User manual

U dient, voor u een apparaat in gebruik neemt, steeds te controleren of
dit apparaat of deze module in principe geschikt is voor de toepassing
waarvoor u het wilt gebruiken! In geval van twijfel dient u steeds
navraag te doen bij onze Technische Dienst, andere vaklieden of bij de
fabrikant van de gebruikte modules.
Houd er rekening mee, dat bediening- en aansluitfouten buiten onze
invloedsfeer liggen. U zult begrijpen, dat wij niet aansprakelijk zijn
voor schades die daarvan het gevolg zijn.
Bouwpakketten moeten, als ze niet functioneren, met een exacte
omschrijving van de fout (aangeven wat er niet functioneert..., want
alleen een exacte omschrijving van de fout maakt een juiste reparatie
mogelijk!) en de bijbehorende handleiding en tevens zonder behuizing
teruggestuurd worden. Het veel tijd kostende monteren en demonteren
van behuizingen moeten we om begrijpelijke redenen extra in rekening
brengen. Reeds opgebouwde bouwpakketten zijn uitgesloten van
omwisseling. Bij installaties en bij het omgaan met netspanning dient u
zich te houden aan de VDE- voorschriften.
Apparaten die werken op een spanning > 35 Volt, mogen alleen door
een vakman aangesloten worden.
U dient in ieder geval te controleren, of het onderdeel geschikt is voor
de desbetreffende toepassing en plaats waar het gebruikt wordt resp.
gebruikt kan worden.
De ingebruikname mag principieel alleen plaatsvinden, als de schakeling
absoluut veilig voor aanraking in een behuizing is ingebouwd.
Als metingen bij geopende behuizing niet te voorkomen zijn, dan moet
er uit veiligheidsoverwegingen een scheidingstrafo tussengeschakeld
worden, of zoals al eerder genoemd, de spanning via een geschikte
netvoeding (die voldoet aan de veiligheidsbepalingen) toegevoerd worden.
Alle bedradingwerkzaamheden mogen alleen in spanningloze toestand
uitgevoerd worden.
7
Aanwijzing betreffende de veiligheid
Bij het omgaan met producten, die met elektrische spanning in aanraking
komen, dient u zich te houden aan de geldende VDE- voorschriften, in het
bijzonder VDE 0100, VDE 0550/0551, VDE 0700, VDE 0711 en VDE 0860.
Voor het openen van een apparaat dient u steeds de stekker uit de
wandcontactdoos te trekken of er voor te zorgen dat het apparaat
stroomloos is.
Onderdelen, modules of apparaten mogen alleen in gebruik genomen
worden, als ze eerst beschermd tegen aanraking in een behuizing
ingebouwd worden. Tijdens het inbouwen moeten ze stroomloos zijn!
Gereedschap mag alleen bij apparaten, modules of onderdelen
gebruikt worden als het zeker is dat de apparaten van het net los-
gekoppeld zijn en elektrische ladingen, die in de onderdelen van het
apparaat opgeslagen zijn, vooraf ontladen zijn.
Spanningvoerende kabels of snoeren, waarmee het apparaat, het
onderdeel of de module verbonden is, moeten steeds gecontroleerd
worden op isolatiefouten of breuken. Bij het vaststellen van een fout in
de kabels/ snoeren moet het apparaat direct buiten gebruik gesteld
worden, tot de desbetreffende kabel / het snoer vervangen is.
Bij het gebruik van onderdelen of modules moet steeds gewezen worden
op het strikt aanhouden van de in de bijbehorende beschrijving
genoemde karakteristieke gegevens voor elektrische grootheden.
Als uit een aanwezige beschrijving voor de niet- commerciële eind-
gebruiker niet duidelijk blijkt welke elektrische karakteristieken er
gelden voor een onderdeel of een module, hoe een externe schakeling
uitgevoerd moet worden, of welke externe onderdelen of apparaten
aangesloten mogen worden en welke aansluitwaarden deze externe
componenten mogen hebben, dient u steeds bij een vakman te rade
gaan.
6