Owners Manual
126 Bijlage
System Setup
Overzicht
Gebruik System Setup voor de volgende taken:
• De systeemconfiguratie wijzigen nadat u hardware hebt toegevoegd, gewijzigd of verwijderd
• Het instellen of wijzigen van een door de gebruiker te selecteren optie, zoals een wachtwoord
• Het lezen van de huidige hoeveelheid geheugen of het instellen van het type vaste schijf dat is
geïnstalleerd
Voordat u System Setup gebruikt, is het verstandig de scherminformatie voor System Setup te noteren
zodat u deze later ter referentie kunt gebruiken.
KENNISGEVING: Wijzig de instellingen voor dit programma alleen als u een ervaren computergebruiker bent.
Bepaalde wijzigingen kunnen ervoor zorgen dat uw computer niet meer goed werkt.
System Setup openen
1
Zet de computer aan of start deze opnieuw op.
2
Wanneer het blauwe DELL™-logo wordt weergegeven, wacht u tot de F2-prompt verschijnt.
3
Zodra de F2-prompt verschijnt, drukt u op <F2>.
OPMERKING: De F2-prompt duidt erop dat het toetsenbord is geïnitialiseerd. Deze prompt wordt maar even
weergegeven. Let dus op en druk op <F2> zodra deze wordt weergegeven. Als u te vroeg op <F2> drukt, kunt u
deze functietoets niet meer gebruiken.
4
Als u te lang hebt gewacht en het Microsoft
®
Windows
®
-logo verschijnt, wacht dan tot u het
bureaublad van Windows ziet. Vervolgens sluit u de computer af (zie “Uw computer uitschakelen”
op pagina 71) en probeert u het opnieuw.










