Operation Manual
24 Uw projector gebruiken:
WEERGAVE (in pc-stand)
VIDEOSTAND—Selecteer een
stand om het beeld op
basis van het gebruik van
de projector. PC, Film,
sRGB (biedt
nauwkeurigere
kleurweergave), Spel en
Aangep. (geef uw
voorkeursinstellingen op).
Als u de instellingen voor
Witbalans of Degamma
aanpast, schakelt de
projector automatisch over
op Aangep..
S
IGNAALTYPE—Selecteert
handmatig het signaaltype
RGB, YCbCR of YPbPr.
Z
OOM —Druk op om een standaard gebied van het beeld digitaal te vergroten
in het midden van het scherm en druk op om het gezoomde beeld te
verkleinen.
Z
OOMNAVIGATIE—Druk op om te navigeren op het projectiescherm.
W
ITBALANS—Stel de waarde in op 0 om de reproductie van de kleur te
maximaliseren en op 10 om de helderheid te maximaliseren.
D
EGAMMA—Pas de waarde aan volgens 4 vooraf ingestelde waarden om de
kleurprestaties van het scherm te wijzigen.
H
ORIZONTALE POSITIE—Druk op om de horizontale positie van het beeld naar
links te verplaatsen en op om de horizontale positie naar rechts te verplaatsen.
V
ERTICALE POSITIE—Druk op om de verticale positie van het beeld omlaag te
verplaatsen en op om de verticale positie van het beeld omhoog te verplaatsen.
F
REQUENTIE—Wijzigt de klokfrequentie van de weergavegegevens in
overeenstemming met de frequentie van de grafische kaart van uw computer. Als u
een verticale knipperende balk ziet, gebruik dan Frequentie om de balken te
minimaliseren. Dit is een onnauwkeurige aanpassing.
O
PSPORING—Synchroniseer de fase van het beeldschermsignaal met deze van de
grafische kaart. Als u een onstabiel of flikkerend beeld hebt, gebruik dan de functie
Opsporing om dit te corrigeren. Dit is een nauwkeurige aanpassing.










