User manual

Schakelschema
Montageschema
g) Lichtgevende diodes
Soldeer de zes LED’s in de juiste polariteit in de printplaat. Het kortere aansluit
pootje markeert de kathode.
Houdt men een lichtgevende diode tegen het licht, dan herkent men de kathode
aan de grotere elektrode in het inwendige van de LED. Op het montageschema
wordt de positie van de kathode door een streepje in de behuizingsomtrek van de
LED aangegeven. Bovendien heeft de LED heeft een afgeplatte rand die met het
montageschema overeenkomen moet.
De aansluitvoetjes van de LED worden voor het monteren in de gaten van de print-
plaat gestopt en daarna gesoldeerd.
De LED’s moeten met een afstand van ongeveer 5 - 10 mm tot de printplaat ge-
soldeerd worden, afhankelijk van de inboouwplek kunnen de LED’s ook worden
gekanteld.
h) Geïntegreerde schakelingen (IC)
Tot slot worden drie IC’s voorzichtig in de daarvoor bestemde tting geplaatst.
Let op!
Geïntegreerde schakelingen zijn gevoelig voor verkeerde polariteit! Let daarom op de respectie-
velijk aanduidingen van de IC’s (inkeping of punt).
IC2 en IC3 zijn bijzonder gevoelige CMOS-IC’s, ze kunnen worden beschadigd door statische
elektriciteit. IC2 en IC3 moeten daarom alleen worden aangeraakt op de behuizing, zonder
daarbij de aansluiting aan te raken. Geïntegreerde schakelingen mogen principieel niet onder
spanning vervangen worden of in de tting gestopt worden, hierdoor worden ze vernietigd.
IC1 = NE 555, CA 555, TBD 0555 of LM 555 Timer IC (inkeping of punt moet naar R 1 wijzen)
GND +UB
Trigger ontlading
Uitgang schakeldrempel
Reset controle spanning
IC2 = CD 4017, HCF 4017 oder MC 14017 Decade-teller (inkeping of punt moet van IC 1 af
wijzen)
Uitgangen
Uitgangen
IC3 = CD 4049, HCF 4049 oder MC 14049 6x Inverter/buffer (inkeping of punt moet naar P1
wijzen)
i) Afsluitende controle
Controleer de schakelingen voor ingebruikname nog een keer, kijk of al componenten correct zijn geplaatst.
Let bij de diverse componenten op de juiste polariteit !
Kijk aan de soldeerkant van de printplaat nog eens of er niet evt. sporen door restanten van soldeersel
zijn overbrugd, hetgeen tot kortsluitingen en vernieling van componenten kan leiden. Verder moet er worden
gecontroleerd, of er afgesneden stukjes draad op de printplaat liggen. Die zouden eveneens kortsluiting
kunnen veroorzaken. Bij de meeste teruggestuurde bouwpakketten zijn de klachten het gevolg van slecht
solderen (koude soldeerposities, verkeerd soldeesel, enz.) en verkeerd gemonteerde componenten.
Denk er ook aan, dat bouwpakketten, waarvan onderdelen met zuurhoudend soldeertin, soldeervet o.i.d. zijn
gesoldeerd, niet kunnen worden hersteld of vervangen.