HANDLEIDING ALIENWARE®-DESKTOP 01 / 01
Opmerkingen, waarschuwingen en gevaarmeldingen OPMERKING: Een OPMERKING duidt belangrijke informatie aan voor een beter gebruik van de computer. WAARSCHUWING: Een WAARSCHUWING geeft mogelijke schade aan hardware of gegevensverlies aan en vertelt u hoe u het probleem kunt voorkomen. GEVAAR: Een GEVAAR-melding geeft een kans op schade aan eigendommen, persoonlijk letsel of de dood aan. De inhoud van dit document kan zonder voorafgaande mededeling worden gewijzigd. © 2009 Dell Inc.
INHOUD INLEIDING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5 HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6 Voordat u uw desktop gaat instellen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7 Het beeldscherm aansluiten . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .
HOOFDSTUK 7: SYSTEEMHERSTEL . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 58 AlienRespawn v2.0 . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 59 Herstelopties . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 60 Wachtwoordbeveiliging . . . . . . . . . . . . . . . . .
INLEIDING Geachte klant van Alienware, Welkom bij de Alienware-familie. Wij zijn blij om u te kunnen verwelkomen bij het groeiende aantal slimme gebruikers van hoogwaardige computers. De Alienware-technici die uw apparaat hebben samengesteld, hebben ervoor gezorgd dat uw krachtige computer correct is geoptimaliseerd en maximaal gebruik maakt van de mogelijkheden. Wij bouwen computers met slechts één enkele, nooit veranderende doelstelling: te bouwen alsof het je eigen apparaat is.
HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN 06 / 06
HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN Voordat u uw desktop gaat instellen Gefeliciteerd met uw aanschaf van een Alienware® Area-51! Lees alstublieft alle veiligheids- en installatieaanwijzingen voordat u uw desktop aansluit. Begin met de doos voorzichtig te openen en alle geleverde componenten eruit te halen. Controleer voordat u uw desktop of componenten installeert of er geen onderdelen beschadigd zijn geraakt tijdens het vervoer.
HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN Het beeldscherm aansluiten Verbind het beeldscherm met de connector van de videokaart van uw computer. OPMERKING: Er is mogelijk een DVI-, HDMI- of DisplayPort-connector beschikbaar op de door u gekochte videokaart. U kunt de DVI-naar-VGA-adapter, HDMI-naar-DVI-adapter en extra HDMI- of DVIkabels bestellen op de Dell-website op www.dell.com. Gebruik de juiste kabel voor uw computer en beeldscherm.
HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN Sluit het toetsenbord en de muis aan Sluit de netwerkkabel aan (optioneel) 09 / 09
HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN Sluit de stroomkabel aan GEVAAR: Stroomconnectoren en stekkerdozen variëren per land. Het gebruik van een incompatibele kabel of een onjuiste aansluiting van de kabel op een stekkerdoos of stopcontact kan resulteren in brand of schade aan de computer. Druk op de aan/uit-knop Druk op de aan/uit-knop boven aan de computer.
HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN Microsoft Windows instellen WAARSCHUWING: Onderbreek het installatieproces van het besturingssysteem niet. Hierdoor zou uw desktop onbruikbaar kunnen worden. Uw computer is vooraf geconfigureerd met de besturingssysteem-instellingen die u hebt geselecteerd toen u de computer bestelde. Volg de instructies op uw scherm om de resterende instellingen te configureren.
HOOFDSTUK 1: UW DESKTOP INSTELLEN Een internetverbinding instellen ISP’s en hun pakketten variëren van land tot land. Neem contact op met uw internetprovider voor aanbiedingen die in uw land beschikbaar zijn. Als u geen verbinding kunt maken met het internet terwijl u dat in het verleden wel kon, is er mogelijk een storing bij de internetprovider (ISP). Neem contact op met de ISP om de servicestatus te controleren of probeer later opnieuw verbinding te maken.
