Users Guide

Terug naar inhoudsopgave
kaart detecteert die een parallelle aansluiting bevat die op
hetzelfde adres is geconfigureerd. Raadpleeg Opties van het
systeemsetupprogramma voor meer informatie.
2
lampje
verbindingsintegriteit
l Groen Er is een succesvolle verbinding tussen een
10Mbps-netwerk en de computer.
l Oranje Er is een succesvolle verbinding tussen een
100Mbps-netwerk en de computer.
l Geel Er is een succesvolle verbinding tussen een
1Gbps(1000Mbps)-netwerk en de computer.
l Uit De computer detecteert geen fysieke verbinding
met het netwerk.
3
aansluiting voor
netwerkadapters
Om de computer aan te sluiten op een netwerk of
breedbandapparaat moet u een uiteinde van de netwerkkabel
aansluiten op een netwerkcontact of een netwerk- of
breedbandapparaat. Sluit het andere gedeelte van de
netwerkkabel aan op de netwerkadapteraansluiting op het
achterpaneel van de computer. Een klikgeluid geeft aan dat de
netwerkkabel goed vastzit.
OPMERKING: Sluit geen telefoonkabel aan op de
netwerkaansluiting.
Bij computers met een netwerkadapterkaart moet u de
aansluiting op de kaart gebruiken.
U wordt aangeraden om Category 5-bedrading en -
aansluitingen voor uw netwerk te gebruiken. Als u toch
gebruikmaakt van Category 3-bedrading, moet u de
netwerksnelheid naar 10 Mbps forceren om een betrouwbare
werking te garanderen.
4
netwerkactiviteitslampje
Dit licht knippert geel als de computer netwerkgegevens
uitzendt of ontvangt. Als gevolg van een hoog netwerkvolume
kan het lijken of dit lampje aanhoudend brandt.
5
line-out-aansluiting
Gebruik de groene line-out-aansluiting om koptelefoons en de
meestetypeluidsprekersmetgeïntegreerdeversterkersaan
te sluiten.
Op computers met een geluidskaart moet u de aansluiting op
de kaart gebruiken.
6
microfoon-/line-in-
aansluiting
Gebruik de blauwe line-in-aansluiting om een opname-
/afspeelapparaat zoals een cassettespeler, cd-speler of
videorecorder te sluiten.
Gebruik de roze microfoonaansluiting om een pc-microfoon aan
te sluiten.
Op computers met een geluidskaart moet u de aansluiting op
de kaart gebruiken.
7
USB 2.0-aansluitingen
(6)
Gebruik de USB-aansluitingen aan de achterzijde voor
apparaten die normaliter aangesloten blijven, zoals printers en
toetsenborden.
U wordt aangeraden om de USB-aansluitingen aan de
voorzijde van de computer te gebruiken voor apparaten die u
zo nu en dan aansluit, zoals joysticks of camera's.
8
VGA-videoaansluiting
Sluit de VGA-kabel van de monitor aan op de VGA-aansluiting
op de computer.
Als uw computer met een grafische kaart is uitgerust, moet u
de aansluiting op de kaart gebruiken.
9
seriëleaansluiting
Sluit een serieel apparaat zoals een handheld apparaat op de
seriëlepoortaan.DestandaardtoewijzingisCOM1voorseriële
aansluiting 1.
Raadpleeg Opties van het systeemsetupprogramma voor meer
informatie.