Users Guide

Installeren van een stuurprogramma over het netwerk
87
2. Een via een netwerk aangesloten apparaat gebruiken
Met de Aangepaste installatie kunt u de verbinding van het
apparaat selecteren en individuele onderdelen kiezen die u wilt
installeren. Volg de aanwijzingen op het scherm.
5
De gevonden apparaten worden op het scherm weergegeven.
Selecteer het gewenste apparaat en klik op Volgende.
Als u uw apparaat niet kan vinden in het netwerk, schakelt u de firewall
uit en klikt u op Wijzigen. In Windows klikt u op Start >
Configuratiescherm en Windows-firewall inschakelen, en schakelt u
deze optie uit. Voor andere besturingssystemen raadpleegt u de
onlinehandleiding.
6
Volg de instructies in het installatievenster.
6
Macintosh
1
Controleer of het apparaat met uw netwerk is verbonden en
ingeschakeld is.
2
Plaats de meegeleverde software-cd in uw cd-romstation.
3
Dubbelklik op het pictogram in de vorm van een cd-rom op het
bureaublad van uw Macintosh-computer.
4
Dubbelklik in de map MAC_Installer op het pictogram Installer OS
X.
5
Klik op Ga door.
6
Lees de gebruiksrechtovereenkomst en klik op Ga door.
7
Klik op Akkoord als u akkoord gaat met de
gebruiksrechtovereenkomst.
8
Op het computerscherm verschijnt een waarschuwing dat alle
programma´s worden afgesloten. Klik op Ga door.
9
Klik op Ga door in het paneel Gebruikersopties.
Als u het IP-adres nog niet hebt ingesteld, klikt u op IP-adres instellen
en raadpleegt u "IPv4-configuratie met het programma SetIP
(Macintosh)" op pagina 84.
10
Klik op Installeer. Alle onderdelen die noodzakelijk zijn voor
apparaatbewerkingen worden geïnstalleerd.
Als u klikt op Aanpassen, kunt u aangeven welke afzonderlijke
onderdelen u wilt installeren.
11
Voer het wachtwoord in en klik op OK.
12
Na het installeren van de software moet u uw computer opnieuw
opstarten. Klik op Ga door met installatie.