachtwoord), wijzig of verwijder het bestaande systeemwachtwoord en druk op Enter of Tab. 4.
4 Diagnostiek Start bij problemen met uw computer eerst de ePSA diagnosefuncties voordat u met Dell contact opneemt voor technische assistentie. Het doel van het starten van deze diagnostische functies is het testen van de hardware van uw computer zonder extra apparatuur nodig te hebben of de kans te lopen om gegevens te verliezen. Als u het probleem niet zelf kunt oplossen, kunnen de medewerkers u op basis van de diagnosefuncties verder helpen om het probleem op te lossen.
5 Problemen met uw computer oplossen U kunt eventuele problemen met uw computer oplossen met behulp van aanduidingen, zoals diagnostische lampjes, piepcodes en foutmeldingen die tijdens het werken met de computer optreden. Onderwerpen: • • Statuslampjes van apparaat Batterijstatuslampjes Statuslampjes van apparaat Tabel 14. Statuslampjes van apparaat Gaat branden wanneer u de computer inschakelt en knippert wanneer de computer zich in een energiebeheermodus bevindt.
Afwisselend oranje Tijdelijke batterijstoring bij aangesloten netadapter. Sluit de batterijconnector opnieuw aan en vervang de batterij knipperend en als het probleem zich weer voordoet. ononderbroken wit Continu knipperend oranje lampje Fatale batterijstoring bij aangesloten netadapter. Ctg-batterij, vervang de batterij. Lampje uit Batterij opgeladen bij aangesloten netadapter. Wit lampje aan Batterij in oplaadmodus bij aangesloten netadapter.
6 Specificaties Onderwerpen: • Technische specificaties Technische specificaties OPMERKING: Aanbiedingen verschillen per regio. Klik op ● Windows 10: klik of tik op Start > Settings (Instellingen) > System (Systeem) > About (Over). ● Windows 8.1 en Windows 8: klik of tik op Start > Pc Info (Over de pc). ● Windows 7: klik op Start > PC Settings (Pc-instellingen) > PC and devices (Pc en apparaten) , klik met de rechtermuisknop op Deze computer en selecteer Eigenschappen. Tabel 16.
Tabel 18. Geheugen (vervolg) Functie Specificaties OPMERKING: Installeer één, twee of vier geheugenmodules in de geheugenmodule sleuven om optimale systeemprestaties te garanderen. Het installeren van drie geheugenmodules leidt tot problemen met de systeemprestaties. Capaciteit 4 GB, 8 GB en 16 GB Minimale geheugen 8 GB Maximale geheugen 64 GB Tabel 19.
Tabel 23. Poorten en connectoren (vervolg) Functie Specificaties Micro SIM-poort (Micro Subscriber Identity Module) een Smart-kaart (optioneel) een Tabel 24.
Tabel 27. Camera (vervolg) Functie Specificaties Videoresolutie 1280 x 720 pixels bij 30 frames per seconde (maximaal) Diagonaal 74 graden Tabel 28. Opslag Functie Specificaties Storage: Storage-interface ● ● ● ● Stationconfiguratie Eén interne 9,5/7,0/5,0/mm SATA HDD (SATA3)/M. 2 PCIe X4/SATA 2280 SSD versleuteld 'M ' Grootte 1 TB 5400 rpm, 128/256/512 GB SATA 3 SSD, 256 GB SATA 3 SSD, 1 TB M.2 SSD, 1 TB SATA 3 SSD OPMERKING: De grootte van de harde schijf is afhankelijk van veranderingen.
Tabel 30. Voedingsadapter (vervolg) Functie Specificaties Nominale uitgangsspanning 19,50 V gelijkstroom Afmetingen: 180 W Hoogte 30 mm (1,18 inch) Breedte 155 mm (6,10 inch) Diepte 76,2 mm (3,0 inch) Gewicht 0,58 kg (1,28 lb) Temperatuurbereik: Operationeel 0°C tot 40°C (32°F tot 104°F) Niet in gebruik -40°C tot 70°C (-40°F tot 158°F) Tabel 31.
Tabel 33. Milieu (vervolg) Functie Specificaties Maximumimpact: Operationeel 140 G, 2 ms Niet in bedrijf 163 G, 2 ms Hoogte: Opslag Mate van luchtvervuiling 0 m tot 10.668 m (0 ft tot 35.000 ft) G1 of lager, zoals gedefinieerd in ANSI/ISA-S71.
7 Contact opnemen met Dell OPMERKING: Als u geen actieve internetverbinding hebt, kunt u contactgegevens ook vinden op uw factuur, pakbon, rekening of productcatalogus van Dell. Dell biedt diverse online en telefonische ondersteunings- en servicemogelijkheden. De beschikbaarheid verschilt per land en product en sommige services zijn mogelijk niet beschikbaar in uw regio. Wanneer u met Dell contact wilt opnemen voor vragen over de verkoop, technische ondersteuning of de klantenservice: 1. Ga naar Dell.