HOOFDSTUK 2: UW DESKTOP LEREN KENNEN HOOFDSTUK 2: UW DESKTOP LEREN KENNEN HOOFDSTUK 2: UW DESKTOP LEREN KENNEN In dit hoofdstuk vindt u informatie over uw nieuwe desktop waarmee u de verschillende functies leert kennen, zodat u snel aan de slag kunt.
HOOFDSTUK 2: UW DESKTOP LEREN KENNEN Functies aan de voorzijde 1 Aan/uit-knop — Druk deze knop in om de computer aan of uit te zetten. Deze knop wordt verlicht om aan te geven dat de computer aan staat. De kleur van de knoprand geeft de energiestatus aan. • Uit — de computer staat uit, staat in de slaapstand, of krijgt geen stroom. • Gestaag wit — De computer staat aan. • Knipperend wit — de computer staat in the stand-bymodus.
HOOFDSTUK 2: UW DESKTOP LEREN KENNEN Kenmerken achterkant 1 1 Sleuf voor beveiligingskabel – Hiermee kunt u een in de winkel verkrijgbare beveiligingskabel aan uw computer bevestigen. OPMERKING: Voordat u een beveiligingskabel koopt, moet u nagaan of deze werkt in combinatie met de vergrendelingssleuf op uw computer. 2 Aansluitingen op het achterpaneel — Hiermee sluit u USB-, audio- en andere apparaten aan op de juiste connector. Zie de sectie “Aansluitingen op het achterpaneel” op pagina 16.
HOOFDSTUK 2: UW DESKTOP LEREN KENNEN Connectoren op het achterpaneel 1 9 2 8 3 7 4 6 1 PS/2-toetsenbordconnector — Hiermee sluit u een standaard-PS2toetsenbord aan. 2 Optische S/PDIF-connector — Hierop sluit u versterkers, speakers of TV’s aan voor digitale audio-uitvoer via optische digitale kabels. Dit type is in staat om een audiosignaal over te dragen zonder door een analoog audioconversieproces te gaan. 3 USB 2.
HOOFDSTUK 2: UW DESKTOP LEREN KENNEN Knop achterbelichting Functies in bovenaanzicht Druk op de knop voor achterbelichting om het licht aan te zetten zodat u de connectoren op het achterpaneel kunt weergeven. Dit licht zet zichzelf automatisch na een paar seconden uit. Druk het bovenpaneel omlaag om bij de connectoren van het bovenpaneel te komen.
HOOFDSTUK 2: UW DESKTOP LEREN KENNEN Connectoren bovenpaneel 1 2 3 4 5 1 USB 2.0-connectoren (3) — Hiermee sluit u USB-apparaten aan, zoals een muis, toetsenbord, printer, extern station of MP3-speler. 2 eSATA-connector — Hierop sluit u met eSATA compatibele opslagapparaten aan, zoals externe vaste schijven of optische stations. 3 IEEE 1394 — Hiermee kunt u seriële multimedia-apparaten met hoge snelheid aansluiten, zoals digitale videcamera’s.
HOOFDSTUK 3: APPARATEN AANSLUITEN HOOFDSTUK 3: APPARATEN AANSLUITEN HOOFDSTUK 3: APPARATEN AANSLUITEN In dit hoofdstuk vindt u informatie over het aansluiten van optionele apparaten op uw desktop waarmee u uw audio-, video- en digitale ervaring kunt verbeteren.
HOOFDSTUK 3: APPARATEN AANSLUITEN Externe speakers aansluiten Uw Alienware-desktop heeft vijf geïntegreerde audio-uitgangen en één audioingang. De audio-uitgangen leveren kwaliteitsgeluid en ondersteunen 7.1surroundaudio. U kunt de audio-ingang gebruiken van een stereo-installatie of speakersysteem voor een betere spel- en mediaervaring. OPMERKING: Op computers met een geluidskaart moet u de connector op de kaart gebruiken.
