User manual

2572-3
Timer starttijd: 10 minuten; Tweede starttijd: 5 minuten; Timerfunctie:
verstreken tijd; Voortgangssignaal: uit.
De timer instellen
Als de starttijd niet getoond wordt, gebruik de procedure bij “De timer
gebruiken” om deze te tonen.
2. Druk op C om de het knipperen op de hieronder getoonde wijze te
verplaatsen om andere instellingen te selecteren.
3. Als de gewenste instelling knippert, gebruik D en B om deze als
hieronder beschreven te wijzigen.
4. Druk op A om het instelscherm te verlaten.
De instelling van de tweede starttijd dient korter te zijn dan de instelling
van de starttijd van de timer.
De timer gebruiken
De tabel hieronder beschrijft de knopbedieningen die u kunt uitvoeren
om de diverse timerbedieningen te kiezen.
De tabel hieronder beschrijft de knopbedieningen die u kunt uitvoeren
gedurende een verstreken tijdmeting in de verstreken tijdfunctie.
ALARMEN
Er zijn vijf alarmschermen genummerd 1 tot en met 5. Het
uursignaalscherm wordt aangegeven door :00.
Als u de alarmfunctie selecteert, verschijnt eerst het scherm dat u bekeek
toen u deze functie de laatste keer verliet.
Alle bedieningen in deze sectie worden uitgevoerd in de alarmfunctie,
die u selecteert door op C te drukken.
Een alarmtijd instellen
U kunt alarm 1 als wekalarm of eenmalig alarm instellen. Alarm 2 tot
en met 5 kunnen uitsluitend als eenmalig alarm gebruikt worden.
Het wekalarm herhaalt zich elke vijf minuten.
2. Nadat u een alarm geselecteerd heeft, houd A ingedrukt totdat de
uurcijfers van de alarmtijd beginnen te knipperen, wat aangeeft dat het
instelscherm geselecteerd is.
3. Druk op C om het knipperen tussen de instelling van het uur en de
minuten te verplaatsen.
4. Als een instelling knippert, gebruik D (+) en B (-) om deze te
veranderen.
Als u de alarmtijd instelt met gebruikmaking van de 12-uur weergave,
let er dan op dat u de tijd correct als ochtendtijd (geen indicator) of
middag/avondtijd (P indicator) instelt.
5. Druk op A om het instelscherm te verlaten.
Alarm bediening
Het alarm klinkt op de ingestelde tijd gedurende ongeveer 10 seconden. In
het geval van een wekalarm wordt de alarmoperatie elke vijf minuten, in
totaal zeven keer, uitgevoerd, totdat u het alarm uitschakelt of deze
verandert naar een eenmalig alarm.
Noot
Door op een willekeurige knop te drukken stopt het alarm.
Door een van de volgende bedieningen uit te voeren gedurende een 5-
minuten interval tussen wekalarmen stopt de huidige wekalarmoperatie.
Het tijdfunctie instelscherm tonen.
Het alarm 1 instelscherm tonen.
Het alarm testen
In de alarmfunctie, houd D ingedrukt om het alarm te laten klinken.
Alarm 2 tot en met 5 in- en uitschakelen
De eenmalig alarm aan indicator wordt in alle functies getoond.
Als een willekeurig alarm is ingeschakeld, wordt de alarm aan indicator
in alle functies op het display getoond.
De werking van alarm 1 selecteren
1. In de alarmfunctie, gebruik D om alarm 1 te selecteren.
2. Druk op B om door de beschikbare instellingen op de hieronder getoonde
wijze te bladeren.
De van toepassing zijnde alarm aan indicator (ALM of SNZ ALM)
wordt in alle functies getoond als een alarm is ingeschakeld.
De SNZ indicator knippert gedurende de 5-minuten intervallen tussen de
alarmen.
Als u het alarm 1 instelscherm toont terwijl het wekalarm is
ingeschakeld, wordt het wekalarm automatisch uitgeschakeld (waardoor
alarm 1 een eenmalig alarm wordt).
1.
Als de starttijd in de timerfunctie op het display getoond
wordt, houd A ingedrukt totdat de instelling van de
starttijd begint te knipperen, wat aangeeft dat het
instelscherm geselecteerd is.
In de timerfunctie, druk op D om de
timer te starten.
De aftelling gaat door, zelfs als u de timerfunctie verlaat.
U kunt vijf onafhankelijke dagelijkse alarmen
instellen. Als een alarm is ingeschakeld, klinkt het
alarm als de alarmtijd bereikt is. Een van de alarmen
kan worden ingesteld als een wekalarm of een
eenmalig alarm terwijl de andere vier eenmalige
alarmen zijn. U kunt ook een uursignaal inschakelen
waarna het horloge elk heel uur twee keer een signaal
geeft.
1.
In de alarmfunctie,
gebruik D om door de
alarmschermen te bladeren totdat het alarm
waarvan u de tijd wilt instellen getoond wordt.
1.
In de alarmfunctie, gebruik D om een eenmalig
alarm (alarmnummer 2 tot en met 5) te selecteren.
2. Druk op B om het alarm in of uit te schakelen.
Door een eenmalig alarm (2 tot en met 5) in te
schakelen, wordt de eenmalig alarm aan indicator
(
ALM
) op he
t scherm getoond.