Pag.
Pag.2 INHOUDSOPGAVE Inleiding 1. Algemeen Pag. 3 2. Beveiliging van het toestel Pag. 3 3. Afstandsbediening Pag. 4 4. Hand bediening Pag. 7 5. Het plaatsen van de houtset Pag. 8 6. Afstand tot brandbare materialen Pag. 10 7. Gastechnische gegevens Pag. 10 8. Concentrisch kanaalsysteem Pag. 11 9. Aanvullende instructies voor Mertik Maxitrol GV60 en afstandsbediening Pag. 14 Problemen en hun mogelijke oplossingen Pag. 16 Afbeeldingen Pag. 18 Belangrijke tips Pag.
Pag.3 Met de aanschaf van deze gashaard wensen wij u veel stookplezier. Lees deze instructies zorgvuldig voordat u de haard installeert en in gebruik neemt. Bewaar deze instructies goed. In geval van storing steeds opgeven: type en serienummer. 1. Algemeen De Beaufort Classic Fire CC wordt compleet geleverd. Bij aflevering dient u direct het toestel op eventuele transportschade te controleren. Is dit het geval dan dient u dit onmiddellijk en zo nauwkeurig mogelijk aan uw leverancier op te geven.
Pag.4 3. Afstandsbediening 3.1 Algemeen * * Het toestel wordt bediend met een radiografische afstandsbediening. Deze bestaat uit een handzender en een ontvanger. De ontvanger is gekoppeld met het gas regelblok. De ontvanger en het gas regelblok bevinden zich in de bedieningskast. 3.2 Handzender * De bediening is door middel van een radiografisch signaal. De signaalcode is af fabriek ingesteld 3.
Pag.5 3.6 * * * * Bediening (Afstandsbediening) Aansteken van het vuur Open de gas afsluitkraan die in de gasleiding naar het toestel is gemonteerd. Druk de “O I” schakelaar, op het gas regelblok, in de “I” positie. Draai de bedieningsknop, op het gas regelblok, in de ON positie. Druk op de handzender de toetsen OFF en (groot) gelijktijdig in. Een kort geluidssignaal zal de start bevestigen. Daarna zullen korte geluidssignaaltjes volgen totdat de waakvlam en hoofdbrander worden ontstoken.
Pag.6 3.8 Instellen van de vlamhoogte / Doven van het vuur * Na ontsteking van de brander gaat de vlamhoogte automatisch naar de maximale stand. * Druk op toets (klein) om het vlambeeld te verlagen en om de brander uit te schakelen. (Doven van het vuur: “STAND BY”). (Kort op toets drukken verlaagt het vlambeeld geleidelijk.) * Druk op (groot) toets om het vlambeeld te verhogen. (Kort op toets drukken verhoogt het vlambeeld geleidelijk.) 3.9 Uitschakelen van het toestel.
Pag.7 4. Handbediening In geval van een defecte afstandsbediening is het mogelijk om het toestel met de hand te bedienen. Hiervoor moet eerst de ontsteek (piëzo)kabel van de ontvanger worden afgenomen en die voorzichtig op de piëzoconnector op het gas regelblok worden geschoven.
Pag.8 5. Het plaatsen van de houtset Let op: De waakvlam brander altijd vrijhouden van brander vulling. Stam In het midden.
Pag.
Pag.10 6. Afstanden tot brandbare materialen Achteraan Bodem 127 mm 0 mm 7, Gas technische gegevens CC UITVOERING I2L I2ELL I2H I2E I2E+ I3P I3+/I3B/P MBAR MBAR Ø KW G25 25 19.5 2.2 6.5 G25 20 18 2.2 6.5 G20 20 12.5 2.2 5.2 G20 20 12.5 2.2 5.2 G20 20 12.5 2.2 5.2 G31 30/37/50 29.5/36/36 1.3 5.89/6.34 G30/31 28-30/37/50 27-29/36/36 1.3 5.8/6.34 KW m³ 7.3 0.798 7 0.798 7.33 0.688 7.33 0.688 7.33 0.688 6.4/6.89 0.256 6.28/6.86 0.