HOOFDSTUK 3: APPARATEN AANSLUITEN Printers aansluiten Twee typen audioconnector: Een plug-en-playprinter aansluiten 1 2 1 Stereoaansluiting — Uw koptelefoonaansluiting moet dit type connector hebben. 2 Mono-aansluiting — Uw microfoon moet dit type connector hebben. Als uw printer plug-en-play ondersteunt, zal uw besturingssysteem deze detecteren en proberen de printer automatisch te installeren. In sommige gevallen heeft Windows een stuurprogramma voor de printer nodig.
HOOFDSTUK 3: APPARATEN AANSLUITEN Een niet-plug-en-playprinter aansluiten USB-apparaten aansluiten Windows Vista® Sluit USB-apparaten aan op een niet-gebruikte USB-connector op uw desktop. Microsoft Windows detecteert het apparaat en zal proberen het juiste stuurprogramma automatisch te installeren. In sommige gevallen heeft Windows een stuurprogramma nodig. Dit stuurprogramma vindt u op de software-cd die is meegeleverd met het apparaat. 1. Klik op Start → Configuratiescherm. 2.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN 023 / 023
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN Alienware Command Center Thermal Controls (warmtebesturing) Alienware® Command Center biedt toegang tot Alienware’s exclusieve software en is een configuratiepaneel dat voortdurend kan worden bijgewerkt. Als Alienware nieuwe programma’s publiceert, worden deze rechtstreeks gedownload naar het Command Center, waardoor u een bibliotheek kunt opbouwen met systeembeheer-, optimalisatie- en aanpassingshulpmiddelen.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN RAID-niveau 0 RAID-niveau 1 WAARSCHUWING: RAID-niveau 0 biedt geen redundantie. Een fout in één van de vaste schijven betekent dan ook verlies van alle gegevens. Maak regelmatig reservekopieën om uw gegevens te beveiligen. RAID-niveau 0 maakt gebruik van “data striping” om de toegangstijden naar gegevens te verhogen.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN RAID-niveau 5 RAID-niveau 10 Bij RAID-niveau 5 wordt gegevenspariteit gebruikt. Bij RAID-niveau 5 worden gegevens- en pariteitsinformatie segmentsgewijs over drie of meer stations verdeeld (data striping). Het biedt data striping op byteniveau en ook stripefoutcorrectie-informatie (roterende pariteitsarray). Dit resulteert in uitstekende prestaties en goede foutentolerantie. RAID 10, een combinatie van RAID 1 en RAID 0, gebruikt diskstriping over gespiegelde schijven.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN Prestatie optimaliseren Uw computer is geconfigureerd om optimaal te werken met een breed scala aan toepassingen. Afhankelijk van de door u gekochte configuratie, kan op de computer overklokken zijn toegepast bij de fabriek om maximale prestatie te bereiken bij toepassingen die zwaar gebruik maken van de systeembronnen, zoals spellen en multimedia-ontwikkeling.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN Het BIOS configureren Systeem-setup Met de opties van Systeem-setup kunt u: • • • De systeemconfiguratiegegevens wijzigen nadat u hardware hebt toegevoegd, gewijzigd of verwijderd; Een door de gebruiker te selecteren optie instellen of wijzigen; De geïnstalleerde hoeveelheid geheugen weergeven of het type geïnstalleerde vaste schijf instellen.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN Systeem-setupopties OPMERKING: De items in deze sectie worden mogelijk niet exact weergegeven als vermeld, afhankelijk van het model van uw computer en de geïnstalleerde apparaten. OPMERKING: Zie de onderhoudshandleiding op support.dell.com/ manuals voor de bijgewerkte systeeminformatie. Systeeminformatie Product Name (productnaam) BIOS Version (BIOS-versie) Input Service Tag Service Tag Geeft de productnaam weer. Geeft het versienummer en de datum van het BIOS weer.