Owners Manual
Table Of Contents
- Gebruikershandleiding
- Inhoud
- Informatie vinden
- Uw computer installeren en gebruiken
- Een printer installeren
- Verbinding maken met het internet
- Cd's en dvd's afspelen
- Cd's en dvd's kopiëren
- Een mediakaartlezer gebruiken (optioneel)
- Twee monitoren aansluiten
- Een thuis- en bedrijfsnetwerk instellen
- Power Management (Energiebeheer)
- Hyper-Threading
- Over RAID-configuraties
- Controleren of RAID werkt
- RAID-level 1
- RAID-problemen oplossen
- Herstellen na het uitvallen van meerdere vaste schijfstation met behulp van het hulpprogramma Intel® RAID Option ROM.
- Herstellen van een uitval van één enkele vaste schijf met behulp van de Intel Matrix Storage Manager
- Uw computer instellen op de modus RAID-Enabled (RAID ingeschakeld)
- Dell™ DataSafe (Optioneel)
- Problemen oplossen
- Tips voor het oplossen van problemen
- Problemen met de batterij
- Problemen met een station
- E-mail-, modem- en internetproblemen
- Foutberichten
- Problemen met het toetsenbord
- Lockups en problemen met de software
- Problemen met een mediakaartlezer
- Geheugenproblemen
- Problemen met de muis
- Netwerkproblemen
- Problemen met de voeding
- Problemen met de printer
- Problemen met de scanner
- Problemen met het geluid en de luidsprekers
- Problemen met video en de monitor
- Hulpmiddelen voor het oplossen van problemen
- Onderdelen verwijderen en installeren
- Bijlage
- Verklarende woordenlijst
- Index

Problemen oplossen 47
Geen geluid uit de hoofdtelefoon
Problemen met video en de monitor
VOORZICHTIG: Voordat u begint met de procedures in dit gedeelte, moet u de veiligheidsinstructies in de
Productinformatiegids raadplegen.
OPMERKING: Raadpleeg de documentatie bij de monitor voor de procedures voor het oplossen van problemen.
Als het scherm leeg is
CONTROLEER DE KABELCONNECTOREN VAN DE HOOFDTELEFOON. Zorg dat de hoofdtelefoonkabel
goed is aangesloten op de hoofdtelefoonconnector (zie "Vooraanzicht van de computer" op pagina 65).
PAS HET VOLUMENIVEAU IN WINDOWS AAN. Klik of dubbelklik op het luidsprekerpictogram in de
rechterbenedenhoek van het scherm. Zorg dat het volume is ingeschakeld en dat het geluid niet wordt
gedempt.
CONTROLEER DE KABELCONNECTOREN VAN DE MONITOR.
• Controleer of de grafische kabel is aangesloten zoals wordt weergegeven in de schematische weergave
voor uw computer.
• Als u een grafische verlengkabel gebruikt en het probleem is opgelost wanneer u de kabel verwijdert, is
de kabel defect.
• Ruil het netsnoer van de computer en de monitor om te bepalen of het netsnoer defect is.
• Controleer de connector op verbogen of gebroken pinnen. (Het is normaal voor een monitorkabel dat er
enkele pinnen ontbreken.)
CONTROLEER HET AAN/UIT-LAMPJE. Als het aan/uit-lampje uit is, drukt u stevig op de knop om ervoor
te zorgen dat de monitor is ingeschakeld. Als het aan/uit-lampje brandt of knippert, krijgt de monitor
stroom. Als het aan/uit-lampje knippert, drukt u op een toets op het toetsenbord of beweegt u de muis.
TEST HET STOPCONTACT. Controleer of het stopcontact goed werkt door deze te testen met een
apparaat, bijvoorbeeld een lamp.
CONTROLEER DE CONTROLELAMPJES. Zie "Controlelampjes" op pagina 49.