Pag.11 8. Concentrisch kanaalsysteem CC Het concentrisch kanaal systeem is samengesteld uit een binnenkanaal van Ø 100 mm en een buitenkanaal van Ø 150 mm. Deze kanalen zijn concentrisch opgesteld; door het binnenkanaal worden de verbrandingsgassen afgevoerd, tussen binnen- en buitenkanaal wordt de verse verbrandingslucht toegevoerd. Met behulp van het concentrisch kanaalsysteem zijn verschillende aansluitingen mogelijk: Door het dakvlak en door de gevel.
Pag.12 8.1 Aansluitmogelijkheden concentrisch kanaalsysteem Indirecte Geveldoorvoer ( zie Pag.18 afb.1 en 2). Plaats altijd een lengte van X=1 meter verticaal op het toestel, en direct hierna een bocht 90° met hieraan een lengte Y (min.) gevel- doorvoerset. Indien gewenst, kan het horizontale gedeelte tot 5 meter plus geveldoorvoer worden verlengd (Y max.). Attentie : Voor propaan toestellen geldt (Y max.) 4 meter plus geveldoorvoer. Deze horizontale versleping mag nooit worden overschreden.
Pag.13 Montage dakdoorvoering. De uitmonding kan op willekeurige plaats in het dakvlak geschieden (aan- en afvoer in identiek drukgebied), en moet voldoen aan de geldende voorschriften. *Voor een waterdichte doorvoering kan gebruik worden gemaakt van een dakplaat plat voor platdak, of een dakplaat lood voor hellende pannendaken. Indien nodig kan er worden versleept m.b.v. diverse bochten. De sparing in het dakbeschot dient 5 cm. rondom groter te zijn, dit i.v.m. voldoende brandwerendheid.
Pag.14 9. Aanvullende instructies voor Mertik Maxitrol GV60 en Afstandsbediening Zie er op toe dat de aan het toestel toegevoerde brandstoffen schoon zijn en vrij zijn van stofdeeltjes en vocht Voordat een gastoevoerleiding (nieuw of bestaand) wordt aangesloten aan de hoofdgasleiding bij de gas meter en aan het gas regelblok van het toestel dient deze te zijn doorgeblazen met schone en droge perslucht.
Pag.15 Verleng het bijgeleverde thermokoppel aan de waakvlamset niet Ongeoorloofde verlenging van het thermokoppel heeft spanningsvermindering tot gevolg, hierdoor kan de magneetspoel niet worden geactiveerd. Voorkom lekkage van de ontsteekvonk naar andere delen van de installatie dan de ontsteekpen bij de waakvlam Houd de ontsteekkabel vrij van romp of andere metalen onderdelen. Indien kabelverlenging wordt toegepast, zie er op toe dat verbindingen extra worden geïsoleerd met siliconentule.
Pag.16 Problemen en hun mogelijke oplossingen Kijk a.u.b. eerst na of alle richtlijnen werden gevolgd alvorens u de eventuele problemen met het toestel gaat trachten op te lossen. WAARSCHUWING: Het oplossen van problemen met uw kachel, zowel gas technisch als elektrisch, moet steeds gebeuren door een bevoegd technicus. SYMPTOOM TE ONDERNEMEN AKTIE De waakvlam wil niet branden. Na herhaaldelijk drukken op de ontstekingsknop. 1.
Pag.17 Problemen en hun mogelijke oplossingen, vervolg.... SYMPTOOM TE ONDERNEMEN AKTIE De hoofdbrander dooft wanneer het toestel warm is. 1. Dit kan een normale werking van de thermostaat zijn. (AB) Kijk na of de waakvlam de thermokoppel voldoende kan verwarmen. Als de waakvlam te klein is dan moet u de gastoevoer of de waakvlamafstelling nakijken. Roetafzetting op de glasdeur. 1. Controleer of de blokken en de korrels goed in de kachel liggen.
Pag.
Pag.
Pag.20 Belangrijke tips voor het stoken met gas of hout gestookte kachels en haarden. Voorkom verkleuring van wanden en plafonds! In elke woonruimte bevinden zich altijd stofdeeltjes in de lucht ook als er regelmatig gestofzuigd wordt! Deze deeltjes zijn goed zichtbaar in binnenvallende zonnestralen. Zolang de hoeveelheden stofdeeltjes in de lucht beperkt blijven, zult u hiervan geen last ondervinden.