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN Standaard CMOS-functies SATA 4 Geeft het SATA4-station weer dat in uw computer is geïntegreerd. SATA 5 Geeft het SATA 5-station weer dat in uw computer is geïntegreerd. SATA 6 Geeft het SATA 6-station weer dat in uw computer is geïntegreerd. SATA 7 Geeft het SATA 7-station weer dat in uw computer is geïntegreerd. SATA 8 Geeft het SATA 8-station weer dat in uw computer is geïntegreerd. IDE Master Geeft het IDE-hoofdstation (master) weer dat in uw computer is geïntegreerd.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN Configuratie CPU XD Bit Capability Schakelt XD Bit Capability in om de processor ertoe in staat te stellen te onderscheiden welke stukken code kunnen worden uitgevoerd en welke niet kunnen worden uitgevoerd. Intel® Speedstep™ tech Als deze optie is ingeschakeld, worden de snelheid van de processorklok en het kernvoltage dynamisch aangepast op basis van de processorbelasting. Intel® C State Tech Indien ingeschakeld wordt C State: Processor idle ingesteld op C2/C3/C4.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN Energiebeheerinstellingen Suspend Mode AC Recovery Hiermee stelt u de energiebesparingsmodus van de ACPI-functie in. Instellen wat de computer doet wanneer de stroomtoevoer wordt hersteld. Frequency/Voltage Control CPU Core (Non-Turbo) Ratio Advance DRAM Configuration Overclock Configuration Remote Wakeup Stelt het systeem in om te activeren vanaf een ingebouwde LAN, PCIE-X1 LAN-kaart of een PCI LAN-kaart.
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN Submenu Advance DRAM Configuration (geavanceerde DRAM-configuratie) Memory-Z Hiermee opent u een submenu om de SPD-configuratie voor elke geheugenmodule weer te geven. Advanced Memory Hiermee kunt u de handmatige Settings (geavanceerde modus in- en uitschakelen en kunt u geheugeninstellingen) alle timingparameters instellen. tCL Hiermee geeft u de CAS-latentie weer (bewerkbaar in handmatige modus).
HOOFDSTUK 4: UW DESKTOP GEBRUIKEN Submenu Overclock Configuration (overklokconfiguratie) Intel® Turbo Mode tech Als dit is ingeschakeld, kan de processor met snellere frequenties werken dan aangegeven. [1-4] Core CPU Turbo Ratio Beperkt de verhouding voor kern 1-4. Limit Turbo Mode TDC Limit Hiermee kunt u de huidige drempels Override voor de processor programmeren terwijl deze in de turbomodus werkt.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN In dit hoofdstuk vindt u richtlijnen en aanwijzingen voor het vergroten van de processorprestaties en de opslagruimte door het upgraden van apparatuur. U kunt onderdelen voor uw desktop kopen op www.dell.com of www.alienware.com. OPMERKING: Zie de onderhoudshandleiding op support.dell.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN Voordat u begint De desktop uitzetten WAARSCHUWING: Als u gegevensverlies wilt voorkomen, moet u alle open bestanden opslaan en sluiten en alle geopende programma’s sluiten voordat u de desktop uitzet. In deze sectie worden de procedures beschreven voor het verwijderen en installeren van onderdelen voor uw desktop.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN Voordat u de desktop open maakt WAARSCHUWING: Maak een kabel los door aan de stekker of aan het treklipje te trekken en niet aan de kabel zelf. Sommige kabels zijn voorzien van connectoren met borglippen. Als u dit type kabel loskoppelt, moet u de borglippen ingedrukt houden voordat u de kabel verwijdert.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN Het zijpaneel openen en sluiten WAARSCHUWING: Voordat u het zijpaneel opent, moet u de stroomkabel van uw desktop loskoppelen. 1. Volg de aanwijzingen onder “Voordat u begint” op pagina 36. OPMERKING: Zorg ervoor dat eventueel bevestigde veiligheidskabels worden verwijderd voordat u probeert het vrijgavepaneel op te tillen. 2. 2 Til het vrijgavepaneel op om het zijpaneel te openen.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN Binnenaanzicht van de computer 1 2 1 geheugenmoduleconnectoren (3) 2 uitbreidingskaartsleuven (6) 039 / 039
