Owners Manual

Onderdelen verwijderen en installeren 79
3
Lijn de inkeping aan de onderkant van de module uit met de horizontale streep in de connector.
KENNISGEVING: Druk de geheugenmodule met gelijke druk aan de uiteinden recht naar beneden
in de connector om schade aan de module te voorkomen.
4
Druk de module in de connector totdat de module op zijn plaats klikt.
Wanneer u de module juist plaatst, klikken de borgklemmen in de uitsparingen aan de uiteinden
van de module.
5
Plaats de computerbehuizing terug.
KENNISGEVING: Als u een netwerkkabel wilt aansluiten, sluit u de kabel eerst aan op het netwerkapparaat
en sluit u de kabel vervolgens aan op de computer.
6
Sluit uw computer en apparaten aan op het lichtnet en zet ze vervolgens aan.
7
Klik met de rechtermuisknop op het pictogram
Deze computer
en vervolgens op
Eigenschappen
.
8
Klik op het tabblad
Algemeen
.
9
Controleer de hoeveelheid weergegeven geheugen (RAM), om te verifiëren of het geheugen juist
is geïnstalleerd.
1 uitsparingen (2) 2 geheugenmodule 3 inkeping
4 horizontale streep
3
2
1
4