User Manual

Table Of Contents
hierboven), waarvan de prioriteit groter is dan het minteken, dat een prefix-
symbool is (prioriteit 5).
Voorbeeld:
((-))2     -2
2
= -4
((-))2  (-2)
2
= 4
Berekeningsbereik, aantal cijfers en
nauwkeurigheid
Het berekeningsbereik, het aantal cijfers dat voor interne berekeningen
wordt gebruikt en de berekeningsnauwkeurigheid hangen af van het soort
berekening dat u uitvoert.
Berekeningsbereik en -nauwkeurigheid
Berekeningsbereik ±1 × 10
-99
tot ±9,999999999 × 10
99
of 0
Aantal cijfers voor interne
berekening
23 cijfers
Nauwkeurigheid
In het algemeen is de nauwkeurigheid
±1 op het 10e cijfer voor
een enkelvoudige berekening. De
nauwkeurigheid voor exponentiële
weergave is ±1 op het laatste
significante cijfer. Fouten zijn
cumulatief in geval van opeenvolgende
berekeningen.
Invoerbereik van functieberekeningen en
nauwkeurigheid
Functies Invoerbereik
sinx
cosx
Graden (D)
0 |x| < 9 × 10
9
Radialen
0 |x| < 157079632,7
Grad
0 ≤ |x| < 1 × 10
10
83