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN Geheugenmodules verwijderen en vervangen U plaats geheugenmodules als volgt terug:: 1. 1. Volg de aanwijzingen onder “Voordat u begint” op pagina 36. 2. Open het zijpaneel (zie “Het zijpaneel openen en sluiten” op pagina 38). 3. Localiseer de geheugenmoduleconnectoren op het moederbord (zie “Binnenaanzicht van de computer” op pagina 39). Lijn de inkeping aan de onderkant van de geheugenmodule uit met het lipje op de geheugenmoduleconnector.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN WAARSCHUWING: Voorkom schade aan de geheugenmodule door deze recht omlaag te drukken in de connector, terwijl u gelijkmatige druk uitoefent op de uiteinden van de module. 2. Druk de geheugenmodule in de connector tot deze op zijn plaats klikt. OPMERKING: Als de geheugenmodule niet op de juiste wijze is geïnstalleerd, start de computer mogelijk niet meer op. 3.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN Vaste schijven verwijderen en vervangen 1. 2. 3. Druk de twee vrijgavelipjes naar elkaar toe en schuif de vaste schijf omhoog en uit de computer. Volg de aanwijzingen onder “Voordat u begint” op pagina 36. Til het vrijgavepaneel op om het zijpaneel aan de rechterkant te openen.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN U vervangt als volgt een vaste schijf: 1. Zie de documentatie die bij uw nieuwe vaste schijf is meegestuurd om te controleren of deze voor uw computer is geconfigureerd. 2. Schuif de nieuwe vaste schijf in het vaste schijf-compartiment en druk deze omlaag tot de vaste schijf op zijn plaats klikt. 3. Sluit het rechterzijpaneel. 4. Sluit de stroomkabel en alle externe randapparatuur weer op de computer aan. 5. Zet de computer aan.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN Uitbreidingskaarten verwijderen en terugplaatsen 1 1. Volg de aanwijzingen onder “Voordat u begint” op pagina 36. 2. Open het zijpaneel (zie “Het zijpaneel openen en sluiten” op pagina 38). 3. Druk op de knop van de bedekking om deze vrij te geven en draai de bedekking dan weg van de computer. 4. Lokaliseer de uitbreidingskaart op het moederbord (zie “Binnenaanzicht van de computer” op pagina 39). 5.
HOOFDSTUK 5: EXTRA OF VERVANGENDE ONDERDELEN INSTALLEREN 3. Lijn de kaart uit met de connector op het moederbord. 4. Plaats de kaart in de connector en druk deze stevig aan. Ga na of de kaart stevig in de connector is aangebracht. Als u de PCI Express-kaart in de x16-kaartconnector installeert, moet u zachtjes op het vasthoudmechanisme drukken en moet u de kaart in de connector plaatsen.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN 046 / 046
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Basishints en tips • • • De computer gaat niet aan: Is uw computer goed aangesloten op een werkend stopcontact? Indien aangesloten op een stekkerblok, werkt het stekkerblok goed? Aansluitingen: Controleer alle kabels om te zien of er geen losse connectoren zijn. Energiebeheer: Controleer of de computer niet in slaap- of stand-bystand staat door de aan/uit-knop minder dan 4 seconden lang in te drukken. De aan/uit-lamp verkleurt van blauw naar zwart in de stand-bymodus.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Softwarediagnosehulpprogramma’s Pre-Boot System Assessment (PSA - systeemcontrole vóór opstarten) De Pre-boot System Assessment (systeemanalyse) wordt uitgevoerd. Dit is een reeks initiële tests van uw moederbord, toetsenbord, beeldscherm, geheugen, vaste schijf etc. U start de PSA als volgt: 1. 2. 3. 4. Start de computer opnieuw op. Druk op om het opstartmenu te openen. Selecteer Diagnostics en druk dan op .
