User manual

Bescherm deze module tegen vochtigheid, spatwater en inwerking
van hitte.
Modules en onderdelen horen niet in kinderhanden!
De modules mogen alleen onder toezicht van een vakkundige vol-
wassene of een vakman in gebruik genomen worden.
In commerciële instellingen dient u zich te houden aan de ARBO-
voorschriften.
de module niet in een omgeving waarin zich brandbare gassen, dampen
of stof (kunnen) bevinden.
Als het apparaat gerepareerd moet worden, mogen er alleen originele
onderdelen ter vervanging gebruikt worden. Het gebruik van afwijkende
onderdelen kan leiden tot ernstig letsel of schade.
Een reparatie aan het apparaat mag alleen door een vakman uitgevoerd
worden!
Als er per ongeluk een vloeistof in het apparaat terechtkomt, zou dat
daardoor beschadigd kunnen worden. Als er per ongeluk toch een
vloeistof in of over de module gemorst wordt, moet het apparaat door
een erkend vakman gecontroleerd worden.
Gebruik waarvoor het apparaat bedoeld is
Het gebruik waarvoor het apparaat bedoeld is betreft het, in combinatie met
de temperatuur- schakelmodule (bestnr. 19 57 15), aangesloten verbruikers
zoals warmtepompen, ventilatoren (met een max. vermogen van 500 VA) te
schakelen.
Een ander gebruik dan hierboven beschreven is niet toegestaan.
5
Voorwaarden voor het gebruik
Apparaten die bedoeld zijn voor aansluiting op het elektriciteitsnet
mogen alleen werken op 230 V / 50 Hz wisselspanning.
Het gebruik van de module mag alleen geschieden met de daarvoor
voorgeschreven spanning.
Als de stroomkabel beschadigd is, mag deze alleen door een vakman
vervangen worden.
Bij apparaten met een voedingsspanning > 35 Volt mag de eind-
montage alleen door een vakman uitgevoerd worden, onder inachtne-
ming van de VDE- bepalingen.
Op de module aangesloten verbruikers mogen een aansluitcapaciteit
van in totaal max. 500 VA niet overschrijden!
Het maakt niet uit waar en hoe u het apparaat neerzet.
Bij de installatie van het apparaat dient u te letten op een toereikende
kabeldoorsnede van de aansluitkabels!
Trek, als u de kabel uit de wandcontactdoos haalt, uitsluitend aan de
stekker en nooit aan de kabel. Zet nooit zware voorwerpen op de
voedingskabel en buig deze niet in een te krappe radius of om scherpe
hoeken.
De toegestane omgevingstemperatuur (kamertemperatuur) mag tijdens
het gebruik niet lager dan 0 °C en niet hoger dan 40 °C zijn.
Het apparaat is bedoeld voor gebruik in droge en schone ruimtes.
Bij de vorming van condenswater moet een acclimatiseringtijd van
max. 2 uur afgewacht worden.
U dient het apparaat verwijderd te houden van bloemenvazen, bad-
kuipen, wasbakken, vloeistoffen enz.
4