Users Guide

70
BIJLAGE
Gebruik van de computer
Plaats de stroomkabels en alle overige kabels op een locatie waar niemand •
er overheen kan lopen of over struikelen. Zorg ervoor dat er geen objecten
op de stroomkabel rusten.
Morsgeenvloeistoenopofindecomputer.•
Om een elektrische schok te voorkomen moet u altijd de stekkers van alle •
stroom-, modem- en overige kabels uit het stopcontact verwijderen voordat
u de computer opent voor onderhoud of reparatie.
Waarschuwing voor elektrostatische ontladingen
Elektrostatische ontladingen kunnen schade veroorzaken aan interne
systeemcomponenten als u geen voorzorgen neemt. Deze ontladingen
worden veroorzaakt door statische elektriciteit en de veroorzaakte schade is
meestal permanent.
Computertechnici dragen speciale polsbandjes waarmee ze zichzelf aarden aan
de computerbehuizing om schade als gevolg van elektrostatische ontladingen te
voorkomen. U kunt het risico op elektrostatische ontladingen verminderen door
het volgende te doen:
Zet de computer uit en wacht enkele minuten voordat u aan de slag gaat. •
Aard uzelf door de behuizing van de computer aan te raken. •
Raak alleen de onderdelen aan die vervangen moeten worden. •
Ga niet rondlopen terwijl u onderdelen in de kast vervangt, vooral niet als •
u tapijt hebt of bij lage temperaturen en lage vochtigheidsgraad.
Als u randapparatuurkaarten moet vervangen, leg ze dan op het deel van •
de computerbehuizing dat u hebt verwijderd. Raak de aansluitingen op de
zijkant van de kaart die op het moederbord worden aangesloten niet aan.
ALGEMENE EN ELEKTRISCHE
VEILIGHEIDSVOORZORGEN
De computer instellen
Lees alle aanwijzingen op het product en in de documentatie voordat u de •
computer gaat gebruiken.
Bewaar alle veiligheids- en gebruikshandleidingen.•
Gebruik dit product nooit in de buurt van water of hittebronnen.•
Stel de computer alleen op een stabiel werkvlak op.•
Gebruik de computer alleen met het netvoedingstype dat op het typeplaatje •
staat vermeld.
Blokkeer de openingen of ventilatoren in de behuizing van de computer •
niet. Deze zijn noodzakelijk voor de ventilatie.
Steek geen voorwerpen in de ventilatieopeningen.•
Controleer voor gebruik of uw computer juiste wijze is geaard.•
Sluit uw computer niet aan op een stopcontact dat niet op juiste wijze •
is geaard.
Als u een verlengsnoer gebruikt voor de computer, let er dan op dat de •
vereiste stroomsterkte van de computer niet hoger is dan de maximum
stroomsterkte van het verlengsnoer.