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Alienware® Diagnostics OPMERKING: Met de volgende stappen wordt de opstartvolgorde slechts één keer gewijzigd. De volgende keer dat u de computer start, gebeurt dat volgens de instellingen die zijn gedefinieerd in het systeemsetupprogramma. Als er een probleem optreedt met uw Alienware-desktop, dient u Alienware Diagnostics uit te voeren. Het is aan te bevelen dat u deze procedures afdrukt voordat u begint.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Antwoorden op veel voorkomende problemen Een audio-cd geeft geen geluid: De computer herkent de schijf of het station niet: • • • Cd-rom, dvd-rom, cd-r/w, dvd±r/w of Blu-ray Disc™-station • • • • • • • Controleer of de schijf goed in het station ligt met het opschrift naar boven. Probeer een andere schijf. Zet de computer uit en start deze opnieuw. Reinig de schijf.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Computer De computer komt niet door de POST heen: De POST van de computer (Power On Self Test, ofwel zelftest tijdens opstarten) zorgt ervoor dat alle hardware goed werkt voordat de rest van het opstartproces wordt opgestart. Als de POST slaagt, zal de computer normaal verder opstarten. Als de computer echter niet door de POST heenkomt, zal deze een reeks piepjes te horen geven tijdens het opstarten als de monitor fouten en problemen niet kan weergeven.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Een programma is ontwikkeld voor een eerdere versie van Microsoft® Windows® Andere softwareproblemen Voer de Wizard Programmacompatibiliteit uit: Gebruik een antivirusprogramma om de vaste schijf of cd’s te controleren De Wizard Programmacompatibiliteit configureert een programma op zodanige wijze dat het in een omgeving kan worden uitgevoerd die lijkt op een nietWindows-besturingssysteemomgeving. Windows Vista® 1. 2.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN De PSA-diagnostiek uitvoeren: Internet Als alle tests met succes zijn afgewerkt, ligt de foutmelding aan een softwareprobleem. Kan niet op het internet surfen of het foutbericht “Unable to locate host” (Kan host niet vinden) wordt weergegeven Problemen met vaste schijven Laat de computer afkoelen voordat u deze aanzet. Een verhitte vaste schijf kan ervoor zorgen dat het besturingssysteem niet opstart.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Toetsenbord Geheugen Het toetsenbord reageert niet Geheugenfouten gedetecteerd bij het opstarten: Maak het toetsenbord schoon met een spuitbus of perslucht met een goede spuitmond om stof en vuil te verwijderen dat onder de toetsen zit. • Een teken op het toetsenbord blijft zich herhalen: • • Controleer of er niets op de toetsen ligt. Controleer of er geen toets vastzit in het toetsenbord.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Beeldscherm Als het beeldscherm leeg is Windows® 7 1. Klik op Start → Configuratiescherm→ Weergave en persoonlijke instellingen→ Beeldscherm. Wijzig waar nodig de instellingen voor Resolutie en Kleurkalibratie. De computer staat mogelijk in een stroombesparingsmodus. 2. Druk op een toets op het toetsenbord of druk op de aan/uit-knop om de computer uit de stand-bymodus te halen.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Stroom Printer Wanneer u op de aan/uit-knop drukt, gaat de computer niet aan De printer gaat niet aan • • • • • Als de computer op een piekbeveiliging of een UPS is aangesloten, moet u controleren of de piekbeveiliging of UPS goed op het stopcontact is aangesloten, aan staat en correct werkt. Controleer of het stopcontact goed werkt door een ander apparaat te proberen, bijvoorbeeld een radio of lamp waarvan u weet dat die werkt.
