Users Guide
4. Druk op de schuifknoppen ( of ) om Zomertijd te markeren en druk op Selecteren ( ).
5. Druk op de schuifknoppen ( of ) om Handmatig te markeren en druk op Selecteren ( ).
6. Voer de juiste Startdatum in met de schuifknoppen ( of ) of de schuifknoppen ( of ) en druk op Selecteren ( ).
7. Voer de juiste Einddatum in met de schuifknoppen ( of ) of de schuifknoppen ( of ) en druk op Selecteren ( ).
8. Druk op Annuleren ( ) om terug te keren naar stand-bymodus.
Een afdruktaak opslaan
Ukuntafdruktakenopslaanopdegeïnstalleerdehardeschijf.
1. Open het bestand dat u wilt opslaan.
2. Selecteer Afdrukken in het menu Bestand. Het venster Afdrukken wordt weergegeven.
3. Klik op Eigenschappen.
4. Klik op het tabblad Overige opties op Taaktype.
5. Selecteer de gewenste Taaksoort in de vervolgkeuzelijst.
l Normaal: drukt af in normale modus.
l Vertrouwelijk: slaat de bestanden op en beveiligt ze met een wachtwoord.
l Drukproef: drukt het eerste bestand af en na een korte pauze het volgende bestand.
l Opslaan: slaat het bestand op de harde schijf op.
l Wachtrij: plaatst het bestand in de wachtrij op de harde schijf en drukt het vanuit deze wachtrij af.
l Afdrukschema: drukt het bestand af op een opgegeven tijdstip.
6. Voer de Gebr.-id en Taaknaam in.
7. Klik op OK tot het afdrukvenster wordt weergegeven.
8. Klik op OK of Afdrukken om te starten met afdrukken.
Een opgeslagen afdruktaak afdrukken
U kunt afdruktaken afdrukken die op de harde schijf zijn opgeslagen.
1. Druk op Selecteren ( ) wanneer Opgesl. taak dr. op ( ) op de onderste regel van het display wordt weergegeven.
2. Druk op de schuifknoppen ( of ) om uw gebruikers-id te markeren en druk op Selecteren ( ).
3. Druk op de schuifknoppen ( of ) om de naam van de gewenste taak te markeren en druk op Selecteren ( ).
4. Als u Vertrouwelijk of Opslaan selecteert in Taaktype bij het opslaan van een taak, voert u het wachtwoord in en drukt u op Selecteren ( ).
5. Druk op de schuifknoppen ( of ) om 1 exemp. afdr of Exemplaren afdrukken te markeren en druk op Selecteren ( ).
Een opgeslagen afdruktaak verwijderen
U kunt afdruktaken verwijderen die op uw harde schijf zijn opgeslagen.
1. Druk op Menu ( ).
2. Druk op de schuifknoppen ( of ) om Taakbeheer te markeren en druk op Selecteren ( ).
3. Druk op de schuifknoppen ( of ) om Opgesl. taak wissen te markeren en druk op Selecteren ( ).
4. Druk op de schuifknoppen ( of ) om Veilige taak of Taak opslaan te markeren en druk op Selecteren ( ).
Als u Alle selecteert, worden alle opgeslagen taken op de harde schijf verwijderd.
Afdrukken met formulierbestanden
U kunt maximaal 10 formulierbestanden opslaan op de harde schijf van de printer en deze vervolgens gebruiken voor afdruktaken. Die formulierbestanden
moet u wel eerst aanmaken en daarvoor maakt u gebruik van het printerstuurprogramma.
1. Druk op Menu ( ).
2. Druk op de schuifknoppen ( of ) om Instellingen te markeren en druk op Selecteren ( ).
3. Druk op de schuifknoppen ( of ) om Menu Formulier te markeren en druk op Selecteren ( ).
4. Druk op de schuifknoppen ( of ) om het formulierbestand dat u wilt gebruiken te selecteren en druk op Selecteren ( ).
l Uit: drukt af in de normale modus.










