Specifications
• Het wachtwoord mag de nummers 0 t/m 9 bevatten.
• Er mogen alleen kleine letters worden gebruikt.
• Alleen de volgende speciale tekens zijn toegestaan: spatie, (”), (+), (,), (-), (.), (/), (;), ([), (\), (]), (`).
3 Typ het wachtwoord dat u eerder hebt ingevoerd in het veld Bevestig nieuw wachtwoord en klik op OK.
4 Druk op Esc waarna een melding verschijnt om de wijzigingen op te slaan.
5 Druk op Y om de wijzigingen op te slaan.
Hierna wordt de computer opnieuw opgestart.
Een bestaand systeeminstallatiewachtwoord verwijderen of
wijzigen
Zorg dat de Password Status (Wachtwoordstatus) ontgrendeld is (in de systeemconguratie) voor u probeert om het bestaande
systeem- of installatiewachtwoord te verwijderen of te wijzigen. U kunt een bestaand systeem- of installatiewachtwoord niet verwijderen of
wijzigen als de Password Status (Wachtwoordstatus) is vergrendeld.
Druk na het aanzetten of opnieuw opstarten van de computer onmiddellijk op F2 om naar de System Setup te gaan.
1 Selecteer System Security (Systeembeveiliging) in het scherm System BIOS (Systeem BIOS), of System Setup
(Systeeminstallatie) en druk op Enter.
Het scherm System Security (Systeembeveiliging) wordt geopend.
2 Controleer in het scherm System Security (Systeembeveiliging) of Password Status (Wachtwoordstatus) op Unlocked
(Ontgrendeld) staat.
3 Selecteer System Password (Systeemwachtwoord), wijzig of verwijder het bestaande systeemwachtwoord en druk op Enter of Tab.
4 Selecteer Setup Password (Installatiewachtwoord), wijzig of verwijder het bestaande installatiewachtwoord en druk op Enter of Tab.
OPMERKING
: Als u het systeem- of installatiewachtwoord wijzigt, geeft u het nieuwe wachtwoord in wanneer de melding
daarvoor verschijnt. Als u het systeem- of installatiewachtwoord verwijdert, bevestigt u de verwijdering wanneer de melding
daarvoor verschijnt.
5 Druk op Esc waarna een melding verschijnt om de wijzigingen op te slaan.
6 Druk op Y om de wijzigingen op te slaan en de systeeminstallatie te verlaten.
De computer wordt opnieuw opgestart.
Opties voor System Setup
OPMERKING
: Afhankelijk van de computer en de geïnstalleerde apparaten kunnen de onderdelen die in dit gedeelte worden
vermeld wel of niet worden weergegeven.
Tabel 21. Algemeen
Optie Beschrijving
System Information De volgende informatie over het moederbord wordt weergegeven:
• System Information (Systeemgegevens): toont BIOS Version (BIOS-versie), Service Tag, Asset
Tag, Ownership Tag, (labels voor service, inventaris, eigenaarschap), Ownership Date (datum
eigenaarschap), Manufacture Date (productiedatum) en Express Service Code (Express-
servicecode).
• Memory Information (Geheugengegevens): toont Memory Installed (Geïnstalleerd geheugen),
Memory Available (Beschikbaar geheugen), Memory Speed (Geheugensnelheid), Memory
Channel Mode (Kanaalmodus geheugen), Memory Technology (Geheugentechnologie),
DIMM 1 Size (Grootte DIMM 1), DIMM 2 Size (Grootte DIMM 2), DIMM 3 Size (Grootte
DIMM 3) en DIMM 4 Size (Grootte DIMM 4).
• PCI Information (PCI-gegevens): toont SLOT1 (SLEUF1), SLOT2 (SLEUF2), SLOT3 (SLEUF3),
SLOT4 (SLEUF4) en SLOT5_M.2 (SLEUF5_M.2).
• Processor Information (Processorgegevens): toont Processor Type (Processortype), Core
Count (Aantal kernen), Processor ID (Processor-id), Current Clock Speed (Huidige
kloksnelheid), Minimum Clock Speed (Minimale kloksnelheid), Maximum Clock Speed
Systeeminstallatie 21