HOOFDSTUK 6: PROBLEMEN OPLOSSEN Spelbesturing Speakers De computer herkent de spelbesturing niet: Er komt geen geluid uit de speakers • Controleer of de subwoofer (lagetonenspeaker) en de speakers aan staan: • Controleer of de kabel tussen de spelbesturing en de computer niet beschadigd is en of hij goed is aangesloten. Installeer het stuurprogramma van de spelbesturing opnieuw. Zie de documentatie die met uw speakers is meegestuurd.
HOOFDSTUK 7: SYSTEEMHERSTEL HOOFDSTUK 7: SYSTEEMHERSTEL HOOFDSTUK 7: SYSTEEMHERSTEL Bij uw computer worden de volgende media meegeleverd: • • • Herstel-cd of -dvd - Bevat installatiemedia voor het besturingssysteem. Ondersteunings-cd of -dvd — bevat stuurprogramma’s voor uw computer. U kunt ook de nieuwste stuurprogramma’s en software voor uw computer downloaden vanaf support.dell.com. Optioneel AlienRespawn v2.0-schijf (als besteld) — Bevat de AlienRespawnherstelimage.
HOOFDSTUK 7: SYSTEEMHERSTEL AlienRespawn v2.0 OPMERKING: Maak een reservekopie (back-up) van alle gegevens voordat u systeemherstel uitvoert. U kunt met AlienRespawn™ v2.0 een reservekopie maken, maar als voorzorg kunt u beter belangrijke bestanden op externe media opslaan voordat u met herstel begint. AlienRespawn v2.
HOOFDSTUK 7: SYSTEEMHERSTEL Herstelopties OPMERKING: Maak een reservekopie (back-up) van alle gegevens voordat u systeemherstel uitvoert. U kunt met AlienRespawn™ v2.0 een reservekopie maken, maar als voorzorg kunt u beter belangrijke bestanden op externe media opslaan voordat u met herstel begint. AlienRespawn v2.0 biedt drie methoden voor systeemherstel. Elke optie biedt een unieke combinatie van herstel- en back-upfuncties. Hieronder worden de diverse methoden nader beschreven.
HOOFDSTUK 7: SYSTEEMHERSTEL Fabriekssysteemherstel Zo schakelt u wachtwoordinstellingen in of wijzigt u ze Deze optie is het laatste redmiddel voor systeemherstel. 1. Start → Alle programma’s→ AlienRespawn v2.0. 2. Klik op het pictogram Respawn Settings (Respawn-instellingen). 3. De toepassing Respawn Settings start. • Als u wachtwoordbeveiliging voor het eerst inschakelt, voert u het standaardwachtwoord “alienware” (hoofdlettergevoelig) in in het daarvoor bestemde veld, en klikt u op Indienen.
HOOFDSTUK 7: SYSTEEMHERSTEL AlienRespawn v2.0-schijf Dell DataSafe Local Backup Als u de optionele AlienRespawn v2.0-schijf hebt besteld, dan ontvangt u deze samen met uw computer. Met deze schijf kunt u AlienRespawn v2.0 opnieuw implementeren op een nieuwe vaste schijf indien de oude vaste schijf kapot is gegaan.
HOOFDSTUK 7: SYSTEEMHERSTEL Gegevens herstellen: 1. 2. Zet de computer uit. Koppel alle apparaten los die op de computer zijn aangesloten (zoals het USB-station, de printer etc.) en verwijder eventueel aanwezige recent toegevoegde interne hardware. OPMERKING: Koppel de monitor, het toetsenbord, de muis en de stroomkabel niet los. 3. Zet de computer uit. 4. Druk zodra het Alienware-logo verschijnt meerdere keren op om het venster Advanced Boot Options (geavanceerde opstartopties) te openen.
HOOFDSTUK 8: BASISSPECIFICATIES HOOFDSTUK 8: BASISSPECIFICATIES HOOFDSTUK 8: BASISSPECIFICATIES In dit hoofdstuk vindt u de basisspecificaties van uw desktop. Zie de Uitgebreide specificaties op support.dell.com/manuals voor meer gedetailleerde specificaties.
