Operation Manual
76 Onderdelen verwijderen en installeren
12
Volg onderstaande instructies, wanneer u een netwerkadapter hebt geïnstalleerd en de geïntegreerde
netwerkadapter wilt uitschakelen:
a
Open de system setup, selecteer
Integrated NIC
(Geïntegreerde NIC)
uit de groep
Onboard
Devices
(ingebouwde apparatuur)
en wijzig de instelling in
Off
(Uit)
(zie “System Setup-opties”
op pagina 103).
b
Sluit de netwerkkabel aan op de connectoren van de nieuwe netwerkadapterkaart. Sluit de
netwerkkabel niet aan op de geïntegreerde netwerkconnector op het achterpaneel van de
computer.
13
Installeer de benodigde stuurprogramma's voor de kaart zoals beschreven in de kaartdocumentatie.
Een uitbreidingskaart verwijderen
1
Volg de procedures in “Voordat u begint” op pagina 61.
2
Druk voorzichtig tegen het ontgrendellipje aan de binnenzijde van het kaartslotpaneel om het paneel
te openen. Omdat het paneel vastzit, blijft deze geopend.
3
Koppel, indien nodig, op de kaart aangesloten kabels los.
4
De kaart verwijderen:
Wanneer u een PCI of PCI Express x1-kaart wilt verwijderen, pakt u deze bij de bovenste hoeken
en trek u hem voorzichtig uit zijn connector. Ga vervolgens naar stap 6.
Wanneer u een PCI Express x16-kaart verwijdert, gaat u naar stap 5.
5
Houd de hendel ingedrukt en trek de kaart omhoog uit de connector.