HOOFDSTUK 8: BASISSPECIFICATIES Computermodel Geheugen Alienware Area-51 Connectoren drie intern toegankelijke DDR3 DIMM-sockets Afmetingen Capaciteiten 2 GB en 4 GB Breedte 249 mm Geheugentypes DDR3 en DDR3-XMP Diepte 635 mm Minimum 6 GB Hoogte 557,6 mm (met ventilatieopeningen bovenzijde gesloten) Maximum 12 GB 595,5 mm (met ventilatieopeningen bovenzijde geopend) Connectoren op het achterpaneel 15,4 mm (meer hoogte als de achtervoet in gebruik is) IEEE 1394 een 6-pins seriële con
HOOFDSTUK 8: BASISSPECIFICATIES Connectoren bovenpaneel Uitbreidingsbus IEEE 1394 een 6-pins seriële connector PCI: USB drie 4-pins USB 2.
HOOFDSTUK 8: BASISSPECIFICATIES Stroom Spanning Computeromgeving 100-240 V AC, 50-60 Hz Niet in bedrijf OPMERKING: Zie de veiligheidsinformatie die bij uw computer is meegestuurd voor informatie over voltage-instellingen. Hoogte (maximum): Computeromgeving Temperatuurbereik: Bedrijfstemperatuur 10°C tot 35°C Opslag –10°C tot 45°C Relatieve luchtvochtigheid (maximum) 20% tot 80% (niet-condenserend) 50G voor 26 ms met een snelheidswijziging van 813 cm/s Tijdens bedrijf –15,2 tot 3.
BIJLAGE A: ALGEMENE EN ELEKTRISCHE VEILIGHEIDSMAATREGELEN BIJLAGE A: ALGEMENE EN ELEKTRISCHE VEILIGHEIDSMAATREGELEN Opstelling van de computer • • • • • • • • • • Lees alle aanwijzingen op het product en in de documentatie voordat u de computer gaat gebruiken. Bewaar alle veiligheids- en gebruikshandleidingen. Gebruik dit product nooit in de buurt van water of hittebronnen. Stel de computer alleen op op een stabiel werkvlak.
BIJLAGE A: ALGEMENE EN ELEKTRISCHE VEILIGHEIDSMAATREGELEN Computertechnici dragen speciale polsbandjes waarmee ze zichzelf aarden aan de computerbehuizing om ESD-schade te voorkomen. U kunt het risico op ESD verminderen door het volgende te doen: • Zet de computer uit en wacht enkele minuten voordat u aan de slag gaat. • Aard uzelf door de behuizing van de computer aan te raken. • Raak alleen de onderdelen aan die vervangen moeten worden.
BIJLAGE B: CONTACT OPNEMEN MET ALIENWARE BIJLAGE B: CONTACT OPNEMEN MET ALIENWARE OPMERKING: Als u niet over een actieve internetverbinding beschikt, kunt u contactgegevens vinden op de factuur, de pakbon of in de productcatalogus van Dell. Dell biedt verschillende telefonische en online-ondersteuningsdiensten en -mogelijkheden. Omdat de beschikbaarheid per land en product varieert, zijn sommige diensten mogelijk niet in uw regio beschikbaar.
BIJLAGE C: BELANGRIJKE INFORMATIE BIJLAGE C: BELANGRIJKE INFORMATIE NVIDIA GeForce GTX 295-videokaarten • Wanneer u twee NVIDIA GeForce GTX 295-videokaarten gebruikt in een Quad SLI-configuratie, wordt HDMI-uitvoer niet ondersteund. OPMERKING: De HDMI-uitvoer van NVIDIA GeForce GTX 295-videokaarten werkt alleen bij configuraties met één kaart. • • Wanneer Quad SLI is ingeschakeld bij een GeForce GTX 295-videokaart, kan de videokwaliteit worden geoptimaliseerd via de Dual Link DVI.
Gedrukt in China. Gedrukt op gerecycled papier.